zeil maken voor de boot

1 / 20
volgende
Slide 1: Tekstslide
TechniekPraktijkonderwijsLeerjaar 2

In deze les zitten 20 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 70 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

              Startklaar

  • Telefoon is thuis of in de kluis
  • Jas op de kapstok
  • oortjes in de tas, 
  • tas bij de kapstok
  • haren in een staart
  • hoofddoek vast

  • ga lekker zitten
timer
3:00

Slide 2 - Tekstslide

1. Startklaar
Bij de start van iedere les verwelkomt de docent de leerlingen bij de ingang van de deur, noemt leerlingen bij naam, maakt oogcontact en besteedt aandacht aan hun welbevinden. De docent geeft het goede voorbeeld en spreekt hoge verwachtingen uit voor het verloop van de les door succescriteria op gewenst gedrag, schooltaal en effectief leren te benoemen. De leerlingen zijn startklaar: ingelogd in LessonUp, telefoons opgeborgen in het Zakkie, en JdW-map op tafel.
                        kleur op boot en zeil

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Overzicht Periode #
  • Thema:Ik onderweg
  • Benodigde lesmaterialen: triplex, multiplex, vilt, verf, lijm en spijkers
Week 1
Week 2
Week 3
Week 4
Week 5
Week 6
Week 7
Week 8
Week 9
Week 10 
Week 11
Type hier in Schulbuch
start maken bootje
bodem in bootje bouwen
voor en achterkant in bootje bouwen
zeil maken
bootje afronden
aanleg-plaats maken 

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Checklist:
  • Bepaal welke voorkennis relevant is voor de nieuwe lesstof.
  • Ontwerp een terugblik-opdracht die deze voorkennis activeert.
  • Overweeg of en hoe thuistalen ingezet kunnen worden om voorkennis te activeren.
Vorige week gedaan?
Hoe ver ben je nu!

Slide 5 - Woordweb

2. Voorkennis activeren
De docent activeert relevante voorkennis aan de hand van een terugblik-opdracht, waarbij eventueel een beroep op de thuistalen wordt gedaan. Op deze manier biedt de docent een kapstok om nieuwe stof te verbinden aan de eerder geleerde stof en richting te geven aan het verdere verloop van de les. Tegelijkertijd worden hiermee misconcepties van leerlingen zichtbaar gemaakt, waar de docent vervolgens gericht op in kan spelen. 
           Leerdoelen
1. je kunt het bootje goed schoonmaken
2. je bent gestart met het maken van de zeilen

Slide 6 - Tekstslide

3. Leerdoelgericht werken
De docent geeft het onderwerp, RTTI geformuleerde leerdoelen en de lesopbouw aan. De docent weet de leerdoelen goed te laten aansluiten bij de voorkennis en het (taal)niveau van de leerlingen. Gedurende de les wordt continu een terugkoppeling naar de leerdoelen gemaakt om de mate van beheersing te controleren.      
hout 15 cm, ijzer 14 cm.
nodig om te boren 

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Zeil aftekenen
Zeil knippen

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Klaar om te lijmen
bootje verven

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

           Instructie
Vandaag:  

mast plaatsen
boren met ijzerdraad of dunne boor
zeil maken met vilt
romp schilderen en mast plaatsen

Slide 10 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past diverse strategieën toe om de betrokkenheid van alle leerlingen te garanderen. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. Flexibele en heterogene differentiatie ondersteunt dit proces. Interactie in de klas wordt versterkt door het gebruik van thuistalen. Verder creëert de docent een contextrijke en inclusieve leeromgeving door (culturele) achtergronden in de lesstof te integreren. Door positief en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.
       Voorbeelden

Slide 11 - Tekstslide

5. Concrete en herkenbare voorbeelden
De docent maakt gebruik van praktische en concrete voorbeelden die voor leerlingen herkenbaar zijn in hun eigen leefwereld om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent doet hierbij een beroep op dual coding. Door het visuele en het verbale te combineren vergroot de docent de kans dat lesstof beter bij de leerlingen blijft beklijven. 
           Instructie
Werken met een lijmpistool.

LET OP WORDT WARM!!!

Oud hout eronder gaat druppelen.

Slide 12 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past diverse strategieën toe om de betrokkenheid van alle leerlingen te garanderen. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. Flexibele en heterogene differentiatie ondersteunt dit proces. Interactie in de klas wordt versterkt door het gebruik van thuistalen. Verder creëert de docent een contextrijke en inclusieve leeromgeving door (culturele) achtergronden in de lesstof te integreren. Door positief en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.
Aan de slag
boot afmaken en schuren 
mast plaatsen
boren met ijzerdraad
zeil maken met vilt en metaaldraad
scheepsromp een kleur geven

Slide 13 - Tekstslide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. De docent start met modelleren en laat leerlingen vervolgens actief inoefenen. Volgens het 'ik-wij-jullie/jij-wij' principe wordt de ondersteuning geleidelijk afgebouwd. Er wordt gevarieerd in oefentypes en het leerproces wordt zichtbaar gemaakt, bijvoorbeeld met hardop denken opdrachten. Effectieve leerstrategieën zoals zelftesten, gespreid leren, schema’s maken, en samenvatten volgens de Cornell-methode worden expliciet aangeleerd. Dit herkneden van de lesstof helpt bij het bewerken van het lange termijn geheugen.
OPRUIMEN !!
Naam op je werkstuk en in de klasbak.
Gereedschap opruimen
Tafel schoonmaken met stoffer en blik
Krukken op tafel
Iedereen op tafel zitten
Twee leerlingen mogen vegen






Gereedschap opruimen.



Tafel schoonmaken met stoffer en blik.



Krukken op tafel.



Iedereen op tafel zitten



Twee leerlingen mogen vegen 









Naam op je werkstuk en in de klasbak.



Gereedschap opruimen.



Tafel schoonmaken met stoffer en blik.



Krukken op tafel.



Iedereen op tafel zitten



Twee leerlingen mogen vegen

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

                          maak het lokaal weer netjes

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Terugkijken 
op de leerdoelen
  1. R 
  2. T1
  3. T2
  4. I


Checklist:
  • Zijn de leerdoelen behaald?
  • Les in context plaatsen van de periode 
  • Het leren en het gedrag samen evalueren
  • Vooruitblikken adhv JdW-planner  

Slide 16 - Tekstslide

8. Afsluiting
De docent controleert in de slotfase van de les of de leerdoelen door alle leerlingen behaald zijn en plaatst de les in de context van de betreffende periode. De docent evalueert samen met de leerlingen het leren en het gedrag en blikt vooruit aan de hand van de JdW-planner.

           Begrippen
           uit deze les

  • ...
  • ...

Slide 17 - Tekstslide

8. Afsluiting
De docent controleert in de slotfase van de les of de leerdoelen door alle leerlingen behaald zijn en plaatst de les in de context van de betreffende periode. De docent evalueert samen met de leerlingen het leren en het gedrag en blikt vooruit aan de hand van de JdW-planner.


Exit ticket

Slide 18 - Open vraag

8. Afsluiting
De docent controleert in de slotfase van de les of de leerdoelen door alle leerlingen behaald zijn en plaatst de les in de context van de betreffende periode. De docent evalueert samen met de leerlingen het leren en het gedrag en blikt vooruit aan de hand van de JdW-planner.

Eindslide

Ruimte voor een afsluitend woord.

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


met welke zaag kun je multiplex het makkelijkst zagen

Slide 20 - Open vraag

7. Formatief handelen
De docent geeft de leerlingen gedurende de les gerichte feedback, feedup en feedforward op de op de inhoud van het werk, de leerstrategie, het gedrag en op zelfsturing. De docent bevraagt willekeurig leerlingen met open vragen. De docent stimuleert kwaliteitsbesef onder leerlingen door bijvoorbeeld leerlingen elkaars werk te laten vergelijken of uitgewerkte voorbeelden te gebruiken, gevolgd door geïnformeerde vervolgstappen.