L34: Actieve en passieve zinnen

pag. 377
1 / 32
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolmavoLeerjaar 4

In deze les zitten 32 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

pag. 377

Slide 1 - Tekstslide

Doel?
  • Je kent het verschil tussen een passieve en actieve zin.

  • Je kan een actieve zin omzetten naar een passieve zin.
  • Wanneer gebruikt je actief/passief?

Slide 2 - Tekstslide

1. Het verschil tussen actieve en passieve zinnen herkennen

Slide 3 - Tekstslide

Bekijk deze 2 zinnen




1.  De man sloeg alarm bij de politie.

2. Twee verdachten werden afgelopen zondag gearresteerd.
In welke zin voert het onderwerp het werkwoord echt uit?
  • ACTIEF
  • PASSIEF

Slide 4 - Tekstslide

Een actieve zin
           het onderwerp voert het WWG uit.
Een passieve zin
             het onderwerp voert het WWG niet uit.
Voorbeeld:
Na het belsignaal haalt de leerkracht 4H-MWc op op de speelplaats.
Voorbeeld:
Na het belsignaal wordt 4H-MWc opgehaald door de leerkracht op de speelplaats.
Dus...

Slide 5 - Tekstslide

De kinderen spelen elke week voetbal.
A
actieve zin
B
passieve zin

Slide 6 - Quizvraag

Mijn opa werd vorig week gevierd.
A
actieve zin
B
passieve zin

Slide 7 - Quizvraag

Oma bakt altijd heerlijke pannenkoeken.
A
actieve zin
B
passieve zin

Slide 8 - Quizvraag

De hele voormiddag opereerde de chirurg om de patiënt in leven te houden.
A
actieve zin
B
passieve zin

Slide 9 - Quizvraag

De trainer wordt door de spelers op de schouders gedragen.
A
actieve zin
B
passieve zin

Slide 10 - Quizvraag

Die jeugdspeler scoorde het eerste doelpunt van het toernooi.
A
actieve zin
B
passieve zin

Slide 11 - Quizvraag

We zullen door de directie op de hoogte gehouden worden.
A
actieve zin
B
passieve zin

Slide 12 - Quizvraag

Er werden gisteren bloemen bezorgd aan alle tachtigjarigen uit de gemeente.
A
actieve zin
B
passieve zin

Slide 13 - Quizvraag

We bekijken even 'een droog' kennisclipje


Vul daarna de onthoudkader aan op pag. 378.

Slide 14 - Tekstslide

Slide 15 - Tekstslide

2. Het omzetten 
actief                    passief

Slide 16 - Tekstslide

Slide 17 - Tekstslide

De orkaan verwoestte een groot deel van de oostkust van Groot-Brittannië.

Slide 18 - Open vraag

De gezichtsherkenning van onze bewakingscamera's zal toekomstige inbrekers registreren.

Slide 19 - Open vraag

2. Het omzetten 
passief                    actief

Slide 20 - Tekstslide

Slide 21 - Tekstslide

Er wordt in de meeste scholen een verbod op gsm-gebruik tijdens de lessen ingevoerd door de directie.

Slide 22 - Open vraag

Actieve - passieve zinnen
O->HV
LV-> O
Hoe zat dat nu weer in elkaar?
o
WWG
??

Slide 23 - Tekstslide

Er is door een rat een gat in de vloer gebeten.

Slide 24 - Open vraag

Het boek zal door Jan aan Victor gegeven worden.

Slide 25 - Open vraag

3. Wanneer gebruiken en waarom?

passief         >><<          actief

Slide 26 - Tekstslide

-> aanvoelen
pag. 381
Oef. 1
Wanneer beter actief of passief? 
Gebruik deze kader.
Tips

Slide 27 - Tekstslide


A
passief
B
actief

Slide 28 - Quizvraag


A
passief
B
actief

Slide 29 - Quizvraag


A
passief
B
actief

Slide 30 - Quizvraag


A
passief
B
actief

Slide 31 - Quizvraag

To do
  • Studietaak Bookwidget: Het verschil tussen actieve en passieve zinnen.
  • Oefening 5 (p. 380) - Controleren met verbetersleutel
  • Oefening 1 (p. 381) - Controleren met verbetersleutel
  • Oefening 2 (p. 382) - Laten nalezen
  • Tijd over? Zelftest Bookwidget

Slide 32 - Tekstslide