Herhaling H2

Een bestuursorgaan kan alleen maar na goedkeuring van de direct belanghebbende een besluit nemen.
A
Juist.
B
Onjuist.
1 / 16
volgende
Slide 1: Quizvraag
Handhaver toezicht en veiligheidMBOStudiejaar 2

In deze les zitten 16 slides, met interactieve quizzen en tekstslide.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

Een bestuursorgaan kan alleen maar na goedkeuring van de direct belanghebbende een besluit nemen.
A
Juist.
B
Onjuist.

Slide 1 - Quizvraag

De waarborgfunctie van het bestuursrecht wil zeggen dat het bestuursrecht ervoor zorgt dat het bestuursorgaan de middelen heeft om besluiten te nemen. Hier staat namelijk voorgeschreven op welke wijze het bestuursorgaan dit kan doen.
A
Juist.
B
Onjuist.

Slide 2 - Quizvraag

Bijzonder bestuursrecht gaat voor algemeen bestuursrecht.
A
Juist.
B
Onjuist.

Slide 3 - Quizvraag

De Algemene Wet Bestuursrecht is een voorbeeld van bijzonder bestuursrecht.
A
Juist.
B
Onjuist.

Slide 4 - Quizvraag

De Algemene Wet Bestuursrecht (AWB) regelt onder andere de wijze waarop bezwaar tegen een besluit van een bestuursorgaan kan worden gemaakt.
A
Juist.
B
Onjuist.

Slide 5 - Quizvraag

In bijzonder bestuursrecht gaat het om procedurele regels die afwijken van de AWB.
A
Juist.
B
Onjuist.

Slide 6 - Quizvraag

Met een kaderwet of raamwet wordt een wet bedoeld waarbij de hoofdlijnen in deze wet zelf zijn aangegeven, maar veel regels nader worden uitgewerkt in Algemene Maatregelen van Bestuur of Ministeriële Regelingen
A
Juist.
B
Onjuist.

Slide 7 - Quizvraag

Naast bestuursorganen kunnen ook andere organen/instellingen besluiten nemen in de zin van de AWB.
A
Juist.
B
Onjuist.

Slide 8 - Quizvraag

De burgemeester is een voorbeeld van een bestuursorgaan.
A
Juist.
B
Onjuist.

Slide 9 - Quizvraag

Een besluit in de zin van de AWB kan ook mondeling worden genomen en bekendgemaakt.
A
Juist.
B
Onjuist.

Slide 10 - Quizvraag

Een besluit is een schriftelijke beslissing van een bestuursorgaan die gericht is op een publiekrechtelijk (overheid naar de burger) rechtsgevolg. Er ontstaat voor de burger een recht of er wordt een recht ingetrokken of er ontstaat een plicht of een plicht bestaat niet langer meer.
A
Juist.
B
Onjuist.

Slide 11 - Quizvraag

Een beschikking is een besluit die niet geldt voor eenieder.
A
Juist.
B
Onjuist.

Slide 12 - Quizvraag

Een voorbeeld van een overig besluit van algemene strekking is het door het College aanwijzen van plaatsen waar geen alcoholhoudende dranken mogen worden genuttigd.
A
Juist.
B
Onjuist.

Slide 13 - Quizvraag

Tegen een beleidsplan kan bezwaar worden gemaakt.
A
Juist.
B
Onjuist.

Slide 14 - Quizvraag

Slide 15 - Tekstslide

Een zaaksgebonden beschikking is een beschikking waarbij het bijvoorbeeld voor de beschikking niet uitmaakt wie de eigenaar van het bedrijf is. De vergunning hangt vast aan het bedrijf en niet aan een persoon.
A
Juist.
B
Onjuist.

Slide 16 - Quizvraag