2.3 Spieren 2023 - 2024

Bespreken/Controle 2.2
1 / 33
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 1

In deze les zitten 33 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 80 min

Onderdelen in deze les

Bespreken/Controle 2.2

Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Tekstslide

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Tekstslide

Slide 5 - Tekstslide

Sleep de nummers naar de juiste naam
Beenderen van het been
dijbeen
voetwortelbeen
scheenbeen
middenvoetsbeen
knieschijf
kuitbeen
1
2
3
4
5
6

Slide 6 - Sleepvraag

Tussen de wervels zitten:
A
Kraakbeenschijven
B
Schokwervels
C
Beenschijven
D
Wervelschijven

Slide 7 - Quizvraag

Waarom zit er kalk in onze botten?
A
Buigzaamheid
B
Stevigheid
C
Zodat we geen melk hoeven drinken
D
Er zit geen kalk in botten

Slide 8 - Quizvraag

Wat is het juiste verschil tussen kraakbeenweefsel en beenweefsel?
A
In beenweefsel zit veel kalk en in kraakbeenweefsel zit veel lijmstof
B
In beenweefsel zit weinig kalk en in kraakbeenweefsel zit weinig lijmstof
C
In beenweefsel zit veel kalk en in kraakbeenweefsel zit weinig lijmstof
D
In beenweefsel zit weinig kalk en in kraakbeenweefsel zit veel lijmstof

Slide 9 - Quizvraag

Sommige gewrichten hebben ___________ voor extra stevigheid.
A
gewrichtssmeer
B
gewrichtskapsel
C
gewrichtsbanden
D
kraakbeenlaagje

Slide 10 - Quizvraag

naad
verbinding
kraakbeen
verbinding
vergroeid
rol
gewricht
kogel
gewricht
scharnier
gewricht
1
2
3
4
5
6
8
9
10
11

Slide 11 - Sleepvraag

2.3 Spieren

Slide 12 - Tekstslide

Leerdoelen 2.3
  • Je kunt de bouw en werking van je spieren beschrijven.
  • Je kunt beschrijven hoe spieren samenwerken.
  • Je kunt uitleggen wat willekeurige en onwillekeurige spieren zijn.
  • Je kunt uitleggen hoe kring- en lengtespieren samenwerken. 

Slide 13 - Tekstslide

Slide 14 - Tekstslide

Slide 15 - Tekstslide

Slide 16 - Video

Pezen
  • Spieren zitten vast aan botten met pezen

  • De plek waar de spier aan het bot vastzit = Aanhechtingsplaats

Slide 17 - Tekstslide

Bouw spier
  • Cellen in spieren noem je spiervezels. 
  • Een groepje spiervezels noem je een spierbundel. 
  • De spieren zitten met pezen vast aan de botten 

Slide 18 - Tekstslide

Lijkt op spiervezels!

Slide 19 - Tekstslide

Spier
Spierbundel
Pees
Spiervezel

Slide 20 - Sleepvraag

Spieren kunnen samentrekken, pezen niet.
Is deze bewering juist of onjuist?
A
Juist
B
Onjuist

Slide 21 - Quizvraag

Slide 22 - Tekstslide

Hoe buig en strek je je arm?
  • Arm buigen --> armbuigspier (biceps)

  • Arm strekken --> armstrekspier (triceps)

Slide 23 - Tekstslide

Armbuigspier 
  • Zit  met pezen vast aan het spaakbeen en schouderblad 

  • Arm buigen: Kort en dikker
  • Arm strekken: Lang en smaller
armbuigspier
(biceps)

Slide 24 - Tekstslide

Armstrekspier
  • Zit  met pezen vast aan het ellepijp en schouderblad 

  • Arm buigen: Lang en dun
  • Arm strekken: Korter en dikker
armstrekspier
(triceps)

Slide 25 - Tekstslide

Door spieren te trainen worden ze langer.
Is deze bewering juist of onjuist?
A
Juist
B
Onjuist

Slide 26 - Quizvraag

Buigspier
Trekspier

Slide 27 - Sleepvraag

Bewegen
  • Bij elke beweging die je maakt, zijn tenminste twee spieren nodig die samenwerken.
     
  • Buigspieren en strekspieren
  • Antagonisten = tegenovergestelde functie. 

Slide 28 - Tekstslide

Bekijk de afbeelding. Wat gebeurt er als spier D zich samentrekt?
A
het heupgewricht buigt zich
B
het heupgewricht strekt zich
C
het kniegewricht buigt zich
D
het kniegewricht strekt zich

Slide 29 - Quizvraag

Wat is zijn antagonisten, kies het beste antwoord.
A
Spieren die een tegengestelde beweging mogelijk maken
B
Spieren die jouw arm bewegen.
C
Spieren die altijd doorwerken
D
Spieren die verkrampen

Slide 30 - Quizvraag

Willekeurig & onwillekeurig
  • Onwillekeurige spieren: je hoeft er niet bij na te denken.

  • Willekeurige spieren: je beslist of ze samentrekken of niet.

Slide 31 - Tekstslide

Kringspieren & Lengtespieren
  • Kringspieren: trekken samen in breedte
  • Lengtespieren: trekken samen in lengte 

Slide 32 - Tekstslide

Huiswerk
  • 2.3 Spieren
  • Vraag 4 t/m 14. 

  • Snel klaar?!
  • 17 + 18 + 19.

Slide 33 - Tekstslide