Stijlfiguren (herhalingen en opsommingen, tegenstellingen en ontkenningen, overdrijvingen en nuanceringen, spot, woordspelingen)
Slide 4 - Tekstslide
Slide 5 - Tekstslide
Lees het gedicht 'eight days a week' van C. Buddingh'. Leg uit dat voor dit gedicht de uitspraak 'het wezenlijke verschil tussen proza en poëzie is de bladspiegel' geldt.
Slide 6 - Open vraag
Slide 7 - Tekstslide
Hoeveel versregels?
Slide 8 - Tekstslide
Hoeveel versregels?
Slide 9 - Tekstslide
Hoeveel versregels?
Slide 10 - Tekstslide
Slide 11 - Tekstslide
Hoeveel strofen?
Slide 12 - Tekstslide
Hoeveel strofen?
Slide 13 - Tekstslide
Hoeveel strofen?
Slide 14 - Tekstslide
Slide 15 - Tekstslide
Is hier sprake van enjambement?
Slide 16 - Tekstslide
Is hier sprake van enjambement?
Slide 17 - Tekstslide
Is hier sprake van enjambement?
Slide 18 - Tekstslide
Dichteres Ellen Deckwitz noemt enjambementen 'een soort cliffhangers'. Verklaar deze omschrijving.
Slide 19 - Open vraag
Bekijk het gedicht 'Sonnet 16' van Hans Andreus. Dit gedicht heeft een specifieke vorm, namelijk van een sonnet. Beschrijf hoe een sonnet is opgebouwd. Gebruik in je antwoord de woorden versregel en strofen.
Slide 20 - Open vraag
Eigen gedicht bekijken
Bekijk nu met je duo-partner jullie gekozen gedicht.
Noteer in een Word-document/in je schrift/in je werkboek van hoeveel strofen er sprake is; hoeveel versregels het gedicht heeft en waar er enjambement in het gedicht zit.
Jullie krijgen hier de rest van de les de tijd voor.
Klaar? Ga nog even in je leesboek lezen.
Slide 21 - Tekstslide
Afsluiting en vooruitblik
Volgende les: woensdag 11 februari
Huiswerk: -
Meenemen: LAPTOP, leesboek, werkboek literaire vergelijking en je gedicht