Wonen les 3

Wonen
Les 3: Methodisch handelen



1 / 24
volgende
Slide 1: Tekstslide
WonenMBOStudiejaar 1

In deze les zitten 24 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Wonen
Les 3: Methodisch handelen



Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Aanwezigheidsregistratie
Aanwezigheid zal door de docent geregistreerd worden. Aanwezigheid kan meerdere malen tijdens de les worden gedaan. Bij vroegtijdig verlaten van de les, zonder geldige reden, zal je op 'ongeoorloofd afwezig' staan. 

Ben je te laat? Geef dit dan door aan het einde van de les aan de docent. Dit is jouw verantwoordelijkheid. 

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Programma
  1. AWR
  2. Terugblik
  3. Lesdoelen
  4. Theoretische gedeelte
  5. Aan de slag
  6. Vaardigheidslijst
  7. Afsluiting les

Slide 3 - Tekstslide

Deel 1: 90 min (2 x45 min)

5 min. Welkom en AWR
5 min. Energizer
4 min. lesdoelen
3 min. Programma
20 min  Uitleg en Opbouw vak
10 min  Theoretische gedeelte
20 min  Leeractiviteit 2
10 min Lesdoelen check
3 minuten afsluiting les

80 min. totaal




Terugblik
Elke les staan we stil bij wat we de vorige les hebben besproken. 


- Heb jij nog vragen over de vorige les?
- Wat is je bijgebleven van de vorige les?





Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

De volgende administratieve taken horen bij het werk van een begeleider MZ:
A
Brief schrijven, notitie schrijven, maaltijd klaarmaken en de was sorteren.
B
Brief schrijven, e-mail opstellen, maaltijd klaarmaken en algemene informatie registreren.
C
Brief schrijven, notitie schrijven, digitale agenda beheren en strijken.
D
Brief schrijven, e-mail opstellen, notitie schrijven, algemene informatie registreren.

Slide 5 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is een budget?
A
Een budget is een vast bedrag dat je ergens aan kunt besteden.
B
Een budget zijn de vaste inkomsten die je maandelijks hebt.
C
Een budget zijn de uitgaven die je maandelijks hebt.
D
Een budget heeft niets te maken met het besteden van een bedrag.

Slide 6 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is de rol van een begeleider bij de administratie van een cliënt?
A
De begeleider is ervoor verantwoordelijk dat de cliënt zijn administratie zelf bijhoudt.
B
De begeleider is verantwoordelijk voor de financiële administratie van de cliënt.
C
De begeleider moet ervoor zorgen dat de administratie wordt belegd met de juiste persoon.
D
De begeleider houdt de administratie van de cliënt bij.

Slide 7 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat houdt budgetteren in?
A
Budgetteren is een manier om alleen je inkomsten bij te houden.
B
Budgetteren is een manier om de inkomsten en uitgaven op elkaar af te stemmen.
C
Budgetteren is een manier om alleen je uitgaven bij te houden.
D
Budgetteren heeft niets te maken met inkomsten en uitgaven.

Slide 8 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is een begroting?
A
Dit is een totaaloverzicht van ALLEEN je inkomsten.
B
Dit is een totaaloverzicht van alle geschatte inkomsten en uitgaven voor een bepaalde periode of activiteit.
C
Dit is een totaaloverzicht van ALLEEN je uitgaven.
D
Dit heeft niets te maken met inkomsten en uitgaven.

Slide 9 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Lesdoelen
Je handelt methodisch waarbij je de volgende stappen volgt:



• Beginsituatie in kaart brengen
• Vaststellen van wensen, behoeften en problemen
• Doelen formuleren
• Plannen maken en uitvoeren
• Evalueren

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Moduleplanning, rubric's en eindopdracht
Pak de moduleplanning, eindopdracht, vaardigheidslijst en rubric's erbij.  We gaan deze klassikaal doornemen! De documenten vindt je ook digitaal op Teams > BGER > Fase 2 > Wonen

LET OP: TIJDENS DEZE MODULE MAKEN WE GEEN GEBRUIK VAN SHAREPOINT!


Eindopdracht: Gedragsobservatie BPV + vaardigheidsgesprek
  1. Inleverdatum: Vrijdag 7 april 2023 vóór 23:59 uur.
  2. Herkansing: Vrijdag 14 april 2023 vóór 23:59 uur. 

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Doornemen met elkaar.. 
  1. Moduleplanning
  2. Eindopdracht
  3. Rubric 1 Gedragsobservatie
  4. Rubric 2 Verantwoordingsgesprek

Weet jij wat je nu moet doen op je stage?
Is de eindopdracht helder en kan je hiermee aan de slag?
Zijn de twee rubric's duidelijk? 
Zijn er nog vragen?

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Theoretische gedeelte

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Methodisch werken
Methodisch werken houdt in dat je een vaste werkwijze aanhoudt bij de begeleiding. Door methodisch te werken, kun je de begeleiding verantwoorden en laten aansluiten op de cliënt.

  • Je krijgt een compleet beeld van de situatie, de cliënt en zijn omgevingsfactoren. 
  • Je kan de begeleiding persoonsgericht maken. 
  • Door de stappen regelmatig te evalueren, kun je de begeleiding ook bijstellen wanneer dit nodig is. 
  • Je  manier van begeleiden op de wensen, behoeften en mogelijkheden van de cliënt aanpassen.

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Aan de slag met methodisch werken
Instructie:
  • Pak het boek Methodisch begeleiden
  • Lees thema 1 Methodisch handelen en vraaggericht werken (paragraaf 1.1 t/m 1.3)

Maken: Verwerkingsopdrachten Boomberoepsponderwijs
  • Boek Methodisch begeleiden
  • Thema 1: opdracht 3, 4 en 5

Na het maken van de verwerkingsopdrachten krijg je vragen hierover.. 



timer
15:00

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat zijn de stappen om methodisch te werken?

Slide 16 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Doelgericht werken is
A
Je voert de begeleiding uit om een doel te bereiken. Dit heet doelgericht handelen.
B
Je observeert de begeleiding uit om een doel te bereiken. Dit heet doelgericht handelen.

Slide 17 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Systematisch handelen is
A
Je gaat NIET in een volgorde het doel proberen te behalen.
B
Je gaat in een volgorde stappen zetten moeten worden om het doel te behalen.

Slide 18 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Procesmatig handelen is
A
Iedere stap moet aansluiten op de volgende stap. Dat heet procesmatig handelen.
B
De stappen hoeven NIET aan te sluiten op de volgende stap. Dat heet procesmatig handelen.

Slide 19 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Bewust handelen is
A
Methodisch handelen houdt ook in dat je altijd weet wat je doet en waarom je het doet. Je handelt bewust
B
Methodisch handelen houdt ook in dat je altijd inspeelt op je gevoel en soms niet weet waarom je een keus maakt. Dit is bewust handelen.

Slide 20 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Stap 1: Eindopdracht
Start met het schrijven van een beginsituatie.


  - Kies een cliënt in overleg met je stagebegeleider.
  - Maak gebruik van de theorie die we hebben besproken.

Ga zelfstandig aan de slag met stap 1 van de beginsituatie. 

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Vaardigheidsopdracht lesweek 3
Je gaat een vlog/collage maken waarin je laat zien dat kennis hebt van de volgende vaardigheden:

- Sanitair wastafel
- Vloer: droog (stofzuigen of stofwissen)
- Nat: dweilen

Pak je boek methodisch begeleiden en lees thema 17 - begeleiden bij wonen en huishouden.
Maak gebruik van de protocollen/richtlijnen, hierin staat beschreven hoe jij hiermee aan de slag moet.



Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Lesdoelen check
Je handelt methodisch waarbij je de volgende stappen volgt:

• Beginsituatie in kaart brengen
• Vaststellen van wensen, behoeften en problemen
• Doelen formuleren
• Plannen maken en uitvoeren
• Evalueren


 - Heb jij deze doelen behaald aan het einde van deze les?
-  Ben jij gestart met het schrijven van een beginsituatie?
 - Kan jij thuis aan de slag met dit doel (vaardigheidslijst)?

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Afsluiting

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies