Paragraaf 4.1 - Een stroomkring maken ONLINE

-Tas in kast
-laptop, etui,  planagenda en boek op tafel                                           
1 / 46
volgende
Slide 1: Tekstslide
NatuurkundeMiddelbare schoolvmbo k, g, tLeerjaar 1,2

In deze les zitten 46 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 4 videos.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

-Tas in kast
-laptop, etui,  planagenda en boek op tafel                                           

Slide 1 - Tekstslide

-Tas in kast
-laptop, etui,  planagenda en boek op tafel                                           

Slide 2 - Tekstslide

-Tas in kast
-laptop, etui, planagenda en boek op tafel                                          

Slide 3 - Tekstslide

-Tas in kast
-laptop, etui, planagenda en boek op tafel    

Slide 4 - Tekstslide

-Tas in kast
-laptop, etui, planagenda en boek op tafel                                 

Slide 5 - Tekstslide

huiswerk / plan agenda
vak:          nask
datum:
lesuur:
huiswerk:  maken H4.1 opg. 1 t/m 8 , 10 t/m 13  (blz 146-148)





Slide 6 - Tekstslide

leerdoelen
je kunt uitleggen hoe je een gesloten stroomkring maakt
je weet het verschil tussen geleiders en isolatoren
je kunt een aantal geleiders en isolatoren noemen
je kunt beschrijven wat elektrische stroom is
je kunt uitleggen hoe je stroomsterkte meet

Slide 7 - Tekstslide

Hoofdstuk 4 elektriciteit
-uitleg stroomkring
-vragen maken
-uitleg geleider, isolator en schakelaar
-vragen maken
-uitleg stroom meter
-vragen maken
timer
10:00

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Video

Werking van een stroomkring
NaSk Techniek - Praktijk

Slide 10 - Tekstslide

Slide 11 - Tekstslide

zelf stroomkring maken
hoe laat ik een lampje branden op een batterij.
wie kan dat uitleggen?

Slide 12 - Tekstslide

 Een gesloten stroomkring maken

Slide 13 - Tekstslide

Slide 14 - Video

Introductie
Je komt in huis allerlei apparaten tegen die op elektriciteit werken. Zoals ...............?

Slide 15 - Tekstslide

lading
  • -stroom, stroomkring : iets stroomt of beweegt er door de snoeren en het lampje.
  • -dat "iets" hebben ze bij NaSk de naam LADING  gegeven.
  • -een electrische stroom bestaat uit bewegende lading.
  • -als stroomkring onderbroken wordt valt die beweging stil, de lading is er nog wel maar kan niet meer door de stroomkring heen bewegen.
 

Slide 16 - Tekstslide

schakelaar
Hoe werkt een schakelaar?

Slide 17 - Tekstslide

Isolerende en geleidende stoffen

Slide 18 - Tekstslide

hoe werkt dat?
een bureaulamp met kabel en stekker?

Slide 19 - Tekstslide

Geleiders 

  • Stoffen waar een elektrische stroom gemakkelijk doorheen kan lopen, heten geleiders. 

  • noem voorbeelden van geleiders?
Isolatoren 

  • Stoffen die een elektrische stroom niet of heel slecht doorlaten, heten isolatoren. 

  • noem voorbeelden van isolatoren?

Slide 20 - Tekstslide

vragen maken H4.1
vraag 1 t/m 10   (blz 143 en verder)



-klaar?     
-ga naar  teamtegel mnn, bestanden, hoofdstuk 4 elektriciteit 
 en maak een stroomkring


timer
10:00

Slide 21 - Tekstslide

volgende week: stroom meten

Slide 22 - Tekstslide

opruim schema:   vandaag tafel 5 en 6

Slide 23 - Tekstslide

vandaag
-maken test jezelf H4.1
-herhaling
-stroom meten
-werken aan voertuig/ afmaken 3D tekening huis

Slide 24 - Tekstslide

maken test jezelf H5.1
timer
10:00

Slide 25 - Tekstslide

leerdoelen H5.1
je kunt uitleggen hoe je een gesloten stroomkring maakt
je weet het verschil tussen geleiders en isolatoren
je kunt een aantal geleiders en isolatoren noemen
je kunt beschrijven wat elektrische stroom is

Slide 26 - Tekstslide

 Een gesloten stroomkring maken

Slide 27 - Tekstslide

Isolerende en geleidende stoffen

Slide 28 - Tekstslide

De stroom meten
 Met een stroommeter kun je meten hoe ‘sterk’ de elektrische stroom door een stroomkring is. 

Je meet  op een bepaald punt in de stroomkring hoeveel lading er in 1 seconde voorbijkomt.
hoeveelheid lading in 1 seconde is de stroomsterkte


 

Slide 29 - Tekstslide

De stroomsterkte heeft als eenheid de ampère (A)
  • Een stroommeter wordt ook wel ampèremeter genoemd.
  • Als de stroomsterkte klein is, meet je de stroom meestal in milliampère (mA).

  • Omrekenen doe zo:   1 A = .........mA                     1 mA = .........A
  • 1 A = 1000 mA 
  • 1 mA = 0,001 A

Slide 30 - Tekstslide

Twee manieren om de stroomsterkte te meten.
De stroomsterkte is op elke plaats in de stroomkring even groot (zie figuur ). Het maakt dan ook niet uit waar je de stroommeter in de stroomkring opneemt: links of rechts van het lampje.

Slide 31 - Tekstslide

Slide 32 - Video

Slide 33 - Link

Slide 34 - Video

vragen maken H4.1
vraag 10 t/m 13   (blz 143 en verder)

klaar?         je buurman/buurvrouw ook  klaar? (elkaar helpen)

-ga naar teamtegel mnn, bestanden, hoofdstuk 4 elektriciteit
 en maak een stroomkring ( met Phet simulatie)

Slide 35 - Tekstslide

maak een gesloten stroomkring

Slide 36 - Tekstslide

is een paperclip een geleider of een isolator

Slide 37 - Tekstslide

in SOM staat link: phed simulatie
https://phet.colorado.edu/sims/html/circuit-construction-kit-dc/latest/circuit-construction-kit-dc_all.html?locale=nl 
 
kies: laboratorium

https://phet.colorado.edu/sims/html/circuit-construction-kit-ac/latest/circuit-construction-kit-ac_all.html?locale=nl

Slide 38 - Tekstslide

Phed simulatie

Slide 39 - Tekstslide

Wat is de eenheid voor stroomsterkte?
A
Meter
B
Volt
C
Ampere
D
Kilo

Slide 40 - Quizvraag

0,375 A =……………. mA
A
375 mA
B
3,75 mA
C
0.000375 mA

Slide 41 - Quizvraag

als je een stroomkring onderbreekt dan werken apparaten
A
Wel
B
Niet

Slide 42 - Quizvraag

Wat is een geen isolator
A
Lucht
B
Rubber
C
Aluminium
D
Kunststof

Slide 43 - Quizvraag

Geleiders laten de stroom ........ door
A
Goed
B
Slecht
C
Niet

Slide 44 - Quizvraag

Hieronder staan 4 stoffen.
Welke stoffen zijn isolatoren?
A
goud
B
lucht
C
plastic
D
hout

Slide 45 - Quizvraag

opruim schema:   vandaag tafel 7 en 1

Slide 46 - Tekstslide