1. Grondwet en grondrechten: wat is de Grondwet? (ISK/NT2)

Les 1: Wat is de Grondwet?

GRONDWET

&

GRONDRECHTEN

Actief! Burgerschap

ISK / NT2

1 / 21
volgende
Slide 1: Slide
newEditorMentorlesBurgerschap+2ISK

In deze les zitten 21 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min
Dit is niet oké

Introductie

Les 1 van het thema Grondwet & grondrechten van Actief! Leerlingen leren in eenvoudig Nederlands wat de Grondwet is en wat een grondrecht is, oefenen met foto's het verschil tussen klassieke en sociale grondrechten, ontdekken de 23 grondrechten in een klikbaar grondwetwiel en ontdekken wat die grondrechten met hun eigen leven te maken hebben. Ze maken een eigen top 3 en vergelijken die in een groepje. Sluit aan bij de SLO-kerndoelen burgerschap 18A (democratische oefenplaats) en 19A (basiswaarden van de democratische rechtsstaat), en bij LOWAN Burgerschap op de ISK, dimensie 3 (democratische waarden).

Onderdelen in deze les

Les 1: Wat is de Grondwet?

GRONDWET

&

GRONDRECHTEN

Actief! Burgerschap

ISK / NT2

Deze slide heeft geen instructies

Hoe werkt het?

  • Dit weet je al

  • Dit leer je nu

  • Doen

  • Terugkijken

  • Kijken

  • Klik hier

  • Afbeelding vergroten

Deze slide heeft geen instructies

Na de les:

  • Je weet wat de Grondwet is.

  • Je weet wat een grondrecht is.

  • Je kent het verschil tussen klassieke en sociale grondrechten.

  • Je kunt zeggen welke grondrechten jij belangrijk vindt.

Aan het eind van de les kunnen de leerlingen in eenvoudige woorden zeggen wat de Grondwet en grondrechten zijn. Ook kunnen ze vertellen wat grondrechten met hun eigen leven te maken hebben.

Belangrijke woorden

de wet = een regel van het land

de Grondwet = de belangrijkste wet van Nederland

het recht = dit mag je, of dit krijg je

de plicht = dit moet je doen

het grondrecht = een belangrijk recht uit de Grondwet

de overheid = de regering en de gemeente: zij besturen het land

Lees de woorden samen hardop. Laat leerlingen elk woord herhalen.

Wat weet jij al

over de Grondwet?

Activeer de voorkennis. Leerlingen geven korte antwoorden: één woord of een korte zin. Ze mogen ook vertellen over de grondwet van hun eigen land.

Bespreek een paar antwoorden. Vertel: veel landen hebben een grondwet. In deze les leer je over de Grondwet van Nederland.

De Grondwet

De Grondwet is de belangrijkste wet van Nederland.

In de Grondwet staat:

  • hoe het land bestuurd wordt

  • welke rechten mensen hebben

  • wat de overheid moet doen

Andere wetten moeten passen bij de Grondwet.

Een grondwet is een set regels en afspraken die het fundament vormen van een land. Het beschrijft hoe de regering werkt, wat de rechten en plichten van burgers zijn, en de basisregels van eerlijkheid en gelijkheid.

Vergelijk het met een handleiding: de Grondwet zegt hoe het land wordt bestuurd en hoe we met elkaar omgaan.

Op de foto: het Binnenhof in Den Haag. Hier werken de regering en het parlement. Zij maken de wetten.

Image credit: Mees Ras / Unsplash

Het grondrecht

het grondrecht (meervoud: de grondrechten)

Een grondrecht is een belangrijk recht. Het staat in de Grondwet.

De meeste grondrechten gelden voor iedereen in Nederland. Ook voor jou!

Nederland heeft 23 grondrechten.

Grondrechten zijn de belangrijke rechten die mensen hebben omdat ze in Nederland wonen. Ze beschermen iedereen en zorgen ervoor dat mensen eerlijk en gelijk behandeld worden. Je kunt ze zien als de 'grote spelregels' van een land.

Voorbeelden: vrijheid van meningsuiting (je mag zeggen wat je denkt), het recht op onderwijs (je mag naar school) en gelijke behandeling (iedereen wordt eerlijk behandeld).

Let op: de meeste grondrechten gelden voor iedereen die in Nederland is, ook voor nieuwkomers. Een paar rechten zijn alleen voor Nederlanders, zoals stemmen voor de Tweede Kamer.

Vraag: welke grondrechten ken je al? Image credit: Declaration of the Rights of Man and of the Citizen in 1789, Wiki Commons

Twee soorten grondrechten

Klassieke grondrechten

De overheid laat je vrij. De overheid mag deze vrijheid niet afpakken.

Voorbeeld: Je mag zeggen wat je denkt.

Sociale grondrechten

De overheid zorgt voor je. Iedereen moet goed kunnen leven.

Voorbeeld: Er is goed onderwijs voor iedereen.

Klik om de twee soorten een voor een te laten zien.

Klassieke grondrechten (de burgerlijke en politieke rechten) beschermen burgers tegen de overheid: de overheid mag zich niet zomaar met je bemoeien. Voorbeelden: gelijke behandeling, vrijheid van meningsuiting, vrijheid van godsdienst, privacy.

Sociale grondrechten (de economische, sociale en culturele rechten) vragen juist iets van de overheid: die moet zorgen voor wat mensen nodig hebben om goed te leven en mee te doen. Voorbeelden: onderwijs, werk, zorg, huisvesting.

Een trucje: klassiek = de overheid laat je vrij. Sociaal = de overheid zorgt voor je.

Is het een KLASSIEK

of een SOCIAAL grondrecht?

Op de volgende vier slides kiezen de leerlingen steeds of het een klassiek of een sociaal grondrecht is. Gebruik het trucje van de vorige slide.

Je mag zeggen wat je denkt.

A

klassiek

B

sociaal

Antwoord: klassiek. Dit is de vrijheid van meningsuiting (artikel 7). De overheid laat je vrij om je mening te zeggen. Image credit: Matthias Wagner / Unsplash

De overheid zorgt voor goed onderwijs.

A

klassiek

B

sociaal

Antwoord: sociaal. Dit is het recht op onderwijs (artikel 23). De overheid zorgt ervoor dat er scholen zijn. Daarom zitten jullie nu hier op school! Image credit: Quilia / Unsplash

Je mag met andere mensen demonstreren.

A

klassiek

B

sociaal

Antwoord: klassiek. Dit is de vrijheid van vergadering en betoging (artikel 9). De overheid laat je vrij om samen met anderen te laten zien wat je vindt. Image credit: Alex Radelich / Unsplash

De overheid zorgt dat er genoeg huizen zijn.

A

klassiek

B

sociaal

Antwoord: sociaal. Dit staat in artikel 22: de overheid zorgt voor genoeg woningen en voor goede zorg. Image credit: Matheo JBT / Unsplash

23

grondrechten

Klik op een nummer.

Lees het grondrecht.

7
1
2
3
4
5
6
8
9
10
11
12
13
14
15
19
20
21
22
23
16
17
18

Alle grondrechten staan in de Grondwet. In Nederland zijn er 23 grondrechten. Klik op een nummer: dan zie je het grondrecht in eenvoudige woorden.

Laat leerlingen om de beurt een nummer kiezen. Lees het grondrecht samen hardop.

Bedenk drie grondrechten voor onze klas.

Zo begin je: In onze klas mag iedereen … / In onze klas heeft iedereen recht op …

Laat de leerlingen drie 'grondrechten' voor de klas bedenken. Wat vindt de klas heel belangrijk in gedrag en omgang?

Voorbeelden: In onze klas mag iedereen zijn mening zeggen. In onze klas heeft iedereen recht op hulp. In onze klas wordt niemand uitgelachen.

Wat heeft dit grondrecht met jou te maken?

1.

2.

  1. Draai aan het rad met de grondrechten.

  2. Draai aan het rad met de namen.

  3. Vertel: Dit grondrecht is belangrijk voor mij, want …

Met devices: Klik op het eerste rad. Hierin staan alle 23 grondrechten. Er wordt een grondrecht gekozen. Klik daarna op het tweede rad: hierin staan de namen van de leerlingen. Vraag de gekozen leerling wat dit grondrecht met hem of haar te maken heeft. Laat leerlingen eventueel eerst terugkijken naar het grondwetwiel.

Zonder devices: Sla het tweede rad over. Laat leerlingen hun vinger opsteken.

Herhaal dit minimaal drie keer, tot de klas snapt dat grondrechten ook over hun eigen leven gaan. Voorbeeld: artikel 23 (onderwijs) zorgt ervoor dat jij naar school mag.

Wat is jouw top 3? Sleep 3 grondrechten.

1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23

Laat de leerlingen hun mening geven over de Grondwet. Welke grondrechten vinden vinden zij het meest belangrijk voor zichzelf?

Note: Er is geen goed of fout antwoord bij deze opdracht.

Tip: klik op de hotspot om de grondrechten opnieuw te lezen.


Met device:

Klik op 'toon bij leerling', zodat de leerlingen op hun eigen device de hotspots kunnen aanklikken en verslepen.

 Laat de leerlingen zelfstandig nadenken over hun eigen top drie. De hotspots met de grondrechten kunnen ze verslepen naar de cirkels met medaille 1, 2 en 3.

Laat ze daarna voor zichzelf beredeneren waarom deze drie zo belangrijk zijn voor hen. Wat voor effect hebben deze grondrechten op in je dagelijks leven?

Maak vervolgens groepjes van vier. Ieder groepje bespreekt hun eigen top drie en hun redeneringen. 

Het groepje maakt na de bespreking een gezamenlijke top drie en maakt per team één screenshot van de top drie van het team. Deze screenshot is nodig voor de volgende opdracht.

Zonder device:

De leerlingen schrijven op een blaadje hun eigen top drie en bedenken hierbij hun eigen beredenering. (Waarom zijn deze belangrijk? Wat voor effect heeft deze grondwet op mij in mijn dagelijks leven?)

Maak vervolgens groepjes van vier. Ieder groepje bespreekt hun eigen top drie en hun redeneringen.

Het groepje maakt na de bespreking één gezamenlijke top drie en schrijft die op een briefje. 

Wat is de top 3 van jullie groepje?

Zo begin je: Onze nummer 1 is … , want …

Laat elk groepje de top 3 vertellen en uitleggen. Groepjes kunnen ook een foto of screenshot van hun top 3 sturen.

Vraag daarna: welk grondrecht staat in bijna elke top 3? Waarom is dat grondrecht zo belangrijk voor de klas?

Sleep de woorden naar de goede plek.

De


is de belangrijkste wet van Nederland.

Een


is een belangrijk recht.

Je mening zeggen is een


grondrecht.

Onderwijs is een


grondrecht.

sociaal

grondrecht

plicht

Grondwet

klassiek

Een korte check op de belangrijkste woorden van de les. De leerlingen slepen elk woord naar de goede plek in de zinnen. Elk woord past op één plek. Let op: 'plicht' past nergens.

Laat leerlingen hun antwoord uitleggen met het trucje: klassiek = de overheid laat je vrij, sociaal = de overheid zorgt voor je.

Wat ga je onthouden van deze les?

Zo begin je: Ik ga onthouden dat …

Reflecteer met de leerlingen op de les: wat weten ze nu over de Grondwet en grondrechten? Extra vraag voor sterke leerlingen: welk grondrecht zou jij nog willen toevoegen aan de Grondwet? Daar gaat de volgende les over.

Deze slide heeft geen instructies