Plaats en Prijs
Plaats en Prijs
Terugblik
Personeel
Presentatie
Bar Bistro
Wat is de huisstijl van een bedrijf?
Verschillende soorten distributiekanalen
Intensieve distributie = product die op veel plaatsen beschikbaar is (Tony Chocolony)
Selectieve distributie = producent kiest bepaald aantal aanbieders (Rituals)
Exclusieve distributie = product is maar bij één of enkele leveranciers beschikbaar (Ferrari)
Bedrijfskolom
Begin tot eind
Oerproducent (Graanboeren)
Producent halffabrikaten (Meelproducent)
Eindproducent (Bakker)
Distribuerende handel (Transportbedrijf)
Retailer (Supermarkt of bakkerijwinkel)
Eindgebruiker: Consument
Bedrijfskolom uitbreiden of verkleinen
Integratie in bedrijfskolom: er verdwijnt een schakel bijvoorbeeld de groothandel.
Differentiatie in bedrijfskolom: er word een schakel toegevoegd aan de bedrijfskolom.
Prijsstrategie
Kostengeoriënteerde prijsstrategie = kijkt naar alle kosten en vertaald dit door naar de verkoopprijs
Concurrentiegeoriënteerde prijsstrategie = je kijkt hoeveel de concurrent voor een product vraagt en vraagt hetzelfde.
Vraaggeoriënteerde prijsstrategie = je gaat de prijs vragen die consumenten bereid zijn te betalen.
Verdiepingsslag concurrentie georiënteerde prijsstrategie
Stay out pricing = lage prijs om concurrentie te blokkeren om de markt op te komen.
Put out pricing = lage prijs om bestaande concurrentie uit te schakelen.
Me too pricing = dezelfde prijs als de concurrentie aanhouden.
Premium pricing = je verhoogd de prijs.
Discount pricing = je verlaagd de prijs meer dan de marktleider, zodat je goedkoper bent.
Going rate pricing = kiezen voor de gemiddelde prijs
Backward pricing = de prijs die de consument wil betalen aanhouden
Dumping = extreem goedkope verkoopprijs
Vraaggeoriënteerde prijsstrategie
psychologische prijsstelling = €19,95 i.p.v. €20,00
Prijsdiscriminatie = verschillende leeftijden verschillende prijzen (denk aan de trein)
Promotieprijstelling = tijdelijk verlagen van de prijs van een artikel
Manieren van betalen
Betalingsconditie = overeenkomst tussen koper en verkoper over waar, wanneer en op welke wijze de betaling plaats vind.
Contante betaling = met chartaal geld betalen.
Op rekening = termijn bijv. 2 weken.
Afbetaling = in kleine stukken betalen.
Onder rembours = cash on delivery.
Vooruitbetaling = voordat je het product krijgt betalen.