evolutie

Evolutie
"survival of the fittest" (Charles Darwin)
1 / 33
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 3

In deze les zitten 33 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 3 videos.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

Evolutie
"survival of the fittest" (Charles Darwin)

Slide 1 - Tekstslide

Wat is evolutie?

Slide 2 - Woordweb

Wat is evolutie
De ontwikkeling van het leven op aarde, waarbij soorten  ontstaan, veranderen of verdwijnen.

Slide 3 - Tekstslide

  • De Beagle
  • 5 jaar
  • Galapagos eilanden

Charles Darwin 

Slide 4 - Tekstslide

Slide 5 - Video

Evolutie theorie
-verandering in genotype (mutaties)
-natuurlijke selectie
-ontstaan nieuwe soorten 

Slide 6 - Tekstslide

Mutatie
Verandering van het DNA.

In geslachtscellen: erfelijk
In lichaamscellen: niet erfelijk

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Video

Natuurlijke selectie
  • De nakomelingen die de betere fenotypen hebben voor hun omgeving, overleven
  • Natuurlijke selectie

Slide 9 - Tekstslide

Voorbeeld van natuurlijke selectie
(survival of the fittest)
van evolutie

Slide 10 - Tekstslide

Darwin had het over 'survival of the fittest'
Waar staat 'fittest' voor bij evolutie?

A
Dat je het best bent aangepast aan je omgeving
B
hoe fit je bent
C
hoeveel nakomelingen je maakt
D
hoe sterk je bent

Slide 11 - Quizvraag

stelling 1 - Natuurlijke selectie is dat soorten die zich het beste aanpassen aan de omstandigheden de beste overlevingskans hebben.
Stelling 2 - Een goed voorbeeld van evolutie zijn mensen die in koude gebieden wonen dikke jassen dragen.
A
1 is goed
B
1 en 2 zijn goed
C
2 is goed
D
1 en 2 zijn beide fout

Slide 12 - Quizvraag

Antwoord
A- Stelling 2 is fout, want het dragen van dikke jassen is geen eigenschap van het organisme zelf. Het is ook geen eigenschap die kan worden doorgegeven. 
Stelling 1 is goed. 

Slide 13 - Tekstslide

Ontstaan nieuwe soorten
Als nieuwe vormen van een soort zich niet meer onderling kunnen voortplanten dan is er sprake van een nieuwe soort.

Dit kan door gebeuren door:
isolatie / mutatie

Slide 14 - Tekstslide

Isolatie

Slide 15 - Tekstslide

Isolatie
A
groepen organismen van dezelfde soort leven samen
B
groepen organismen van verschillende soorten leven samen
C
groepen organismen van dezelfde soort trekken naar elkaar toe
D
groepen organismen van dezelfde soort raken van elkaar gescheiden

Slide 16 - Quizvraag

Argumenten voor evolutie

Slide 17 - Tekstslide

Argumenten voor evolutie
  • Fossielen
  • overblijfselen
  • argumenten die theorie   ondersteunen

Slide 18 - Tekstslide

Fossielen
  • versteende overblijfselen van   organismen
  • afdrukken van organismen
  • bedekt met sediment
  • sediment = zand/klei
  • zuurstof weg
  • geen schimmels en bacteriën
  • miljoenen jaren duren - steen
  • mens aap 'Lucy' 

Slide 19 - Tekstslide

Overeenkomst bouw

  • functie lichaam
    arm mens
      voorpoot mol
      vleugel arend
      voorvin walvis

Slide 20 - Tekstslide

Slide 21 - Tekstslide

Overeenkomst in functie
Verschillende soorten in hetzelfde milieu
dezelfde functie

Slide 22 - Tekstslide

Rudimentaire organen

Organen die niet meer volledig tot ontwikkeling komen en geen functie meer hebben.

Slide 23 - Tekstslide

Rudimentaire organen


Blinde darm

Staartwervels

Slide 24 - Tekstslide

Overeenkomst in cellen en stoffen


Celdeling
Verbranding
DNA
Eiwitten

Slide 25 - Tekstslide

Leg uit hoe fossielen de evolutie theorie ondersteunen.

Slide 26 - Open vraag

Antwoord
Fossielen zijn afdrukken van organismen. Vaak zag men dat er ook fossielen waren van organismen die nergens in de wereld te vinden waren. Daaruit kun je concluderen dat er door de tijd meerdere soorten hebben geleefd en dat soorten uitsterven (de fossielen komen na een tijdje niet meer voor). Ook kun je met onderzoek aan fossielen stambomen van soorten uitschrijven. Waaruit je kan zien welke soort uit welke soort is ontstaan (verwantschap).

Slide 27 - Tekstslide

Sleep de juiste afbeelding naar de bijbehorende structuur.
overeenkomst in bouw
overeenkomst in functie
Rudimentair

Slide 28 - Sleepvraag

Wat betekent 'Survival of the fittest'?

Slide 29 - Woordweb

Antwoord
Survival of the fittest betekent dat er individuen zijn die gunstige eigenschappen hebben, waardoor ze een grotere overlevingskans hebben en meer nakomelingen kunnen krijgen.

Best aangepast en dus nakomelingen!

Slide 30 - Tekstslide

100 jaar geleden kwam een groep muggen in de metrotunnels in Londen terecht. Ze kwamen niet meer in contact met muggen buiten de tunnels. Ook veranderde hun voedsel. Daardoor vormden de muggen in de tunnels een nieuwe soort. Hoe noem je de gebeurtenis dat de twee groepen niet meer met elkaar in contact kwamen?
A
evolutietheorie
B
isolatie
C
natuurlijke selectie
D
soortvorming

Slide 31 - Quizvraag

Antwoord
B- De muggen raken geïsoleerd van andere muggen door een barrière. Elkaar niet kunnen bereiken heet isolatie

Slide 32 - Tekstslide

Slide 33 - Video