In deze les zitten 16 slides, met tekstslides en 3 videos.
Lesduur is: 25 min
Onderdelen in deze les
Les optische illusies
Slide 1 - Tekstslide
Welke kleuren zie jij?
Slide 2 - Tekstslide
Dit is hoe de jurk er in het echt uitziet!
Maar hoe kan het dat sommige mensen er andere kleuren in zien?
*Optische illusies bestaan omdat je hersenen soms anders denken dan je ogen zien. Je ogen sturen een beeld naar je brein, maar je brein probeert het op een bepaalde manier te begrijpen, soms op een verkeerde manier.
Slide 3 - Tekstslide
Slide 4 - Tekstslide
Slide 5 - Video
Slide 6 - Tekstslide
Slide 7 - Tekstslide
Slide 8 - Tekstslide
Slide 9 - Tekstslide
Welk stuk is lichter van kleur? A of B?
Slide 10 - Tekstslide
Wat zie jij als eerst?
Slide 11 - Tekstslide
Zag je het konijn of de eend?
Als je eerst de eend zag, reageer je snel met je emoties. Je stemming verandert vaak en je neemt soms snelle, onverwachte beslissingen. Dit kan betekenen dat je je hersenhelft vaker gebruikt.
-Als je eerst het konijn zag, denk je logisch na en neem je geen snelle beslissingen. Je bent verstandig, maar niet ongevoelig. Dit kan betekenen dat je je linker hersenhelft vaker gebruikt.
Slide 12 - Tekstslide
Wist je dat?
Verschillende dieren, zoals vogels, kunnen kleuren zien die buiten het bereik van het menselijk zicht liggen, waaronder ultraviolet licht.
Slide 13 - Tekstslide
De meeste dieren zien juist mínder kleuren dan mensen.
Honden hebben in hun ogen maar twee soorten kleurcellen (kegeltjes). Daarmee kunnen ze vooral blauw en geel zien.
Honden zien voornamelijk blauw en geel, maar niet rood of groen. Hun kleurperceptie is anders dan die van mensen; rood en groen worden vaak waargenomen als grijstinten of bruinachtige tinten.