Structuur in de zin (A2-niveau)
Presens
Perfectum
Imperfectum
Scheidbare werkwoorden
Modale werkwoorden
Reflexieve werkwoorden
Structuur in de zin (A2-niveau)
Presens
Perfectum
Imperfectum
Scheidbare werkwoorden
Modale werkwoorden
Reflexieve werkwoorden
Maak een zin in het presens met de volgende woorden. Je mag extra woorden gebruiken en de vorm veranderen.
voetbalvereniging - wedstrijd - spelen
Maak een vraag met de volgende woorden. Je mag extra woorden gebruiken en de vorm veranderen.
wedstrijd - spelen - hoe laat
Maak een vraag met de volgende woorden. Je mag extra woorden gebruiken en de vorm veranderen.
lekker - wanneer - weer
Maak een zin in het perfectum met de volgende woorden. Je mag extra woorden gebruiken en de vorm veranderen.
vervelen - thuis - vakantie
Maak een zin in het imperfectum met de volgende woorden. Je mag extra woorden gebruiken en de vorm veranderen.
begrijpen - grammatica
Maak een zin in het imperfectum met de volgende woorden. Je mag extra woorden gebruiken en de vorm veranderen.
schoonmaken - huis
Maak een zin in met de volgende woorden. Je mag extra woorden gebruiken en de vorm veranderen.
maken - vanavond - willen - huiswerk
Maak een zin met de volgende woorden. Je mag extra woorden gebruiken en de vorm veranderen.
tv- kijken - mogen - vroeger
Maak een zin met de volgende woorden. Je mag extra woorden gebruiken en de vorm veranderen.
elke - wassen - ochtend - zich
Maak een zin met de volgende woorden. Je mag extra woorden gebruiken en de vorm veranderen.
vergissen - vaak
Maak een zin in de imperatief. Je mag zelf kiezen welke woorden je gebruikt.