In deze les zitten 23 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.
Lesduur is: 50 min
Onderdelen in deze les
Hoofdstuk 1 (2)
Hoofdstuk 2 (6)
Slide 1 - Tekstslide
Leerdoelen Katern 4 H 2.3
Je kunt de verschillen uitleggen tussen het omslagstelsel en het kapitaaldekkingsstelsel.
Je kunt oorzaken geven waardoor pensioenuitkeringen in gevaar komen.
Slide 2 - Tekstslide
Planning
Vervolg uitleg paragraaf 2.3
Maak opdracht 31 t/m 34 (blz.66 en 67)
Slide 3 - Tekstslide
nos.nl
Slide 4 - Link
Omslagstelsel
Solidariteit tussen generaties komt vooral tot uiting in de AOW (algemene ouderdomswet).
Dit wordt gefinancierd door het omslagstelsel. D.w.z. de huidige uitkeringen worden gefinancierd door de huidige premiebetalers.
Vanwege de vergrijzing is besloten de AOW-leeftijd te verhogen.
Slide 5 - Tekstslide
Kapitaaldekkingsstelsel
Eigen (particuliere) pensioenen worden gefinancierd door het kapitaaldekkingsstelsel: tijdens je werkende periode betaal je premie, zodat je daar na je pensioen een uitkering uit kunt krijgen. Je spaart als het ware voor je eigen pensioen.
Slide 6 - Tekstslide
0
Slide 7 - Video
Bevolkingspyramides NL
Slide 8 - Tekstslide
Slide 9 - Tekstslide
Omslagstelsel
De AOW (staatspensioen) werkt volgens het omslagstelsel.
De werkenden (actieven) van nu betalen premie voor de AOW uitkering aan de senioren (inactieven) van nu.
Slide 10 - Tekstslide
Hoe houden wij in Nederland de AOW (staatspensioen) betaalbaar?
A
premie verhogen
B
uitkering verlagen
C
pensioenleeftijd verhogen
D
pensioenleeftijd verlagen
Slide 11 - Quizvraag
Slide 12 - Tekstslide
Kapitaaldekkingsstelsel
Een pensioenfonds (bedrijfspensioen) werkt volgens het kapitaaldekkingsstelsel.
De werkenden van nu betalen premie voor hun eigen pensioenuitkering voor later.
Slide 13 - Tekstslide
Slide 14 - Tekstslide
De lonen stijgen met 1,5%, de inflatie is 1,4% en de AOW stijgt met 1,45%. De AOW is:
A
waardevast EN
welvaartsvast
B
waardevast MAAR NIET
welvaartsvast
C
niet waardevast EN
niet welvaartsvast
D
niet waardevast WEL
welvaartsvast
Slide 15 - Quizvraag
Bij het omslagstelsel ...
A
betaalt iedereen voor zichzelf
B
zijn uitkeringen waardevast
C
zijn uitkeringen welvaartsvast
D
is er sprake van verplichte solidariteit
Slide 16 - Quizvraag
Slide 17 - Video
3 Pijlers pensioen
Pijler 3: Zelf gespaard
Pijler 2: Bedrijfspensioen
Pijler 1: AOW uitkering
Slide 18 - Tekstslide
Twee uitspraken:
I. Een welvaartsvast pensioen houdt in dat de koopkracht is gegarandeerd. II. Als het minimumloon stijgt, stijgt ook het sociaal minimum.
A
Uitspraak I is onjuist, uitspraak II is juist
B
Beide uitspraken zijn onjuist
C
Beide uitspraken zijn juist
D
Uitspraak I is juist, uitspraak II is onjuist
Slide 19 - Quizvraag
Bezuinigen op de AOW-uitkeringen kan door middel van:
A
Overstap van omslagstelsel naar kapitaaldekkingsstelsel in combinatie met een waardevaste uitkering.
B
Overstap van omslagstelsel naar kapitaaldekkingsstelsel in combinatie met een welvaartsvaste uitkering.
C
Overstap van kapitaaldekkingsstelsel naar omslagstelsel in combinatie met een waardevaste uitkering.
D
Overstap van kapitaaldekkingsstelsel naar omslagstelsel in combinatie met een welvaartsvaste uitkering.
Slide 20 - Quizvraag
https:
Slide 21 - Link
Maak
opdracht 31 t/m 34 (blz.66 en 67)
Slide 22 - Tekstslide
Leerdoelen Katern 4 H 2.3
Je kunt de verschillen uitleggen tussen het omslagstelsel en het kapitaaldekkingsstelsel.
Je kunt oorzaken geven waardoor pensioenuitkeringen in gevaar komen.