In deze les zitten 42 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.
Onderdelen in deze les
Hoofdstuk 4: combinatoriek
Herhaling
Slide 1 - Tekstslide
Vermenigvuldigingsregel
De vermenigvuldigingsregel gebruik je bij gecombineerde handelingen
dus bijvoorbeeld een menu in een restaurant,
Je neemt een voorgerecht én een hoofdgerecht én een nagerecht
Slide 2 - Tekstslide
Telproblemen
3 Havo en Vwo
§9.4
Telproblemen
Stel:
Je wilt een Toyota Auris kopen.
Deze wordt geleverd in zwart, groen of blauw.
Met lichtmetalen of stalen velgen.
Als benzine, hybride of elektrisch voertuig.
Hoeveel verschillende Toyota Aurissen zijn er te krijgen?
boomdiagram
wegendiagram
EN
EN
EN
EN
EN
EN
3⋅2⋅3=18
3
⋅
2
⋅
3
=18
vermenigvuldigings
regel
Slide 3 - Tekstslide
In een fastfood restaurant kun je een keuzemenu samenstellen door aan te geven wat je wilt drinken (cola, sinas of bronwater) of je een wit of bruin broodje wilt hebben, wat je op je broodje wilt hebben (Hamburger, kipburger, visburger of kaasburger) en of je wel of geen frietjes wilt. Bereken het aantal mogelijke keuzemenu's.
Slide 4 - Open vraag
Somregel
De somregel pas je toe als het één of het ander van toepassing is
Hoeveel mogelijke uitkomsten zijn er als je 3 keer 4 of 3 keer 6 gooit met een dobbelsteen
Slide 5 - Tekstslide
Logisch nadenken/schema maken
Slide 6 - Tekstslide
Wegendiagram
Hoeveel mogelijke combinaties zijn er?
Slide 7 - Tekstslide
In een klas van 25 leerlingen worden 3 verschillende prijzen verloot. De prijzen worden willekeurig toegewezen... Op hoeveel manieren kan je de prijzen verdelen als: a. Een kind meerdere prijzen kan winnen
Slide 8 - Open vraag
In een klas van 25 leerlingen worden 3 verschillende prijzen verloot. De prijzen worden willekeurig toegewezen... Op hoeveel manieren kan je de prijzen verdelen als: Een kind maar één prijs kan winnen
Slide 9 - Open vraag
Met of zonder herhaling
zonder herhaling:
Kiezen van een bestuur
Loten van een loterij
met herhaling
het aantal mogelijke nummerborden
het maken van codes
Slide 10 - Tekstslide
Permutatie/Faculteit
Faculteit: 6! = 6 x 5 x 4 x 3 x 2 x 1 = 720
Het aantal manieren om 6 van de 6 dingen te rangschikken.
Dus een top 6 van 6 vakken.
Permutatie: 6 x 5 x 4 = 120
Het aantal manieren om 3 van de 6 dingen te rangschikken
Dus een top 3 van 6 vakken.
Slide 11 - Tekstslide
Herman heeft vijf boeken uitgezocht die hij wil gaan lezen voor zijn literatuurlijst. Bereken het aantal mogelijke volgorde waarop hij deze boeken kan gaan lezen.
Slide 12 - Open vraag
Bij een loterij zijn 50 loten verkocht. Bij de trekking wordt eerst het lot getrokken voor de derde prijs, daarna voor de tweede prijs en tot slot het lot voor de eerste prijs. Bereken het aantal mogelijke uitslagen voor deze loterij.
Slide 13 - Open vraag
Combinatie
Combinatie:
Uit de zes mogelijkheden worden er drie gekozen.
De volgorde is niet van belang.
Slide 14 - Tekstslide
Van 28 leerlingen worden er 8 gevraagd om een enquête in te vullen. Hoeveel mogelijkheden zijn er.
Slide 15 - Open vraag
Bij een combinatie maakt de volgorde niet uit!
Bij een permutatie maakt de volgorde wel uit!
Slide 16 - Tekstslide
Permutaties
Combinaties
Uit een klas worden 6 leerlingen gekozen om een volleybalteam te vormen
Bij een verloting zijn drie prijzen te winnen: een tablet, een grafische rekenmachine en een taart
In de klas worden 5 kaartjes verloot voor een toneelvoorstelling
Een vereniging kiest uit haar leden een voorzitter, een secretaris en een penningmeester.
Van de top 10 van vorige week stel je je eigen top 3 samen.
Slide 17 - Sleepvraag
Hoeveel mogelijkheden zijn er met drie keer rood.
Slide 18 - Open vraag
Hoeveel mogelijkheden zijn er met drie gelijke kleuren.
Slide 19 - Open vraag
Uitleg theorie: Het aantal rijtjes uit A's en B's
We gaan verder met de LessonUp (herhaling hoofdstuk 4)
Of je mag zelfstandig bezig met voorbereiden voor wiskunde
Slide 20 - Tekstslide
Uitleg
En hoeveel mogelijkheden heb ik om in 8 hokjes drie A's en vijf B's te zetten? Bijvoorbeeld
Dus 3 van de 8 een A. Dat kan dan op = 56 manieren
A
A
A
(38)
Slide 21 - Tekstslide
Uitleg
En hoeveel mogelijkheden heb ik om in 8 hokjes drie A's en vijf B's te zetten? Bijvoorbeeld
Dus 5 van de 8 een B. Dat kan dan op = 56 manieren
B
B
B
B
B
(58)
Slide 22 - Tekstslide
Uitleg
En zo is het aantal rijtjes bestaande uit drie A's en vijf B's dus
en ook
Dit kan alleen wanneer je steeds 2 keuzes hebt. Dus niet bij ik heb keuze uit rode, groene en blauwe knikkers.
(38)
(58)
Slide 23 - Tekstslide
Hoeveel mogelijkheden heb ik om in 8 hokjes een A of een B te zetten?
Slide 24 - Open vraag
Antwoord
Ieder hokje A of B
Dus 2 x 2 x 2 x 2 x 2 x 2 x 2 x 2 = = 256
2
2
2
2
2
2
2
2
28
Slide 25 - Tekstslide
Willem gooit 7 keer met een dobbelsteen. Hoeveel mogelijkheden zijn er om 3 keer een vijf en 4 keer een zes te gooien?
Slide 26 - Open vraag
Maar = 35 is natuurlijk ook goed!
(47)
Slide 27 - Tekstslide
Een bedrijf voorziet zijn artikelen van een code door in een rijtje van 6 vierkantjes er twee zwart te maken en vier wit. Hoeveel codes kan het bedrijf zo totaal maken?
Slide 28 - Open vraag
of = 15
(46)
Slide 29 - Tekstslide
We bekijken hierin routes zonder omwegen van A naar B.
De rode route geven we aan met NOONONON.
Slide 30 - Tekstslide
Schrijf nog een mogelijke route op van A naar B.
Slide 31 - Open vraag
Hoeveel letters staan in een route van A naar B? Hoe vaak staat de letter N daarbij? Antwoord en dan enter en weer antwoord.
Slide 32 - Open vraag
Het aantal routes van A naar B is . Hoeveel routes zijn er van A naar B?
(rn)
Slide 33 - Open vraag
Slide 34 - Tekstslide
Hoeveel routes zijn er mogelijk van A naar B?
Slide 35 - Open vraag
Slide 36 - Tekstslide
Hoeveel routes zijn er mogelijk van A naar B?
Slide 37 - Open vraag
Slide 38 - Tekstslide
Hoeveel routes zijn er van A naar C?
Slide 39 - Open vraag
Slide 40 - Tekstslide
Maak nu de kennis-en vaardighedentest van hoofdstuk 4