9.2 NTC + LDR

 LDR + NTC
1 / 31
volgende
Slide 1: Tekstslide
Natuurkunde / ScheikundeMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 3

In deze les zitten 31 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

 LDR + NTC

Slide 1 - Tekstslide

9.2 LDR + NTC leerdoelen; Je kunt
  • de drie delen beschrijven waaruit een eenvoudige automatische schakeling bestaat. 
  • uitleggen waardoor de weerstand van een LDR toeneemt en wanneer hij afneemt.
  • een schakeling tekenen waarin de hoeveelheid licht met een LDR wordt gemeten.
  • uitleggen waardoor de weerstand van een NTC toeneemt en wanneer hij afneemt.
  • een schakeling tekenen waarin een NTC als temperatuursensor wordt gebruikt.
  • de vervangingsweerstand van een serieschakeling berekenen. 
  • beschrijven hoe je de weerstandswaarde van een schuifweerstand kunt instellen. 

Slide 2 - Tekstslide

Automatische schakelingen
verwerkers

Slide 3 - Tekstslide

automatische schakelingen
1. Sensoren: Waarnemen zoals beweging, verandering in licht, geluid aanwezig, verandert de temperatuur, enz.)
2. verwerkers: Denken: de waarneming omzetten in een opdracht voor handeling.
3. Actuatoren: Handelen: motor laten draaien, lamp laten branden, geluid maken.

Slide 4 - Tekstslide

Sensoren
Een sensor is een apparaat dat eigenschappen van de omgeving kan detecteren en meten.  
Bijvoorbeeld temperatuur, druk, lichtintensiteit, vochtigheid, beweging, geluid
Sensor reageert op signalen uit de omgeving

Slide 5 - Tekstslide

Wat is een voorbeeld van een sensor?
A
kilometerteller
B
gaspedaal
C
bobine
D
bougie

Slide 6 - Quizvraag

Verwerkers (de hersenen)
Het signaal van de sensor komt bij de verwerker. Deze verwerkt het signaal en bepaalt wat er moet gebeuren.
  1. De buitenlamp had minder licht -> Dus moet de lamp gaan branden want het is donker
  2. De buitenlamp vangt veel licht op -> Lamp moet uitblijven het is nog licht genoeg!

Slide 7 - Tekstslide

wat is een voorbeeld van een verwerker
A
een computer
B
een toetsenbord
C
het gaspedaal

Slide 8 - Quizvraag

Actuator

Dit is het uitvoeren van het uiteindelijke doel. 

De actuator doet wat nuttig is voor de eigenaar van de schakeling.

Denk aan het aanzetten van een lamp, een alarm, een verwarming, een koelkast, een motor.


Slide 9 - Tekstslide

Je start de motor van de auto. Wat is Wat is de motor in deze situatie?
A
actuator
B
verwerker
C
sensor

Slide 10 - Quizvraag

Variabele weerstanden
Wat bedoelen we daarmee?
Zoek in je woordenboek wat variabel betekent als je het niet weet.

Slide 11 - Tekstslide

Variabele weerstanden

  • LDR, lichtgevoelige weerstand  light dependant resistor
  • NTC-weerstand met negatieve temperatuurcoëfficiënt weerstand omgekeerd evenredig met de temperatuur
  • PTC-weerstand met positieve temperatuurcoëfficiënt: weerstand evenredig met de temperatuur
  • Schuifweerstand: Hoe langer de draad waar de stroom doorheen gaat, hoe hoger de weerstand.
    Binas formule draadweerstand, en 
    tabel 15 eigenschappen 
R=ρAl

Slide 12 - Tekstslide

Waarop reageert een LDR
A
op licht, hoe meer licht hoe lager de weerstand
B
op licht, hoe minder licht hoe lager de weerstand
C
op temperatuur, bij een hogere temperatuur is de weerstand lager
D
op temperatuur, bij een lagere temperatuur is de weerstand hoger

Slide 13 - Quizvraag

NTC - negative temperature coëfficiënt
Een NTC is gevoelig voor veranderingen in de temperatuur. Als de temperatuur omhoog gaat, gaat de weerstand omlaag.
Wordt gebruikt in computers om oververhitting tegen te gaan.

Slide 14 - Tekstslide

LDR - Light Dependent Resistant
  • Lichtgevoelige weerstand.
  • Hoe meer licht op de LDR valt, des te lager de weerstand.
  • Buitenlampen of camera met flitser

Slide 15 - Tekstslide

Sommige buitenlampen gaan automatisch aan als er iemand in de buurt komt. Welke sensor wordt hiervoor gebruikt en waar is die sensor gevoelig voor?
de sensor: gevoelig voor:

A
warmtesensor infrarode straling
B
warmtesensor ultraviolette straling
C
lichtsensor infrarode straling
D
lichtsensor ultraviolette straling

Slide 16 - Quizvraag

NTC

Negative Temp. Coëfficiënt

Reageert op temperatuur

Temperatuur omhoog
Weerstand omlaag
LDR

Light Dependent Resistant

Reageert op licht

Licht omhoog
Weerstand omlaag

Slide 17 - Tekstslide

Weerstanden in serie en parallel

Slide 18 - Tekstslide

Waarop reageert een NTC
A
op licht, hoe meer licht des te lager is de weerstand
B
op licht, hoe minder licht des te lager is de weerstand
C
op temperatuur, hoe hoger de temperatuur hoe lager de weerstand
D
op temperatuur, hoe lager de temperatuur hoe hoger de weerstand

Slide 19 - Quizvraag

Wat betekent LDR
A
Licht Door Resistent
B
Light Dependant Resistor
C
Ligt Daar te Rusten
D
Langs De Regenboog

Slide 20 - Quizvraag

Wat betekent NTC
A
Niet te concentreren
B
Nader te communiceren
C
Negatief te communiceren
D
Negatieve Temperatuur Coëfficiënt

Slide 21 - Quizvraag

Als er licht schijnt op een NTC wat gebeurt er dan met de weerstand.
A
Niets
B
De weerstand wordt groter
C
De weerstand wordt kleiner

Slide 22 - Quizvraag

Als de temperatuur toeneemt bij een NTC wat gebeurt er dan met de weerstand?
A
Niets
B
De weerstand wordt groter
C
De weerstand wordt kleiner

Slide 23 - Quizvraag

Wat vertelt de ρ in de formule voor draadweerstand ons?
A
Wat de dichtheid is van de draad
B
wat de soortelijke weerstand is van de draad

Slide 24 - Quizvraag

Als de temperatuur toeneemt bij een NTC wat gebeurt er dan met de stroomsterkte?
A
Niets
B
De stroomsterkte wordt groter
C
De stroomsterkte wordt kleiner

Slide 25 - Quizvraag

Als er licht schijnt op een LDR wat gebeurt er dan
A
Niets
B
De weerstand wordt groter
C
De weerstand wordt kleiner

Slide 26 - Quizvraag

9.2 LDR + NTC
Aan de slag!

Maak 9.2  Helemaal
En Proef 1 tot en met 3 van hoofdstuk 9

Slide 27 - Tekstslide

Stroom begrenzen
Als de stroom groter wordt, stijgt ook de temperatuur. 
Hierdoor wordt de stroom door de NTC nog groter, dan kan die doorbranden.
Daarom schakelen we een vaste weerstand in serie met de NTC

Slide 28 - Tekstslide

Stroom begrenzen
In Binas Tabel 12 vind je de formule voor weerstanden in een serieschakeling
Rv = R1 + R2 + ...

Dit betekent dat je alle weerstanden in serie "gewoon" bij elkaar optelt.

Slide 29 - Tekstslide

De schuifweerstand
Hoe langer de draad, hoe groter de weerstand. 

Slide 30 - Tekstslide

9.2 LDR + NTC leerdoelen
9.2.1 Je kunt de drie delen beschrijven waaruit een eenvoudige automatische schakeling bestaat. Sensor, verwerker, actuator
9.2.2 Je kunt uitleggen wanneer de weerstand van een LDR toeneemt en wanneer hij afneemt.
9.2.3 Je kunt een schakeling tekenen waarin de hoeveelheid licht met een LDR wordt gemeten.
9.2.4 Je kunt uitleggen wanneer de weerstand van een NTC toeneemt en wanneer hij afneemt.
9.2.5 Je kunt een schakeling tekenen waarin een NTC als temperatuursensor wordt gebruikt.
9.2.6 Je kunt de vervangingsweerstand van een serieschakeling berekenen. (volgende les)
9.2.7 Je kunt beschrijven hoe je de weerstandswaarde van een schuifweerstand kunt instellen. (Volgende les)

Slide 31 - Tekstslide