Het gouden ei: bespreken hst 4 en 5

Nederlands
Fictie: toegepast op 'het gouden ei'
bespreken: hst 4 en 5
VWO 3
 P3 2021-2022
1 / 25
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolvwoLeerjaar 3

In deze les zitten 25 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Nederlands
Fictie: toegepast op 'het gouden ei'
bespreken: hst 4 en 5
VWO 3
 P3 2021-2022

Slide 1 - Tekstslide

Herkennen hst 4

-    Wanneer spelen delen 4 en 5 zich af ten opzichte van de eerdere delen?
-    Hoe is de relatie tussen Rex en Lieneke verder gegaan na hun vakantie?


Slide 2 - Tekstslide

Mogelijke antwoorden op de vragen bij herkennen hst 4

Slide 3 - Open vraag

Interpretatie
-    Rex denkt eerst op het gele busje de tekst naast de boodschap ‘Rex in vind je lief’: ‘Als je dit leest komen krassen in geluk’ te lezen. Wat zou die zin voor hem kunnen betekenen?
-    Het einde is vreselijk voor Rex. Toch zou je ook kunnen beargumenteren dat het voor hem enigszins een goed einde is. Waarom?
-    De laatste woorden van het boek zijn: ‘ze leken van de aardbodem verdwenen’. Wat kan dit betekenen in relatie tot de droom over Het Gouden Ei?
-    Wat heeft het thema ‘obsessie’ met dit boek te maken? Leg je antwoord uit vanuit Rex en vanuit Lemorne.

Slide 4 - Tekstslide

Mogelijke antwoorden bij interpretatie

Slide 5 - Open vraag

Vragen over de theorie toegepast op het gouden ei.

Slide 6 - Tekstslide

Wat is het belangrijkste doel van Rex in dit boek? Bereikt hij dat doel?

Slide 7 - Open vraag

Zie jij Lemorne als hoofdpersoon of als bijfiguur die een tegenstander is? Leg je antwoord uit.

Slide 8 - Open vraag

Rex maakt een ontwikkeling door. Hoe gaat hij 8 jaar na de ontvoering, als hij met Lieneke op vakantie is, met vrouwen na Saskia om?

Slide 9 - Open vraag

Tot welk inzicht blijkt Rex na zijn aanzoek en na zijn nachtmerrie in Italië te zijn gekomen?

Slide 10 - Open vraag

Leer je Rex hier op de directe of op de indirecte manier kennen? Leg je antwoord uit. ‘’Die Lieneke’, dacht hij, ‘wat zullen we daar nou eens van vinden? Eindelijk eens ruzie maken om te kijken of er een touwtje is dat het breken waard is?”

Slide 11 - Open vraag

Leer je Lieneke hier op de directe of op de indirecte manier kennen? Leg je antwoord uit. “Afwachten of ze uit zichzelf weer weggaat? Haar aanhankelijkheid besturen als een bioloog die meeuwentaal probeert te begrijpen?”

Slide 12 - Open vraag

Leer je Lemorne hier op de directe of op de indirecte manier kennen? Leg je antwoord uit. “Een leerlinge, of een van zijn dochters kwam niet in aanmerking, hij zag niet hoe hij dat kon doen zonder dat het spoor naar hem zou leiden."

Slide 13 - Open vraag

Wat is de belangrijkste cliffhanger in Het Gouden Ei?

Slide 14 - Open vraag

Is de onderbreking van een cliffhanger hetzelfde als een open plek?

Slide 15 - Open vraag

Welke informatievoorsprong krijgt de lezer op Lex tijdens het lezen van het hoofdstuk over Lemorne?

Slide 16 - Open vraag

Is Het Gouden Ei tijdloos? Waarom zou je kunnen zeggen van wel? En waarom van niet?

Slide 17 - Open vraag

Wat is kenmerkend voor de setting in de eerste 3 hoofdstukken? Welk seizoen is het, wat doen de karakters? Hoe verhoudt dat zich tot het verhaal?

Slide 18 - Open vraag

Welk hoofdstuk zorgt ervoor dat Het Gouden Ei niet-chronologisch is?

Slide 19 - Open vraag

Waarom zou Tim Krabbé voor een niet-chronologisch verhaal hebben gekozen, denk je?

Slide 20 - Open vraag

Is het hoofdstuk over Lemorne een flashback?

Slide 21 - Open vraag

Wat is de vertelde tijd van Het Gouden Ei?

Slide 22 - Open vraag

Welk literair begrip zorgt ervoor dat – ondanks de lange vertelde tijd – het verhaal over het algemeen toch geen heel hoog verteltempo heeft?

Slide 23 - Open vraag

Van welk vertelperspectief is sprake in Het Gouden Ei?

Slide 24 - Open vraag

Wat voor soort einde heeft Het Gouden Ei?

Slide 25 - Open vraag