Film voor de toekomst. Les 1: En toen was alles anders

FILM VOOR DE TOEKOMST
LES 1: MIJN OUDERS ZIJN GESCHEIDEN
1 / 13
volgende
Slide 1: Tekstslide

In deze les zitten 13 slides, met tekstslides en 3 videos.

Onderdelen in deze les

FILM VOOR DE TOEKOMST
LES 1: MIJN OUDERS ZIJN GESCHEIDEN

Slide 1 - Tekstslide

Bespreek met de leerlingen de overige verdiepende vragen omtrent de betekenis van de vormgeving. 

Vertel na het bespreken van de vragen wat het idee van de documentairemaker was: In de documentaire worden de herinneringen van kinderen rondom dat ene moment opgehaald. Die herinneringen zijn natuurlijk voor iedereen anders, maar in veel gevallen kwamen dezelfde voorwerpen terug: bijvoorbeeld een bank, een eettafel en een bed. Die zijn daarom dus allemaal wit. Vervolgens is de witte studio gevuld met voorwerpen die de afzonderlijke kinderen doen herinneren aan dat ene moment, zoals bijvoorbeeld een pan met pasta. Die voorwerpen hebben daarom kleur, net als de kleding van de kinderen zelf.

Vraag
Opdracht
Extra informatie
Kijk
Luister

Slide 2 - Tekstslide

Tijdens de les kunnen de volgende iconen voorbij komen. De betekenis ervan is op deze pagina weergegeven. 

Slide 3 - Video

De leerlingen kijken naar een fragment uit de film.
Waar denk je dat deze film over gaat? Waarom denk je dat?
Denk jij dat de kinderen in de film acteurs zijn? Waarom?

Slide 4 - Tekstslide

Aan de leerlingen wordt gevraagd om te reflecteren op het fragment dat ze zojuist bekeken.
1.  Antwoord: De film gaat over het moment dat kinderen van hun ouders te horen kregen dat ze gingen scheiden.
2. Antwoord: Nee, in de film spelen echte kinderen die hun eigen verhaal vertellen.
Fictie
Fictiefilms zijn films die over een verzonnen verhaal gaan en waarin acteurs spelen. 
Non-fictie
Non-fictie films leggen de werkelijkheid vast. 

Bij welk type film hoort een documentaire volgens jou? Fictie of non-fictie?
Deze film is een documentaire. Wat is dat volgens jou?
Op de volgende pagina bekijken jullie een fragment waarin de kinderen de studio in lopen.

Slide 5 - Tekstslide

Vraag aan de leerlingen wat zij denken dat een documentaire is. Vertel na het bespreken van de antwoorden van de leerlingen dat documentaires films zijn die echte personen en verhalen laten zien. 

Leg vervolgens middels de informatie-knoppen uit wat de begrippen fictie en non-fictie inhouden. Vraag dan aan de leerlingen waar zij denken dat een documentaire onder valt: fictie of non-fictie? Antwoord: Documentaires zijn non-fictie films. Sterker nog, bijna alle non-fictie films zijn documentaires.

Slide 6 - Video

De kinderen kijken opnieuw naar een fragment uit de documentaire 'Vanaf dat moment was alles anders'.
Art director
De persoon die binnen een film verantwoordelijk is voor de vormgeving is de art director. Hij of zij ontwerpt op basis van het script de vormgeving van een film, televisieserie of reclame. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het maken van schetsen, kleuren-onderzoeken, decorontwerpen en aan de kleding van de verschillende acteurs. 
Wat vind je van de vormgeving van de studio?
Wat viel jou op in het vorige fragment?

Slide 7 - Tekstslide

Aan de leerlingen wordt gevraagd om te reflecteren op het fragment dat ze zojuist bekeken.

1. Eigen antwoord leerling. Voorbeeldantwoord: De documentaire speelt zich af in een volledig witte studio (witte muren, witte tafel, witte bank, witte trap, etc.)
2. Eigen antwoord leerling.
Wat zou de witte omgeving volgens jou kunnen betekenen?
Waarom hebben sommige voorwerpen volgens jou wel kleur?

Slide 8 - Tekstslide

Bespreek met de leerlingen de overige verdiepende vragen omtrent de betekenis van de vormgeving. 

Vertel na het bespreken van de vragen wat het idee van de documentairemaker was: In de documentaire worden de herinneringen van kinderen rondom dat ene moment opgehaald. Die herinneringen zijn natuurlijk voor iedereen anders, maar in veel gevallen kwamen dezelfde voorwerpen terug: bijvoorbeeld een bank, een eettafel en een bed. Die zijn daarom dus allemaal wit. Vervolgens is de witte studio gevuld met voorwerpen die de afzonderlijke kinderen doen herinneren aan dat ene moment, zoals bijvoorbeeld een pan met pasta. Die voorwerpen hebben daarom kleur, net als de kleding van de kinderen zelf.

Nieuwsgierig geworden naar de hele documentaire? Hij duurt 15 minuten en je bekijkt hem door op de link van de volgende slide te drukken.

Slide 9 - Tekstslide

Bekijk de gehele documentaire door op de link van de volgende slide te klikken.

Slide 10 - Link

Deze slide heeft geen instructies

Misschien hebben jullie haar wel eens gezien: Amanda Gorman. Dit meisje is wereldberoemd geworden toen ze tijdens de inhuldiging van de nieuwe president van Amerika (Joe Biden) sprak. Ze heeft toen een spoken word voorgedragen. 
Wat zou spoken word volgens jou kunnen betekenen?

Slide 11 - Tekstslide

Licht toe wie dit meisje is en dat zij door spoken word beroemd is geworden. Vraag vervolgens aan de leerlingen of zij kunnen bedenken wat dit is.

Op de volgende pagina kan een video worden bekeken waarin wordt uitgelegd wat spoken word is.
De naam van deze stijl verklapt eigenlijk al een beetje hoe deze stijl klinkt. Het zijn gesproken woorden, vaak onder begeleiding van een melodie. De tekst kan over alle mogelijke onderwerpen gaan, maar vaak wil de verteller een boodschap overbrengen. Soms gaat dit in de vorm van een gedicht met rijmwoorden, soms gaat het op de maat van de muziek, soms wordt het half gesproken en half gezongen, enzovoort. 

Slide 12 - Tekstslide

Licht toe wie dit meisje is en dat zij door spoken word beroemd is geworden. Vraag vervolgens aan de leerlingen of zij kunnen bedenken wat dit is.

Op de volgende pagina kan een video worden bekeken waarin wordt uitgelegd wat spoken word is.

Slide 13 - Video

De leerlingen kijken en luisteren naar een voorbeeld van spoken word. Vertel voorafgaand aan het fragment dat de kinderen goed moeten luisteren naar bijvoorbeeld de rijm en het ritme waarin zinnen verteld worden.