AFP les 2: het oor

Les 5 Anatomie en Fysiologie
1 / 43
volgende
Slide 1: Tekstslide
Verpleging en verzorgingMBOStudiejaar 1

In deze les zitten 43 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 6 videos.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Les 5 Anatomie en Fysiologie

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

herhaling vorige week
opdracht vorige week, bouw en functie, latijnse naam:
Hoornvlies
regenboogvlies
Pupil
Lens
Netvlies
Oogzenuw
gele vlek

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

antwoorden
Hoornvlies: cornea, breekt lichtinval en bescherming
Regenboogvlies: Iris, geeft oog kleur
Pupil: accommoderen, kleiner en groter worden voor lichtinval
Lens: Crystallinus, breekt lichtstraal en kan scherp stellen

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Netvlies: retina, vangt licht op en regelt signalen naar zenuw
staafjes (zwart wit) en kegeltjes (kleur)
Oogzenuw: nervus opticus/papil, regelt impulsen naar de hersenen
gele vlek: macula zitten veel kegeltjes en staafjes, zorgt voor scherp zien

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

planning

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Programma
  • Lesdoelen bespreken

  • Theorie oor 
  • ziektes oor samenvoegen lessen

  • Opdrachten Learnbeat

  • Afronding 


Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Lesdoelen
Na deze les kan je de bouw en functie van het oor beschrijven.
Je weet welke gehoorziektes het meest voorkomen en kan hier naar handelen.

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Het oor bevat twee organen? Welke zijn dit?

Slide 8 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 9 - Video

Deze slide heeft geen instructies

In het oor worden drie onderdelen onderscheiden:
  • het buitenoor


  • het middenoor


  • het binnenoor

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Buitenoor:
- Oorschelp

- Gehoorgang  -> oorsmeerklieren -> trommelvlies 

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Middenoor: 
- Gehoorbeentjes (3 stuks) -> doorgeven van  trillingen van het trommelvlies naar het slakkenhuis

- Buis van Eustachius  -> verbinding neus-keel holte (luchtdruk)  

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Binnenoor: 
- Slakkenhuis (cochlea)  -> bevat zintuigencellen -> gehoorzenuw  -> hersenen. 

- Evenwichtsorgaan 

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Evenwichtsorgaan 
Het systeem bevat drie halfcirkelvormige kanalen met daarin zintuigcellen.

Deze cellen registreren veranderingen in de positie van het hoofd en zenden elektrische signalen via de evenwichtszenuw naar de kleine hersenen.

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 15 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Functie van het buitenoor
A
Trillingen omzetten in elektrische prikkels
B
Versterken van trillingen en doorgeven
C
Opvangen en dieper brengen in het oor

Slide 16 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Functie van het het binnenoor?
A
Trillingen omzetten in elektrische prikkels
B
Versterken van trillingen en doorgeven
C
Opvangen en dieper brengen in het oor

Slide 17 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Functie van het middenoor?
A
Trillingen omzetten in elektrische prikkels
B
Versterken van trillingen en doorgeven
C
Opvangen en dieper brengen in het oor

Slide 18 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Even samenvatten.. 
Buitenoor (opvangen en dieper brengen) -> middenoor (versterken en doorgeven)-> binnenoor (trillingen omzetten in elektrische prikkels)

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 20 - Link

Deze slide heeft geen instructies

Pauze

Slide 21 - Tekstslide

Pauze om half 1 tot 13.15uur
Ziektebeelden
Keel, neus, oor 

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Aangeboren 
  • Neonatale gehoorscreening, alle baby’s worden gescreend op gehoor
  • 1 op de 1000 wordt doof geboren
Oorzaak kan zijn:
  • Moeder was ziek tijdens zwangerschap
  • Medicatie tijdens zwangerschap
  • Onderontwikkeling oor baby bij de eerste twee maanden van zwangerschap
  • Erfelijke ziekte moeder/vader

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

ziekten van het oor

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Aandoeningen aan het oor
Doof en slechthorendheid
Trommelvliesperforaties
Tinnitus (oorsuizen)

Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

https://www.veiligheid.nl/kennisaanbod/gehoorschade-bij-jongeren

Slide 26 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Pak je oordopjes

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 28 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Slide 29 - Link

Deze slide heeft geen instructies

zonder oordopjes

Slide 30 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 31 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Slide 32 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Slide 33 - Link

Deze slide heeft geen instructies

Slide 34 - Tekstslide


🦻 1. Achter-het-oor (AHO) hoortoestellen
Beschrijving: Toestel zit achter het oor, geluid wordt via een slangetje of dun draadje naar een oorstukje in het oor geleid.
Geschikt voor: Licht tot zeer ernstig gehoorverlies.
Voordelen:
Krachtig
Geschikt voor kinderen
Betrouwbaar en duurzaam
Nadelen:
Zichtbaar
Minder comfortabel voor brillendragers
👂 2. In-het-oor (IHO) hoortoestellen
Beschrijving: Zit volledig in de oorschelp of gehoorgang.
Subtypes:
ITE (In The Ear): vult de hele oorschelp
ITC (In The Canal): zit gedeeltelijk in de gehoorgang
CIC (Completely In Canal): volledig in de gehoorgang
IIC (Invisible In Canal): diep in de gehoorgang, vrijwel onzichtbaar
Geschikt voor: Mild tot matig gehoorverlies
Voordelen:
Discreet
Comfortabel zonder slangetje
Nadelen:
Minder krachtig
Niet geschikt bij veel oorsmeer of smalle gehoorgangen
🎧 3. Receiver-in-canal (RIC) of luidspreker-in-het-oor (LIHO) toestellen
Beschrijving: Lijkt op AHO, maar de luidspreker (speaker) zit in het oor, niet in het toestel.
Geschikt voor: Mild tot ernstig gehoorverlies
Voordelen:
Klein en discreet
Betere geluidskwaliteit
Nadelen:
Kwetsbaarder voor vocht/smeer
🔉 4. CROS/BiCROS systemen
Voor wie: Mensen met één doof oor en één goed (CROS) of slechthorend oor (BiCROS)
Werking: Geluid van het dove oor wordt draadloos naar het goede oor gestuurd
Voordeel: Je hoort geluiden van beide kanten, ondanks eenzijdige doofheid
🧠 5. Cochleair implantaat (CI)
Voor wie: Zeer ernstig gehoorverlies of doofheid, waarbij gewone hoortoestellen niet voldoende helpen
Werking: Implanteerbaar apparaat dat de gehoorzenuw direct stimuleert
Voordeel: Kan geluid geven bij volledige doofheid
Nadeel: Invasieve ingreep, intensieve revalidatie
🛰️ 6. Bone conduction hoortoestellen (BAHA)
Voor wie: Mensen met geleidingsverlies of geen gehoorgang
Werking: Geluidstrillingen worden via het bot naar het binnenoor geleid
Vaak toegepast bij: Aangeboren afwijkingen van het oor, chronische oorontstekingen

doofheid en slechthorendheid
ernst, aard en oorzaak
- ernst: decibel (0-30 is normaal, 120 helemaal doof, ook voor trillingen)
- aard: geleidingsverlies, perceptief verlies, centraal verlies, functioneel verlies

Slide 35 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Doof en slechthorendheid
Hoe zou je dit netjes professioneel verwoorden?

Slide 36 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 37 - Link

Deze slide heeft geen instructies

Aan de slag met learnbeat.
Lees eerst de theorie en start dan pas aan de opdrachten... 

Slide 38 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 39 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Ziektes van het oog

Slide 40 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 41 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

- In gesprek gaan met...
- Groepjes van 2
- 1,5 minuut (x 2 - wisselen van rol)


timer
1:30

Slide 42 - Tekstslide

Ik wil jullie vragen om in twee-tallen zometeen de volgende casus te oefenen en tijdens het rollenspel op te letten op wat je ervaart.

Zoals aangegeven is het belangrijk om met een oudere in gesprek te gaan wanneer pestgedrag zich voordoet. Je kunt dit doen door gewoon te zeggen wat je ziet gebeuren en dat dit niet de bedoeling is. Maar in gesprek gaan en de juiste wijze van communiceren heeft een effectief effect op het gedrag van de oudere. Een model dat je goed kunt gebruiken is de Roos van Leary, dit wil ik zo even kort uitleggen. Het draait er niet om dat je precies weet hoe de roos van Leary werkt maar wel hoe je pestgedrag kunt benaderen vanuit deze invalshoek. 

Rollenspel: Beeld je in dat je binnen het verpleeghuis werkzaam bent op dit moment en je werkt op een afdeling. Een cliënt is op de kamer aan het slapen. Je ziet een andere cliënt langs de kamer lopen van deze cliënt en je ziet de cliënt bewust op de deur kloppen. Je hebt al vaker gehoord dat er iets speelt, dus je wilt met de cliënt hierover in gesprek gaan. 1, 5minuut

Geef aan: voordat je dit gaat doen bedenk dan hoe je de cliënt wilt benaderen en op wat voor manier je gaat communiceren? Wat is effectief?
Tips aan de deelnemers:
Hoe ga je de cliënt aaspreken?
- Cliënt bewust maken van het gedrag: ‘ik zie dat dit en dit gebeurt, dat zie ik u doen’ – aanspreken op gedrag.
- Verdiepende benadering: je tolereert het gedrag niet.
- Let op: het is een ouder iemand, let op de manier waarop je spreekt (rustig, duidelijk etc.)

Instructie cliënt: probeer je reactie af te stemmen op de manier waarop de medewerker je aanspreekt.

Leg uit wat het doel is van de oefening. 

Geef het startsignaal van de werkvorm.

Na 1:30 minuut  rollen omdraaien en geef een extra opdracht: nu hebben jullie 1 keer kunnen oefenen en ervaren hoe je de cliënt aanspreekt. Nu: opdracht - cliënt biedt weerstand (moeilijker maken) – probeer het te ontkennen wat je hebt gedaan of dat je er niks van af weet (tot dat je dat niet meer kunt). (doof zijn, handgebaren gebruiken?)

Na 1:30 minuut afronden  bespreek hoe ze het hebben ervaren (5 minuten):
- Hoe is het als ontvanger(cliënt)?? – je moest reageren op de manier waarop het gebracht wordt, ben je je bewust van hoe het binnenkomt?
- Hoe was het voor de zorg om de cliënt aan te spreken, hoe vond je dat je dat deed? Wat ging er goed? Wat kan er beter, en waarom? Hoe zou dat invloed hebben?

Deelnemers complimenteren voor de actieve deelname en input.
  
We gaan zo verder met het tweede onderdeel, maar we bekijken eerst theorie over het communiceren met ouderen d.v.m.  de Roos van Leary

Slide 43 - Video

Deze slide heeft geen instructies