les 17 - Argumentatieschema's

argumentatieschema's
1 / 18
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 5

In deze les zitten 18 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

argumentatieschema's

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welkom lieve mensen
Pak je spullen:

1.Pak je schrift + pen
2.Log in op Lessonup

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Lesdoelen
  • Je weet wat argumentatieschema's zijn.
  • Je weet waarom je argumentatieschema's moet kennen.
  • Je kunt de argumentatieschema's herkennen in een argumentatie.

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat heb je aan argumentatieschema's?
Een argumentatieschema geeft je meer inzicht in de argumentatie.

Als je argumentatieschema's kunt herkennen, kun je iemand betrappen op het onjuist gebruik van deze schema's--> ongeldige argumentatie/ drogredenen

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Het geheel van argumenten en standpunt wordt redenering of argumentatie genoemd.

Het verband tussen argumenten en standpunt noemen we een argumentatieschema.

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

De argumentatie kan gebaseerd zijn op:.

  • oorzaak en gevolg
  • kenmerk of eigenschap
  • voor- en nadelen
  • voorbeelden
  • vergelijking
  • autoriteit

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Argumentatie op basis van oorzaak en gevolg.
Een feit of gebeurtenis leidt tot een ander feit of andere gebeurtenis.

Slide 7 - Tekstslide

VB De klimaatverandering is te wijten aan de toename van CO2. 

Argumentatie op basis van kenmerk of eigenschap.
Als alle onderdelen van een groep hetzelfde kenmerk hebben, dan heeft één onderdeel van de groep dat kenmerk ook.

Slide 8 - Tekstslide

Vb 
Iedereen die als volwassene nog met lego speelt is eigenlijk nog een groot kind. Theo speelt nog met lego en is nog een groot kind. (KM)

Alle mensen met donker haar zijn aardig, dus Janine is ook aardig. (eigenschap)
Argumentatie op basis van voor- en nadelen.
Hier wordt een afweging gemaakt: de voordelen worden vergeleken met de nadelen. Op basis daarvan wordt een oordeel uitgesproken.

Slide 9 - Tekstslide

De voordelen van vroeg eten is dat je minder gaat snaaien 's middags, maar het nadeel is dat je 's avonds wel weer honger hebt.
Argumentatie op basis van voorbeelden.
Argumenten zijn gebaseerd op voorbeelden.

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Argumentatie op basis van vergelijking
Er wordt een vergelijking gemaakt tussen twee gevallen. 

Slide 11 - Tekstslide

Vaak kunnen kapsters goed luisteren. Mijn kapster Mies kan heel goed luisteren, net zoals de kapster van de buurvrouw.
Argumentatie op basis van autoriteit
Een standpunt wordt ondersteund door een uitspraak van een deskundige of gezaghebbende.

Slide 12 - Tekstslide

Iedereen moet wat inleveren na Prinsjesdag, want de minister van financiën zegt dat we in een recessie zitten in Nederland.
Argumentatie op basis van een algemene uitspraak en voorbeelden.
De laatste paar jaar heeft PSV iedere competitiewedstrijd na een Europese overwinning verloren (argument, voorbeelden). Ze zullen het zondag dus moeilijk gaan krijgen (standpunt).

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Mensen zouden wat meer met de fiets naar hun werk moeten gaan, want dat is goed voor het milieu en het is goed voor hun conditie.
A
Argumentatie op basis van oorzaak en gevolg
B
Argumentatie op basis van voor- en/of nadelen
C
Argumentatie op basis van autoriteit
D
Argumentatie op basis van voorbeelden

Slide 14 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Het is de hoogste tijd dat de lonen van alle Nederlanders omhoog gaan. De president van De Nederlandsche Bank heeft dat laatst ook in een interview gezegd.
A
Argumentatie op basis van oorzaak en gevolg
B
Argumentatie op basis van voor- en/of nadelen
C
Argumentatie op basis van autoriteit
D
Argumentatie op basis van voorbeelden

Slide 15 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Ik denk dat hij zich nauwelijks betrokken voelt bij het bedrijf en zijn collega's. Zo heeft hij zich gisteren ziek gemeld, terwijl hij 's middags wel in de sportschool was.
A
Argumentatie op basis van oorzaak en gevolg
B
Argumentatie op basis van voor- en/of nadelen
C
Argumentatie op basis van autoriteit
D
Argumentatie op basis van voorbeelden

Slide 16 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Ik vrees dat de leerkrachten in het basisonderwijs de zo gewenste loonsverhoging niet zullen krijgen; de docenten in het voortgezet onderwijs kregen immers laatst ook niet meer salaris.
A
Argumentatie op basis van oorzaak en gevolg
B
Argumentatie op basis van voor- en/of nadelen
C
Argumentatie op basis van vergelijking
D
Argumentatie op basis van voorbeelden

Slide 17 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

En nu oefenen
Maken 2 van de 3 opdrachten van opdracht 3 t/m 5  
lezen blok 3

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies