1pA 5/04/24

Vendredi 5 avril 2024

Programme:
  • Plenda
  • Chap. 3 Leçon C  "parler de l'école"                                                                                          
Devoirs 10/04:
Chap. 3 Leçon C afmaken, leren C phrases cles p. 132
herhalen A+B
Devoirs 12/04:
Chap. 3 Leçon D afmaken, leren D grammaire p. 133
Chap. 3 SO 1 ABCD 19/04 
PW Chap. 3 A-->H 22/05
1 / 33
volgende
Slide 1: Tekstslide
FransMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 1

In deze les zitten 33 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Vendredi 5 avril 2024

Programme:
  • Plenda
  • Chap. 3 Leçon C  "parler de l'école"                                                                                          
Devoirs 10/04:
Chap. 3 Leçon C afmaken, leren C phrases cles p. 132
herhalen A+B
Devoirs 12/04:
Chap. 3 Leçon D afmaken, leren D grammaire p. 133
Chap. 3 SO 1 ABCD 19/04 
PW Chap. 3 A-->H 22/05

Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Video

Slide 3 - Tekstslide

Il est sept heures et demie
A
het is half zeven
B
het is half acht
C
het is kwart over zeven
D
het is kwart voor zeven

Slide 4 - Quizvraag

il est neuf heures moins le quart
A
het is kwart voor acht
B
het is kwart over negen
C
het is kwart voor negen
D
het is half negen

Slide 5 - Quizvraag

Il est sept heures et demie
A
het is half zeven
B
het is half acht
C
het is kwart over zeven
D
het is kwart voor zeven

Slide 6 - Quizvraag

il est neuf heures moins le quart
A
het is kwart voor acht
B
het is kwart over negen
C
het is kwart voor negen
D
het is half negen

Slide 7 - Quizvraag

Écris les mots sur l'école

Slide 8 - Woordweb

au revoir .....

Slide 9 - Tekstslide

les heures
Quelle heure est-il?

Il est ...


Tip!-> kijk op p.86

Slide 10 - Tekstslide

Les heures - half

il est une heure  et demie
il est deux heures et demie
il est trois heures et demie
etc.

Slide 11 - Tekstslide

Les heures - kwart over

il est une heure  et quart
il est deux heures et quart
il est trois heures et quart
etc.

Slide 12 - Tekstslide

Les heures - 5/10/20 over 
il est une heure cinq
il est deux heures dix
il est trois heures vingt
etc.


Slide 13 - Tekstslide

Les heures - kwart voor

il est une heure  moins le quart
il est deux heures moins le quart        
il est trois heures moins le quart
etc.

Slide 14 - Tekstslide

Les heures - 5/10/20 voor 
il est une heure moins cinq
il est deux heures moins dix
il est trois heuremoins vingt
etc.


Slide 15 - Tekstslide

Les heures.
Om te zeggen hoe laat het is gebruik je: Il est .... heures.
Twaalf uur 's middags = midi
Twaalf uur 's nachts = minuit
Kwart over ... = Il est ... heures et quart
Half ... = Il est ... heures et demie
Kwart voor ... = Il est ... heures moins le quart

Slide 16 - Tekstslide

Noteer 6 Franse woorden
die met de klok
te maken hebben

Slide 17 - Woordweb

Il est midi.
A
Het is middag.
B
Het is 12 uur 's middags.
C
Het is tijd.
D
Het is 12 uur 's nachts.

Slide 18 - Quizvraag

Il est huit heures et quart.
A
Het is 8 uur.
B
Het is 10 over 8.
C
Het is kwart over 8.
D
Het is kwart voor 8.

Slide 19 - Quizvraag

Il est cinq heures et demie.
A
Het is half 5.
B
Het is 5 uur.
C
Het is kwart over 5.
D
Het is half 6.

Slide 20 - Quizvraag

Il est trois heures moins 20.
A
Het is 20 over drie.
B
Het is tien voor half 4.
C
Het is 10 over half 3.
D
Het is tien over half 4.

Slide 21 - Quizvraag

Vertaal de kloktijd in het Nederlands:
trois heures dix

Slide 22 - Open vraag

Vertaal de kloktijd in het Nederlands:
sept heures et demie

Slide 23 - Open vraag

Vertaal de kloktijd in het Frans:
kwart over vijf

Slide 24 - Open vraag

Vertaal de kloktijd in het Nederlands:
minuit moins le quart

Slide 25 - Open vraag

Vertaal de kloktijd in het Frans:
kwart over 12 's middags

Slide 26 - Open vraag

Vertaal de kloktijd in het Frans:
10 voor 7 ('s morgens)

Slide 27 - Open vraag

Welke tijd is het vroegst?
A
sept heures dix
B
sept heures moins cinq
C
sept heures vingt
D
sept heures

Slide 28 - Quizvraag

Welke tijd is correct gespeld?
A
Il est trois heure et demie.
B
Il est trois heures et demi.
C
Il est trois heures et demie.
D
Il est trois heurs et demie.

Slide 29 - Quizvraag

Hoe laat begint de kleine pauze?
Geef antwoord in het Frans.

Slide 30 - Open vraag

Zet de tijden van vroeg naar laat:
(sleep blauw over rood)
deux heures moins dix
deux heures vingt
deux heures moins le quart
deux heures et demie
deux heures cinq

Slide 31 - Sleepvraag

Slide 32 - Tekstslide

Slide 33 - Video