5.3 Actief op de arbeidsmarkt

1 / 35
volgende
Slide 1: Tekstslide
EconomieMiddelbare schoolvmbo g, tLeerjaar 3

In deze les zitten 35 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 4 videos.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Hoofdstuk 5
Werkt dat zo?






5.1 Aan de slag!
5.2 Waar kun je werken?
5.3 Actief op de arbeidsmarkt!
5.4 Zonder werk?

Slide 2 - Tekstslide

Wat gaan we doen vandaag?

  • Leerdoelen en uitleg 5.3
  • Zelfstandig aan het werk
  • Leerdoelen controleren

Slide 3 - Tekstslide

Leerdoelen 5.3 Actief op de arbeidsmarkt
Na afloop van deze les kun je;
  • aangeven wat de arbeidsmarkt is
  • vertellen wie behoren tot de beroepsbevolking
  • aangeven wat de wet Algemene gelijke behandeling inhoudt
  • het verschil tussen de formele en de informele sector aangeven.

Slide 4 - Tekstslide

ARBEIDSMARKT

Slide 5 - Tekstslide

Slide 6 - Video

Arbeidsmarkt en werkgelegenheid





  • Arbeidsmarkt = aanbod van arbeid + vraag naar arbeid
  • Werkgelegenheid = de vraag naar werknemers

Slide 7 - Tekstslide

Aanbod van arbeid

- Mensen die op zoek zijn naar betaald werk
Vraag naar arbeid

- Openstaande vacatures (onbezette arbeidsplaatsen)

Slide 8 - Tekstslide

Beroepsbevolking
  • Dat is iedereen van 15 jaar tot de pensioenleeftijd die werkt of werk zoekt.


  • De beroepsbevolking bestaat uit de werkzame beroepsbevolking: alle werknemers en mensen die voor zichzelf werken

  • werkloze beroepsbevolking: alle mensen die werk zoeken


Slide 9 - Tekstslide

Algemene wet gelijke behandeling
  • In deze wet staat dat er geen onderscheid gemaakt mag worden op basis van bijvoorbeeld geslacht, ras, leeftijd of afkomst.

  • Ook is in deze wet geregeld dat je minder uren kunt gaan werken als je dat wilt (fulltimebaan naar parttimebaan)

Slide 10 - Tekstslide

Slide 11 - Tekstslide

Formele sector
Als je een betaalde baan hebt waarover je belasting en sociale premies betaald dan werk je in de formele sector. 

Dit heet ook wel WIT werk

Slide 12 - Tekstslide

Informele sector

  • GRIJS werk; 
  • vrijwilligers werk of werk in huishouding (ONBETAALD)

  • ZWART werk;
  •  niet geregistreerd, geen belasting en sociale premies, strafbaar (BETAALD)

Slide 13 - Tekstslide

Arbeidsdeelname (arbeidsparticipatie)
  • Het percentage van de bevolking dat tot de beroepsbevolking behoort.
  • De overheid verwacht een tekort aan arbeidskrachten op de arbeidsmarkt en wil dat een groter deel van de bevolking gaat werken.

Slide 14 - Tekstslide

Arbeidsdeelname bevorderen
Overheid en bedrijven kunnen de arbeidsdeelname bijvoorbeeld bevorderen door:
  • scholing;
  • kinderopvang.

Slide 15 - Tekstslide

Formule arbeidsparticipatie


Beroepsgeschikte bevolking 
(= werkenden + werklozen die willen werken)
               ---------------------------------------------        x 100
Totale beroepsbevolking

Slide 16 - Tekstslide

Waar komt het aanbod van arbeid vandaan?

A
werkgevers
B
arbeidsverdeling
C
beroepsbevolking
D
arbeidsmarkt

Slide 17 - Quizvraag

Jelle is 14 jaar en bezorgt kranten.
Hoort hij bij de beroepsbevolking?
A
Ja
B
Nee

Slide 18 - Quizvraag

Bij een overschot op de arbeidsmarkt is er meer ....
A
aanbod.
B
vraag.

Slide 19 - Quizvraag

Waar komt het aanbod van arbeid vandaan?

A
arbeiders
B
arbeidsverdeling
C
beroepsbevolking
D
arbeidsmarkt

Slide 20 - Quizvraag

Een teveel aan arbeiders kan leiden tot ontslag.
A
juist
B
onjuist

Slide 21 - Quizvraag

Geef een nadeel van zwart werken.

Slide 22 - Open vraag

Geef een voorbeeld van ongelijke behandeling

Slide 23 - Open vraag

Een voorbeeld van de informele sector is...
A
leraar
B
vuilnisman
C
thuis vrijwillig helpen met stofzuigen
D
een potje voetbal kijken

Slide 24 - Quizvraag

Een voorbeeld van de formele sector is...
A
boodschappen door voor je oma
B
Stofzuigen bij jouw ouders
C
jouw kamer opruimen
D
bakker

Slide 25 - Quizvraag

Een voorbeeld van de informele sector is...
A
leraar
B
vuilnisman
C
thuis vrijwillig helpen met stofzuigen
D
een potje voetbal kijken

Slide 26 - Quizvraag

Een voorbeeld van de formele sector is...
A
boodschappen door voor je oma
B
Stofzuigen bij jouw ouders
C
jouw kamer opruimen
D
bakker

Slide 27 - Quizvraag

Op de arbeidsmarkt komt (1) van arbeid van de beroepsbevolking en de (2) van de werkgevers.
A
(1) de vraag (2) de vraag
B
(1) de vraag (2) het aanbod
C
(1) het aanbod (2) de vraag
D
(1) Het aanbod (2) het aanbod

Slide 28 - Quizvraag

Welk werk telt mee in de economische cijfers? Werk in de...
A
informele sector
B
formele sector
C
primaire sector
D
Quartaire sector

Slide 29 - Quizvraag

EXTRA UITLEG
DE VOLGENDE PAGINA'S VINDT JE FILMPJES MET EXTRA UITLEG

Slide 30 - Tekstslide

Slide 31 - Video

Slide 32 - Video

Slide 33 - Video

Aan het werk met..
Het maken van de opdrachten raadpleeg hiervoor de 'Planner' welke vragen je moet maken van paragraaf 5.3 Actief op de arbeidsmarkt?

Heb je de vragen van 5.1 & 5.2af kijk deze dan eerst na!!
Suc6 en tot morgen.




Slide 34 - Tekstslide

Tot donderdag!!

Slide 35 - Tekstslide