Zwakke Werkwoorden herhaling



Was machen wir heute?
1 / 29
volgende
Slide 1: Tekstslide
DuitsMiddelbare schoolvmbo b, kLeerjaar 1

In deze les zitten 29 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les



Was machen wir heute?

Slide 1 - Tekstslide

Deze les:
  • Herhaling werkwoorden via filmpje en test vragen
  • Oefenen met socrative spacerace
  • Herhaling via je werkboek door maken van oefeningen


Slide 2 - Tekstslide

Weet je het ezelsbruggetje voor
werkwoorden nog?
Ich gehe
Du gehst etc.

Slide 3 - Woordweb

Slide 4 - Video

Dus hoe zit het?

Ezelsbruggetje FEesttenten

ich, du, er/es/sie, wir, ihr, sie, Sie  IDEWIsS

Schrijf over in je boek op blz 172


Slide 5 - Tekstslide

Noem de 2
ezelsbruggetjes
nog eens.

Slide 6 - Woordweb

Stam van een werkwoord in het Duits is?
A
ik vorm (ich)
B
infinitief van het werkwoord
C
Hele werkwoord -n
D
Hele werkwoord -en

Slide 7 - Quizvraag

er=
A
zij
B
het
C
hij
D
hem

Slide 8 - Quizvraag

es=
A
het
B
hij
C
zij
D
zij(mv)

Slide 9 - Quizvraag

Sie
A
hij
B
u
C
zij
D
wij

Slide 10 - Quizvraag

ihr =
A
zij(mv)
B
wij
C
jullie
D
zij

Slide 11 - Quizvraag

du
A
jij
B
jullie
C
wij
D
zij

Slide 12 - Quizvraag

Welke uitgang komt er achter de stam? Du (gehen)

Slide 13 - Open vraag

Welke uitgang komt er achter de stam? Sie (u) (trinken)

Slide 14 - Open vraag

Welke uitgang komt er achter de stam? Peter (schreiben)

Slide 15 - Open vraag

Welke uitgang komt er achter de stam? Ihr (wohnen)

Slide 16 - Open vraag

Welke uitgang komt er achter de stam? Wir (machen)

Slide 17 - Open vraag

Welke uitgang komt er achter de stam?
Ich (kochen)

Slide 18 - Open vraag

Sie (u) (gehen)

Slide 19 - Open vraag

Hulpregels werkwoorden zijn?
A
idewis en stenten
B
idewisS en etenten
C
idewisS en FEesttenten

Slide 20 - Quizvraag

Ga naar socrative

Log in met roomname MRSSAALTINK

Ga op zoek naar de mensen met dezelfde kleur en ga bij elkaar zitten! Wacht met starten tot de docent het zegt.

Kies 1 persoon uit die de antwoorden gaat invoeren.

Diegene die het snelst is wint..



Slide 21 - Tekstslide

Maak de volgende opdrachten zelfstandig uit het boek!

Blz 154  opdracht 11,12,13, 14, 15 en 16


Slide 22 - Tekstslide

Let op!

Wanneer de stam van een werkwoord eindigt op een d of t dan komt er een extra e bij.

Kijk maar:

Du antwortest

er antwortet

ihr antwortet


Slide 23 - Tekstslide

Welke uitgang komt er achter?
du (finden)
A
findst
B
findest
C
findet

Slide 24 - Quizvraag

Welke uitgang komt er achter?
Er (warten)
A
wartt
B
warten
C
wartet

Slide 25 - Quizvraag

Welke uitgang komt er achter?
ihr (baden)
A
badet
B
badt
C
baden

Slide 26 - Quizvraag

Welke uitgang komt er achter?
du arbeiten
A
arbeitet
B
arbeitst
C
arbeitest
D
arbeiten

Slide 27 - Quizvraag

Oefenen

Oefen met het werkblad dat je van de docent krijgt!

Binnekort so met de werkwoorden. Inclusief het werkwoord sein!

Slide 28 - Tekstslide

Einde les
Spullen inpakken!
Blijven zitten totdat de bel gaat.
Straks stoel aanschuiven!

Slide 29 - Tekstslide