Denn betekent ook want, maar het is een nevenschikkend voegwoord.
➡️ Belangrijk: het verandert de woordvolgorde niet.
➡️ Het werkwoord blijft op de 2e plaats, net als in een gewone hoofdzin.
Voorbeeld:
Ich gehe früh ins Bett, denn ich muss morgen arbeiten.
(Ik ga vroeg naar bed, want ik moet morgen werken.)
Geen werkwoord aan het einde → muss blijft op de 2e plaats in de 2e hoofdzin.