Thema 3. Introductie Koken - ISK Instroomklas

THEMA 3. INTRODUCTIE KOKEN (cooking introduction)
1 / 77
volgende
Slide 1: Tekstslide
Zorg en WelzijnISK

In deze les zitten 77 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 90 min

Onderdelen in deze les

THEMA 3. INTRODUCTIE KOKEN (cooking introduction)

Slide 1 - Tekstslide

Programma thema 3
  1. De lesdoelen.
  2. Hoe ziet een kooklokaal eruit?
  3. Welke keukenmaterialen er zijn en waarvoor ze worden gebruikt.
  4. Welke drie doeken er zijn en waarvoor ze worden gebruikt.
  5. Welke drie pannen er zijn en waarvoor ze worden gebruikt.
  6. Waarom hygiëne belangrijk is in de keuken en welke regels daarbij
    belangrijk zijn.
  7. Evaluatie van thema 3.

Slide 2 - Tekstslide

De lesdoelen
Aan het einde van de les kan ik:

  • Uitleggen hoe een kooklokaal eruitziet.
  • Keukenmaterialen herkennen en benoemen waarvoor ze worden gebruikt.
  • Drie doeken benoemen en zeggen waarvoor ze dienen.
  • Drie pannen benoemen en zeggen waarvoor ze worden gebruikt.
  • Uitleggen waarom hygiëne belangrijk is en de belangrijkste regels toepassen.

Slide 3 - Tekstslide

Kijk eens rustig rond in het kooklokaal. Welke spullen zie je allemaal?
(Take a careful look around the cooking classroom. What items can you see?)

Slide 4 - Woordweb

Hoe ziet een kooklokaal eruit?

Slide 5 - Tekstslide

Wat staat er in de keuken? (What is in the kitchen?)
het aanrecht
de wasbak
de stop
het afdruiprek
de kraan
de theedoek
de handdoek
de vaatdoek
de afwasborstel
het afwasmiddel

Slide 6 - Tekstslide

het wasteiltje
de ovenwanten
het schort
de weegschaal
de oven
de kookplaat
de lade
de keukenrol

Slide 7 - Tekstslide

Wat zie je op de
afbeelding?
A
het aanrecht
B
het afwasmiddel
C
de wasbak
D
de stop

Slide 8 - Quizvraag

Dit is het aanrecht.
Welk woord hoort bij de pijl?
A
de vaatdoek
B
de kraan
C
de wasbak
D
het wasteiltje

Slide 9 - Quizvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
de kraan
B
het afwasmiddel
C
de wasbak
D
de afwasborstel

Slide 10 - Quizvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
de stop
B
het afwasmiddel
C
de wasbak
D
de vaatdoek

Slide 11 - Quizvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
de handdoek
B
het afwasmiddel
C
de wasbak
D
het afdruiprek

Slide 12 - Quizvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
de stop
B
de wasbak
C
de kraan
D
de theedoek

Slide 13 - Quizvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
de handdoek
B
de vaatdoek
C
de theedoek
D
het afdruiprek

Slide 14 - Quizvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
de handdoek
B
de vaatdoek
C
de theedoek
D
het afdruiprek

Slide 15 - Quizvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
de handdoek
B
de vaatdoek
C
de theedoek
D
het afdruiprek

Slide 16 - Quizvraag

Sleep de woorden naar de juiste afbeeldingen.
de wasbak
de kraan
het afdruiprek
de stop
het aanrecht
de afwasborstel
het afwasmiddel

Slide 17 - Sleepvraag

Sleep de woorden naar de juiste afbeeldingen.
de handdoek
de theedoek
de vaatdoek

Slide 18 - Sleepvraag

Sleep de woorden naar de juiste afbeeldingen.
het wasteiltje
de ovenwanten
de weegschaal
het schort

Slide 19 - Sleepvraag

Sleep de woorden naar de juiste afbeeldingen.
de keukenrol
de lade
de oven
de kookplaat

Slide 20 - Sleepvraag

Wat gebruik je in de keuken? (What do you use in the kitchen?)
de maatbeker
de lepel
het eetmes
het koksmes
het schilmesje
de dunschiller
de pollepel
de spatel
de garde
de vork

Slide 21 - Tekstslide

het vergiet
het schaaltje
de beslagkom
de rasp
de soepkom
de snijplank

Slide 22 - Tekstslide

Sleep de woorden naar de juiste afbeeldingen.
het koksmes
de vork
het schilmesje
de lepel
de maatbeker
het eetmes

Slide 23 - Sleepvraag

Sleep de woorden naar de juiste afbeeldingen.
de garde
de pollepel
de spatel
de dunschiller

Slide 24 - Sleepvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
het vergiet
B
het schaaltje
C
de beslagkom
D
de rasp

Slide 25 - Quizvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
de beslagkom
B
de garde
C
de dunschiller
D
de snijplank

Slide 26 - Quizvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
het koksmes
B
het schaaltje
C
de dunschiller
D
de rasp

Slide 27 - Quizvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
de rasp
B
het schaaltje
C
de soepkom
D
de rasp

Slide 28 - Quizvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
de beslagkom
B
het schaaltje
C
de pollepel
D
de soepkom

Slide 29 - Quizvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
het koksmes
B
het schaaltje
C
de rasp
D
de soepkom

Slide 30 - Quizvraag

Welke soorten pannen zie je hier? (Which types of pans do you see here?)
de kookpan
de koekenpan
de steelpan

Slide 31 - Tekstslide

Sleep de woorden naar de juiste afbeeldingen.
de kookpan
de koekenpan
de steelpan

Slide 32 - Sleepvraag

Welke pan gebruik je voor elk gerecht? Sleep het gerecht naar de juiste pan.

Slide 33 - Sleepvraag

Onze keukenregels (Our kitchen rules)

Slide 34 - Tekstslide

Wat is een goede
keukenregel?
A
handen wassen
B
schort aan
C
afwassen
D
afdrogen

Slide 35 - Quizvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
schort aan
B
haren vast
C
handen wassen
D
sieraden af

Slide 36 - Quizvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
schort aan
B
haren vast
C
handen wassen
D
sieraden af

Slide 37 - Quizvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
schort aan
B
haren vast
C
handen wassen
D
sieraden af

Slide 38 - Quizvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
keuken opruimen
B
afwassen
C
handen wassen
D
afdrogen

Slide 39 - Quizvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
keuken opruimen
B
afwassen
C
handen wassen
D
afdrogen

Slide 40 - Quizvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
keuken opruimen
B
afwassen
C
handen wassen
D
afdrogen

Slide 41 - Quizvraag

Slide 42 - Video

Welke kleur snijplank gebruik je voor de volgende producten?
Groente en fruit
Rauw vlees
Kaas en brood
Gebraden vlees
Vis
Gevogelte

Slide 43 - Sleepvraag

Evaluatie Thema 3
Theme 3 Evaluation

Slide 44 - Tekstslide

Kijk eens rustig rond in het kooklokaal. Welke spullen zie je allemaal?
(Take a careful look around the cooking classroom. What items can you see?)

Slide 45 - Woordweb

Wat zie je op de
afbeelding?
A
het aanrecht
B
het afwasmiddel
C
de wasbak
D
de stop

Slide 46 - Quizvraag

Dit is het aanrecht.
Welk woord hoort bij de pijl?
A
de vaatdoek
B
de kraan
C
de wasbak
D
het wasteiltje

Slide 47 - Quizvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
de kraan
B
het afwasmiddel
C
de wasbak
D
de afwasborstel

Slide 48 - Quizvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
de stop
B
het afwasmiddel
C
de wasbak
D
de vaatdoek

Slide 49 - Quizvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
de handdoek
B
het afwasmiddel
C
de wasbak
D
het afdruiprek

Slide 50 - Quizvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
de stop
B
de wasbak
C
de kraan
D
de theedoek

Slide 51 - Quizvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
de handdoek
B
de vaatdoek
C
de theedoek
D
het afdruiprek

Slide 52 - Quizvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
de handdoek
B
de vaatdoek
C
de theedoek
D
het afdruiprek

Slide 53 - Quizvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
de handdoek
B
de vaatdoek
C
de theedoek
D
het afdruiprek

Slide 54 - Quizvraag

Sleep de woorden naar de juiste afbeeldingen.
de wasbak
de kraan
het afdruiprek
de stop
het aanrecht
de afwasborstel
het afwasmiddel

Slide 55 - Sleepvraag

Sleep de woorden naar de juiste afbeeldingen.
de handdoek
de theedoek
de vaatdoek

Slide 56 - Sleepvraag

Sleep de woorden naar de juiste afbeeldingen.
het wasteiltje
de ovenwanten
de weegschaal
het schort

Slide 57 - Sleepvraag

Sleep de woorden naar de juiste afbeeldingen.
de keukenrol
de lade
de oven
de kookplaat

Slide 58 - Sleepvraag

Sleep de woorden naar de juiste afbeeldingen.
het koksmes
de vork
het schilmesje
de lepel
de maatbeker
het eetmes

Slide 59 - Sleepvraag

Sleep de woorden naar de juiste afbeeldingen.
de garde
de pollepel
de spatel
de dunschiller

Slide 60 - Sleepvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
het vergiet
B
het schaaltje
C
de beslagkom
D
de rasp

Slide 61 - Quizvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
de beslagkom
B
de garde
C
de dunschiller
D
de snijplank

Slide 62 - Quizvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
het koksmes
B
het schaaltje
C
de dunschiller
D
de rasp

Slide 63 - Quizvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
de rasp
B
het schaaltje
C
de soepkom
D
de rasp

Slide 64 - Quizvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
de beslagkom
B
het schaaltje
C
de pollepel
D
de soepkom

Slide 65 - Quizvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
het koksmes
B
het schaaltje
C
de rasp
D
de soepkom

Slide 66 - Quizvraag

Sleep de woorden naar de juiste afbeeldingen.
de kookpan
de koekenpan
de steelpan

Slide 67 - Sleepvraag

Welke pan gebruik je voor elk gerecht? Sleep het gerecht naar de juiste pan.

Slide 68 - Sleepvraag

Wat is een goede
keukenregel?
A
handen wassen
B
schort aan
C
afwassen
D
afdrogen

Slide 69 - Quizvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
schort aan
B
haren vast
C
handen wassen
D
sieraden af

Slide 70 - Quizvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
schort aan
B
haren vast
C
handen wassen
D
sieraden af

Slide 71 - Quizvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
schort aan
B
haren vast
C
handen wassen
D
sieraden af

Slide 72 - Quizvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
keuken opruimen
B
afwassen
C
handen wassen
D
afdrogen

Slide 73 - Quizvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
keuken opruimen
B
afwassen
C
handen wassen
D
afdrogen

Slide 74 - Quizvraag

Wat zie je op de
afbeelding?
A
keuken opruimen
B
afwassen
C
handen wassen
D
afdrogen

Slide 75 - Quizvraag

Welke kleur snijplank gebruik je voor de volgende producten?
Groente en fruit
Rauw vlees
Kaas en brood
Gebraden vlees
Vis
Gevogelte

Slide 76 - Sleepvraag

Einde van thema 3! 
Zijn er nog vragen?
End of Theme 3!
Are there any questions?

Slide 77 - Tekstslide