In deze les zitten 15 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.
Dit is niet oké
Onderdelen in deze les
Krachten
Slide 1 - Woordweb
Waar zie je de kracht tijdens het armpje drukken?
A
In de spieren
B
In de voeten
C
In de handen
D
Nergens
Slide 2 - Quizvraag
H2 krachten
Krachten kunnen we niet zien!
Je ziet alleen het effect van de kracht
Beweging veranderd Vorm veranderd
- snelheid veranderd - Plastisch (blijvend)
- Richting veranderd - Elastisch (veert terug)
Slide 3 - Tekstslide
Wat veranderd er?
A
Snelheid
B
Vorm
C
Richting
D
Alle drie
Slide 4 - Quizvraag
Wat voor soort vorm verandering?
A
Plastisch
B
Elastisch
Slide 5 - Quizvraag
Wat veranderd er?
A
Snelheid
B
Vorm
C
Richting
D
Alle drie
Slide 6 - Quizvraag
Wat voor soort vorm verandering?
A
Plastisch
B
Elastisch
Slide 7 - Quizvraag
Krachten tekenen
Je kunt een kracht tekenen als een vector met een:
- aangrijpingspunt (waar een voorwerp de kracht "voelt")
- richting
- lengte (hoe groot de kracht is)
Bij een vector hoort een krachtenschaal:
bijvoorbeeld 1 cm ≙ 100 N
Slide 8 - Tekstslide
Welke soorten kracht zijn er?
zwaartekracht
stuwkracht
duwkracht
spierkracht
Slide 9 - Sleepvraag
Je ziet een aatal situaties waar krachten bij betrokken zijn. Sleep de kracht naar de situatie waar die kracht voorkomt. De zwaartekracht telt niet mee.
Spierkracht
Spankracht
Magnetische kracht
Veerkraht
Slide 10 - Sleepvraag
Zwaartekracht
Newton: Aan iedere kilo op aarde wordt met 10 Newton zwaartekracht getrokken.
m = massa in kg
g = zwaartekracht per kg = 10N/kg
Zwaartekracht=Fz=Massa⋅9,8N/kg
Fz=m⋅g
Slide 11 - Tekstslide
Voorbeeld som
Corné heeft een massa van 45 kilogram, hoe groot is de zwaartekracht op corné?