Les 24 7 juli

Welkom in de les

Les 24/51 - 7 juli 2026

1 / 13
volgende
Slide 1: Slide
newEditorNederlandsISK

In deze les zitten 13 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 180 min

Onderdelen in deze les

Welkom in de les

Les 24/51 - 7 juli 2026

Wat gaan we doen vandaag?

  • Inchecken

  • Starter

  • Thema 16 taak 1 herhalen

  • Verhaaltje schrijven

  • Thema 16 - taak 2 - bespreken

  • Grammatica - zinnen met dat

  • Competent in taal

  • Huiswerk 9 juli

  • Uitchecken


Wat leer en oefen je vanavond?

  • Praten over een probleem

  • Hulp vragen en aanbieden

  • Zinnen met werkwoorden uit twee delen maken

  • Kennismaken met het Repaircafé

  • Zinnen met dat maken

  • Een verhaal schrijven.

Starter: waarom steunden alle landen België?

Thema 16 - taak 1 herhalen

Ongelofelijk

Inmiddels

Vervolgens

Uiteindelijk

Pech

Rotdag


Kan ik je/jou/u helpen?

Kan je/kunt u mij helpen?


Werkwoorden uit twee delen (2.22 en 2.23)

afrekenen:

ik reken af - ik rekende af - ik heb afgerekend

thuiskomen:

ik kom thuis - ik kwam thuis - ik ben thuisgekomen



Nieuwe woorden

Grammatica

Welke zin is goed?

A

Wij nodigen jou uit voor ons feest.

B

Wij uitnodigen jou voor ons feest.

C

Wij hebben jou uitgenodigd.

D

Wij jou hebben uitgenodigd.

Welke zin is goed?

A

Ik stap de trein in.

B

A Ik stap in de trein

C

Ik heb de trein ingestapt.

D

Ik ben de trein ingestapt.

Grammatica: hebben of zijn?

Bij een beweging (naar) of je bent iets:

Ik ben doodmoe thuisgekomen.

Ik ben te laat uitgestapt.

Ik ben vroeg opgestaan.


Maar ook:

Hij is opgegeten (door een kat)

Het eten is weggegooid.

Mijn vriendin is meegebracht.



Hebben

Meestal bij perfectum.


Ik heb mijn broodje opgegeten.

Ik heb het eten weggegooid.

Ik heb mijn vriendin meegebracht.

Zijn

Een verhaal schrijven over een probleem

In groepjes.


Kies een plaatje.

Schrijf 6 zinnen over het ongeluk.

Wat is er gebeurd?

Waar gebeurde het?

Wanneer gebeurde het?

Wat deed je?

Wie hielp je?

Hoe kwam je thuis?



Thema 16 taak 2 - Het Repaircafé

1. Lees de tekst (p. 281)

Noteer moeilijke woorden

2. Beantwoord de volgende vragen

Wat is een Repaircafé?

Wie werken er bij een Repaircafé?

Wat moet je meenemen?

Hoeveel kost het?

Wat zijn de doelen van het Repaircafé?

Zit er een Repaircafé bij jou in de buurt?

Wanneer zijn ze open?

Thema 16 - taak 2 - oefenen

Maak opdracht 3-4- 5 - 6-7-8 - 9


Oefen eens met iemand anders!!!


Wat vind je van het Repaircafé?


Maak een zin met: Ik vind dat ....



Wat vind je van het repaircafé?

Afsluiting

  • Thema 16 taak 2 opdracht 10 (inleveren)

  • Thema 16 taak 3 1-6 maken online

  • Competent in Taal voorbereiden op eindopdracht doorlezen.













Huiswerk

Wat heb je geleerd vanavond?

  • Praten over een probleem

  • Hulp vragen en aanbieden

  • Zinnen met werkwoorden uit twee delen maken

  • Kennismaken met het Repaircafé

  • Zinnen met dat maken

  • Een verhaal schrijven.

  • ???