MAW A5 Verandering deel 5

Deel 5 Verandering: wat gaan we doen?
Institutionalisering
Staatsvorming
Staatsvorming en economische ontwikkelingen
Staatsvorming en culturele ontwikkelingen
Staatsvorming en politieke ontwikkelingen
Soevereiniteit: 
Interne soevereine macht en externe soevereine macht

1 / 27
volgende
Slide 1: Tekstslide
MaatschappijwetenschappenMiddelbare schoolvwoLeerjaar 5

In deze les zitten 27 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 4 videos.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

Deel 5 Verandering: wat gaan we doen?
Institutionalisering
Staatsvorming
Staatsvorming en economische ontwikkelingen
Staatsvorming en culturele ontwikkelingen
Staatsvorming en politieke ontwikkelingen
Soevereiniteit: 
Interne soevereine macht en externe soevereine macht

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 2 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Institutionalisering
Het proces waarbij een complex van waarden en min of meer geformaliseerde regels vastgelegd wordt in standaardgedragspatronen, die het gedrag van mensen en hun onderlinge relaties reguleren.

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 4 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Slide 5 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Leg aan de hand van institutionalisering (deel van/de hele definitie) uit dat er bij het rookbeleid op de Hanze sprake is van institutionalisering.

Slide 6 - Open vraag

Het proces waarbij een complex van waarden en min of meer geformaliseerde regels vastgelegd wordt in standaardgedragspatronen, die het gedrag van mensen en hun onderlinge relaties reguleren.
Is het kernconcept institutionalisering duidelijk voor jou?
ja
nee

Slide 7 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Aanleiding tot staatsvorming
Gebrek aan samenwerking           
Behoefte aan regels/afspraken 
Creëeren van staten, staatsvorming.


Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 9 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Staatsvorming
De institutionalisering van politieke macht tot een staat.

Politieke macht breidt zich uit en verandert door:
1 Depersonalisering (macht gekoppeld aan rol/functie)
2 Formalisering (macht ingeperkt door de wet)
3 Integratie (macht door hulpbronnen en particulier initiatief)

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Staatsvorming en economische ontwikkelingen
  • Toename van handel in steden en nieuwe werelddelen.
  • Grotere economische zelfstandigheid burgers.
  • Verdwijnen feodale samenlevingen en start pre-moderne staten.

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Staatsvorming en culturele ontwikkelingen
  • Groei stadsbevolking, stadscultuur.
  • Grondstoffen en invloeden uit koloniën.
  • Burgers steunen politieke machthebbers.

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Staatsvorming en politieke ontwikkelingen
  • Politieke machthebbers zorgen voor vrije handel, eenheid in wetten en munten, veiligheid en bescherming van burgers.
  • Grotere politieke zelfstandigheid burgers.
  • Verdwijnen feodale samenlevingen en start pre-moderne staten.

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Losse gebieden met lokale heersers worden samengevoegd met een machtig staatshoofd.
A
economische ontwikkeling
B
culturele ontwikkeling
C
politieke ontwikkeling

Slide 14 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Andere landen mogen zich niet mengen in interne zaken van een staat (non-interventiebeginsel)
A
economische ontwikkeling
B
culturele ontwikkeling
C
politieke ontwikkeling

Slide 15 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Kolonialisme werd in de 19e eeuw vermoedelijk vooral gerechtvaardigd door te wijzen op het belang van gegarandeerde goedkope grondstoffenlevering.
A
economische ontwikkeling
B
culturele ontwikkeling
C
politieke ontwikkeling

Slide 16 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Er ontstond tijdens de Gouden Eeuw een grote en zeer rijke klasse van kooplieden.
A
economische ontwikkeling
B
culturele ontwikkeling
C
politieke ontwikkeling

Slide 17 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

De nieuwe voorspoed leidde ook tot meer aandacht voor en sponsoring van beeldende kunsten, literatuur en wetenschappen.
A
economische ontwikkeling
B
culturele ontwikkeling
C
politieke ontwikkeling

Slide 18 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Is het kernconcept staatsvorming duidelijk voor jou?
ja
nee

Slide 19 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Kenmerken van de staat
1. Regeert over een groep mensen
2. Binnen een bepaald grondgebied
3. Heeft geweldsmonopolie en belastingmonopolie

Voldoet de staat aan alle drie de kenmerken dan is de staat intern soeverein. De staat heeft interne soevereine macht, burgers accepteren de macht van de overheid.

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Geweldsmonopolie betekent
A
alleen de politie mag geweld gebruiken
B
alleen het leger mag geweld gebruiken
C
alleen de staat/overheid mag geweld gebruiken
D
alleen de ME mag geweld gebruiken

Slide 21 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Belastingmonopolie betekent
A
alleen rijke mensen betalen belasting
B
alleen de staat/overheid mag burgers belasting laten betalen
C
alleen mensen die werken betalen belasting
D
alle voorgaande antwoorden zijn juist

Slide 22 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Soevereiniteit
Interne soevereiniteit = de staat voldoet aan de drie kenmerken van de staat (zie hierboven), burger accepteren de macht.

Externe soevereiniteit = betekent dat het staatsgezag niet ondergeschikt is aan het gezag van andere staten. (non-interventie beginsel = staten bemoeien zich niet met de politiek van andere staten)

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

De Europese Unie bepaalt regels voor de Nederlandse boeren, dit tast de ..... van Nederland aan
A
externe soevereiniteit
B
interne soevereiniteit
C
geen van beide
D
allebei

Slide 24 - Quizvraag

Interne soevereiniteit = de staat voldoet aan de drie kenmerken van de staat (zie hierboven)
Externe soevereiniteit = betekent dat het staatsgezag niet ondergeschikt is aan het gezag van andere staten.
De Trump-aanhangers zorgen er met geweld voor dat de Senaat in het Capitool niet kan vergaderen en beslissen, dit tast de..... van de VS aan
A
externe soevereiniteit
B
interne soevereiniteit
C
geen van beide
D
allebei

Slide 25 - Quizvraag

Interne soevereiniteit = de staat voldoet aan de drie kenmerken van de staat (zie hierboven)
Externe soevereiniteit = betekent dat het staatsgezag niet ondergeschikt is aan het gezag van andere staten.
Mark Rutte wint in 2021 met de VVD opnieuw de verkiezingen, dit tast de .... van Nederland aan
A
externe soevereiniteit
B
interne soevereiniteit
C
geen van beide
D
allebei

Slide 26 - Quizvraag

Interne soevereiniteit = de staat voldoet aan de drie kenmerken van de staat (zie hierboven)
Externe soevereiniteit = betekent dat het staatsgezag niet ondergeschikt is aan het gezag van andere staten.
Is het begrip soevereiniteit duidelijk voor jou?
ja
nee

Slide 27 - Poll

Deze slide heeft geen instructies