Mini-les kleding regels

Van kledingregel
naar gedrag

Mini-les • ±30 minuten

1 SIGNALEREN

Van schoolomgeving naar onderzoeksvraag

2 BEGRIJPEN

Lalonde, persoon & omgeving, ASE

3 TOEPASSEN

Drie ladders, casus en interventie

1

1 / 12
volgende
Slide 1: Slide
newEditorZorg en WelzijnMiddelbare schoolvmbo b, kLeerjaar 3

In deze les zitten 12 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Van kledingregel
naar gedrag

Mini-les • ±30 minuten

1 SIGNALEREN

Van schoolomgeving naar onderzoeksvraag

2 BEGRIJPEN

Lalonde, persoon & omgeving, ASE

3 TOEPASSEN

Drie ladders, casus en interventie

1

Startdilemma

Wat zou jij doen?

Een leerling komt jouw les binnen in een trainingspak. Volgens de nieuwe kledingregels is dit niet toegestaan. De leerling zegt: “Ik heb vandaag al drie andere docenten gehad en niemand heeft er iets van gezegd.”

A Meteen aanspreken

B Na de les aanspreken

C Niets doen

D Eerst vragen wat er speelt

2

Van signalering naar onderzoek

Ik begon breed en koos daarna één actueel thema

Fysieke omgeving

o.a. voorzieningen en aanbod

Sociale omgeving

omgang, veiligheid en erbij horen

Organisatiestructuur

regels, afspraken en toezicht

3

Mijn keuze: de nieuwe kledingregels

Nieuw en actueel; interessant door de combinatie van schoolorganisatie en de eigen verantwoordelijkheid van leerlingen.

Mijn onderzoeksvraag

Hoe kan De Goudse Waarden in het schooljaar 2026–2027 de bewustwording van leerlingen over de nieuwe kledingregels vergroten, zodat leerlingen beter begrijpen wat de regels zijn, waarom ze zijn ingevoerd en welke verantwoordelijkheid zij zelf hebben bij het naleven ervan?

1

Wat zijn de regels?

2

Waarom bestaan ze?

3

Wat is mijn verantwoordelijkheid?

4

Health Field Model van Lalonde

Gezondheid wordt vanuit meerdere gebieden bekeken

Biologische
factoren

Leefstijl /
gedrag

Omgeving

(Zorg)-
voorzieningen

Mijn onderwerp: vooral omgeving ↔ gedrag

5

GEZONDHEID

Waarom doet een leerling wat hij doet?

Persoon en omgeving beïnvloeden elkaar

PERSOON DETERMINATEN

Kennis / bewustwording

A Attitude – wat vind ik?


S sociale invloed -welke invloed hebben andere mensen op mij?

E Eigen-effectiviteit – kan ik het?

OMGEVING DETERMINATEN
Vrienden en klasgenoten

Ouders / thuis

Docenten en school

Regels en sociale normen

ASE = Attitude • Sociale invloed • Eigen-effectiviteit

6

De drie ladders van Iliass El Hadioui

Een lens op verschillende contexten rond een leerling

THUISCULTUUR

Wat thuis normaal of belangrijk wordt gevonden.

STRAATCULTUUR

Normen en verwachtingen in de sociale omgeving / peergroep.

SCHOOLCULTUUR

Regels en verwachtingen binnen de school.

Wat als de verwachtingen botsen?

7

Groepsopdracht: gedragsdetectives

5 minuten in kleine groepjes

CASUS – Jayden

Jayden draagt regelmatig een trainingspak naar school. Hij weet dat dit volgens de nieuwe kledingregels niet is toegestaan.

Thuis vinden zijn ouders dit geen probleem. Zijn vrienden dragen vaak dezelfde soort kleding en vinden de regel overdreven.

Op school wordt Jayden soms aangesproken, maar niet door iedere docent. Hij zegt: “Ik snap de regel wel, maar waarom zou ik me eraan houden als anderen het ook dragen?”

1 Welke persoonsdeterminanten herken je?

2 Welke omgevingsdeterminanten herken je?

3 Wat zie je terug van thuis, straat en school?

4 Wat zou jij proberen te beïnvloeden – en waarom?

8

5

minute

00

second

Van analyse naar interventie

Niet eerst een oplossing kiezen — eerst weten wat er speelt

Weinig kennis


duidelijker uitleggen wat de regels zijn


Onbegrip / attitude


in gesprek over het waarom en perspectieven


Sociale invloed


werken aan groepsnorm en eenduidigheid


Barrières / eigen-effectiviteit


onderzoeken wat naleven moeilijk maakt


Mijn volgende stap: leerlingonderzoek → belangrijkste factor bepalen → passende interventie

9

Afsluiting & feedback

1. In hoeverre heb ik Lalonde duidelijk en passend toegepast op mijn analyse van de kledingregels?

2. Maakt mijn analyse duidelijk hoe schoolomgeving en organisatiestructuur invloed kunnen hebben op leerlingen?

3. Komt mijn onderzoeksvraag logisch voort uit mijn signalering en analyse?

Noem bij je feedback ook één sterk punt en één concreet verbeterpunt.

10