4H les 1 & 2 Paragraaf 1.1 & 1.2

Welkom!
Natuurkunde - 4V
Les 1 
  • Heel veel doen
  • Uitleg §1.1 
  • Dingen doen
  • Uitleg §1.2
Lesplanning
1 / 27
volgende
Slide 1: Tekstslide
NatuurkundeMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 4

In deze les zitten 27 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Welkom!
Natuurkunde - 4V
Les 1 
  • Heel veel doen
  • Uitleg §1.1 
  • Dingen doen
  • Uitleg §1.2
Lesplanning

Slide 1 - Tekstslide

Hoofdstuk 1.1
Meetvaardigheden

Slide 2 - Tekstslide

Kwalitatief vs kwantitatief
Kwalitatief: je vergelijkt iets
Kwantitatief: je meet iets (heeft een waarde)

Slide 3 - Tekstslide

Grootheden en eenheden
  • De grootheid is wat je meet
  • De eenheid is hoe je de grootheid meet
  • Alles heeft een afkorting

Slide 4 - Tekstslide

Grootheden en eenheden
  • De grootheid is wat je meet
  • De eenheid is hoe je de grootheid meet
  • Alles heeft een afkorting

Slide 5 - Tekstslide

Voorbeeld
m = 89 kg
m is het symbool voor de GROOTHEID massa
89 is de MEETWAARDE
k is het symbool voor het VOORVOEGSEL kilo
g is het symbool voor de EENHEID gram

Voorvoegsels vind je in tabel 2 van BiNaS.

Slide 6 - Tekstslide

Oefenen
  • Zoek in tabel 4 van je Binas op wat de eenheid is van capaciteit.
  • Reken met behulp van tabel 5 om hoeveel Watt 4 pk is. 

Slide 7 - Tekstslide

Zoek in tabel 4 van je Binas op wat de eenheid is van capaciteit.
A
kilogram
B
Henry
C
Farad
D
Becquerel

Slide 8 - Quizvraag

Reken met behulp van tabel 5 om hoeveel Watt 4 pk is.
A
2983 W
B
2,983 W
C
0,536 W
D
0,00536 W

Slide 9 - Quizvraag

Basis grootheden en eenheden
Er zijn zeven basisgrootheden en eenheden

Slide 10 - Tekstslide

Oefenen
Zoek in tabel 4 op wat de eenheid van kracht is in basiseenheden.

Slide 11 - Tekstslide

Zoek in tabel 4 op wat de eenheid van kracht is in basiseenheden.
A
N= kg m
B
N=kg m s
C
N= kg m s^-1
D
N= kg m s^-2

Slide 12 - Quizvraag

Samenvatting
Grootheden staan voor wat we meten
Eenheden staan voor hoe we meten
Elke grootheid en eenheid heeft een afkorting
Alle eenheden kunnen naar de grondeenheden herschreven worden

Slide 13 - Tekstslide

Rekenvaardigheden
Paragraaf 1.2


Slide 14 - Tekstslide

In exacte vakken vaak: 
  • Hele grote getallen (bijv heelal) 
  • Hele kleine getallen (atomen)

Lastig! 

0,0000000000000008979 
638169000000000000000



Slide 15 - Tekstslide

Grote getallen
10 = 10ˆ1
100 = 10 . 10 = 10ˆ2
1000 = 10 . 10 . 10 = 10ˆ3
10000 = 10 . 10 . 10 . 10 = 10ˆ4
etc.
1 = 10ˆ0 

Slide 16 - Tekstslide

Kleine getallen

Slide 17 - Tekstslide

Oefening
Schrijf 1 biljoen(1 0 000 000 000) op als 10 macht
Schrijf 0,000 000 01 op als 10 macht

Slide 18 - Tekstslide

Slide 19 - Tekstslide

Slide 20 - Tekstslide

Wetenschappelijke notatie




Vraag, schrijf 0,00098 op in wetenschappelijke notatie
Schrijf 897,000,000 op in wetenschappelijke notatie

Slide 21 - Tekstslide

Sean heeft 0.5 megagram appels van elke 100g.
Hoeveel appels heeft Sean?
A
5.0*10^4
B
0.5*10^4
C
50*10^4
D
Waarom heeft Sean zoveel appels?

Slide 22 - Quizvraag

Orde van grootte
Dan willen we het ongeveer weten, niet precies

Dus: afronden naar 10-tallen of schatten in 10-tallen

voorbeeld: hoeveel leerlingen zitten er orde van grootte op deze school?



Slide 23 - Tekstslide

Vraag
Geef orde van grootte aan hoeveel tomaten meneer Aarnink bij zich heeft

Slide 24 - Tekstslide

Samenvatting 1.2


  • Voorvoegsels(zoals kilo) geven machten van tien aan
  • Wordt naar orde van grootte gevraagd? afronden op 10-tal 
10p=10p1
10k10p=10k+p
10p10k=10kp
(10k)p=10kp
100=1

Slide 25 - Tekstslide

Waar staat het voorvoegsel k voor?
A
10
B
10^2
C
10^3
D
10^4

Slide 26 - Quizvraag

Huiswerk volgende week
§1.1:
opgaven 2-4
§1.2:
opgaven 6-11
  • Eerst 5 minuten in stilte, daarna rustig overleggen


timer
5:00

Slide 27 - Tekstslide