Methodiek periode 1 les 1 week 35 4mz2a

Achtergronden van probleemgedrag
door Jolien de Kock-Visscher
1 / 27
volgende
Slide 1: Tekstslide
VerzorgingMBOStudiejaar 4

In deze les zitten 27 slides, met tekstslides en 4 videos.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Achtergronden van probleemgedrag
door Jolien de Kock-Visscher

Slide 1 - Tekstslide

Wat betekent 'methodiek'?

Slide 2 - Tekstslide

week 35
Achtergronden/betekenis
week 36
Cultuur en risicofactoren
week 37
Het gezin
week 38
School
week 39
Vriendengroep
week 40
Persoonlijk
week 41
Hulpverlening/BPV
Lesopzet

Slide 3 - Tekstslide

Handig om te weten
-Je eindproduct is een verslag welke je inlevert in week 43/week 44.
-Tijdens de lessen maak je aantekeningen. De aantekeningen heb je nodig voor jouw eindproduct. 
-De reader en criteria voor het eindproduct vind je op CumLaude. 

Slide 4 - Tekstslide

Wat is probleemgedrag?

Slide 5 - Tekstslide

Slide 6 - Tekstslide

Welke gedragingen zie je?
meester Wim en leerling

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Video

In welke mate is er sprake van probleemgedrag?
Elwin vertelt

Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Video

Wanneer spreek je van probleemgedrag?
Een persoon veroorzaakt last voor zichzelf of de omgeving op de korte of lange termijn.
Voorbeelden?

Slide 11 - Tekstslide

Wanneer spreek je van een gedragsstoornis (DSM IV)?
Personen schenden herhaaldelijk en gedurende lange tijd basale rechten of belangrijke sociale normen en regels.
Voorbeelden?

Slide 12 - Tekstslide

Gedragsstoornis
-Psychiatrisch onderzoek
-Vaak meerdere aandoeningen
-Gedragskenmerken
-Omgevingsfactoren

Slide 13 - Tekstslide

Probleemgedrag/BPV
Bespreek in twee- of drietallen welk probleemgedrag jij tegen kunt komen in de BPV
timer
5:00

Slide 14 - Tekstslide

Adequaat of inadequaat gedrag
Adequaat: Handelingen, gedachten en emoties die bijdragen tot goed functioneren en ontwikkeling. 
Inadequaat: Handelingen, gedachten en emoties die goed functioneren en ontwikkeling belemmeren.

Slide 15 - Tekstslide

Adequaat of inadequaat gedrag
storend voor de omgeving...                         of voor de persoon zelf.

Slide 16 - Tekstslide

Voor wie is het storend?
Rellende jongeren Amersfoort

Slide 17 - Tekstslide

Slide 18 - Video

Voor wie is het storend?
Sanne heeft anorexia

Slide 19 - Tekstslide

Slide 20 - Video

Bedenk een aantal voorbeelden bij beide typen.
externaliserende gedragsproblemen
internaliserende gedragsproblemen
gericht op de buitenwereld
gericht op de eigen persoon

Slide 21 - Tekstslide

Oorzaken probleemgedrag
1. Erfelijke factoren
2. Hersenletsel
3. Omgeving
4. Sociale factoren
5. Culturele factoren

Slide 22 - Tekstslide

Aangeboren of aangeleerd?
-Psychosociale ontwikkeling laat automatisch gedrag verdwijnen (driften, emoties, neigingen)
-Bij sommige doelgroepen gaat aangeboren gedrag minder naar de achtergrond (dementie, NAH, verstandelijke beperking)

Slide 23 - Tekstslide

Casus
Jongen van 11 jaar gedraagt zich thuis lusteloos en wil niet meer naar school. Tegen zijn moeder doet hij erg afstandelijk. Moeder maakt zich zorgen en vraagt omgeving om advies.

Slide 24 - Tekstslide

Huiswerk
-Lezen hoofdstuk 1 uit de reader (CumLaude)

Slide 25 - Tekstslide

Volgende week
Cultuur en risicofactoren

Slide 26 - Tekstslide

Slide 27 - Tekstslide