Quizvragen week 8

Quizvragen week 8

Leerdoel

1 / 10
volgende
Slide 1: Slide
newEditorGeneeskundeWOStudiejaar 2

In deze les zitten 10 slides, met interactieve quizzen en tekstslide.

time-iconLesduur is: 10 min

Onderdelen in deze les

Quizvragen week 8

Leerdoel

Ee n 76 jarige man met non-Hodgkin lymfoom presenteert met een vergrote lymfeklier in de linker axilla. Verder onderzoek laat infiltraat zien in het beenmerg. De PET/CT scan is negatief, behalve voor de axillaire regio. Hij heeft geen nachtzweten of koorts, maar heeft wel 3 kg verloren de afgelopen 6 maanden. Welk stadium is van toepassing?

A

Stadium IVb

B

Stadium IIa

C

Stadium Ib

D

Stadium IVa

Wat is een belangrijk verschil tussen Hodgkin's lymfoom en non-Hodgkin lymfoom?

A

De prognose van Hodgkin's lymfoom is meestal beter

B

Non-Hodgkin's lymfoom is meestal stadium I-III bij de diagnose

C

Hodgkin's lymfoom is meer voorkomend in ouderen

Welke van de volgende combinaties is correct?

A

Combinatie 1

B

Combinatie 2

C

Combinatie 3

Een patient is gediagnosticeerd met een Hodgkin lymfoom 22 jaar geleden. Hij is volledig genezen door chemo in combinatie met thoracale radiotherapie. Nu heeft hij dyspnoe en oedeem. Wat is de meest waarschijnlijke diagnose?

A

Pneumonie

B

Cardiomyopathy

C

Terugval

D

Griep

Voeg hier je vraag toe

A

Answer A

B

Answer B

C

Answer C

D

Answer D

Welke van de volgende bevindingen is het meest kenmerkend voor Hodgkin-lymfoom?


A) De aanwezigheid van Reed-Sternberg cellen in het lymfeklierweefsel

B) Hoge calciumwaarden in het bloed zonder vergrote lymfeklieren

C) Kleine, uniforme lymfocyten in het aangedane weefsel

D) Vergrote milt en lever zonder aantasting van lymfeklieren

A

Answer A

B

Answer B

C

Answer C

D

Answer D

Zijn alle lymfomen FDG-avide?


A

Ja

B

Nee

Het diffuus grootcellig B-lymfoom en het folliculair lymfoom kunnen de volgende merkers gemeenschappelijk hebben, behalve ...

A

CD2

B

BCL2

C

CID19

D

CD20

Welk eiwit speelt een belangrijke rol bij de pathofysiologie van het folliculair lymfoom?

A

BCL2

B

BCR-ABL eiwit

C

Amyloid

D

M proteine