herhalingles 7/8

7.1 Pech...naar de rechter!


dagvaarding 

oproep om voor de rechter te verschijnen

(waarom, wanneer, waar)


rechtszitting 


soms bij verstek veroordelen

1 / 25
volgende
Slide 1: Tekstslide
MaatschappijleerMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 4

In deze les zitten 25 slides, met tekstslides.

Onderdelen in deze les

7.1 Pech...naar de rechter!


dagvaarding 

oproep om voor de rechter te verschijnen

(waarom, wanneer, waar)


rechtszitting 


soms bij verstek veroordelen

Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Tekstslide

7.2 Hoe verloopt een rechtszaak?

Slide 3 - Tekstslide

Wie is wie?

  1. Verdachte
  2. Rechter
  3. Advocaat
  4. Getuige(n)
  5. Pers
  6. Publiek
  7. Officier van Justitie
  8. Griffier

Slide 4 - Tekstslide

1. De opening



Controleren van jouw gegevens

Slide 5 - Tekstslide

2. De aanklacht

De officier van justitie leest de aanklacht (=tenlastelegging) voor

Slide 6 - Tekstslide

3. Het getuigenverhoor


Mensen die iets gehoord of gezien hebben dat met de zaak te maken kan hebben. Getuigen mogen niet liegen.

Slide 7 - Tekstslide

4. Het verhoor van de verdachte

Eerst zelf vertellen wat er is gebeurd. Dan ondervragen de rechters, de officier van justitie en je eigen advocaat jou.

Slide 8 - Tekstslide

5. Het requisitoir


De officier van justitie zet na de ondervragingen alles nog even op een rijtje en komt met de strafeis

Slide 9 - Tekstslide

6. Het pleidooi


Jouw advocaat gaat jou verdedigen en vraagt om vrijspraak of een lichte straf. Soms doet de verdachte zelf zijn verdediging

Slide 10 - Tekstslide

7. Het laatste woord


Als verdachte heb je altijd het laatste woord. Je kunt ook nog iets zeggen over de strafeis van de officier

Slide 11 - Tekstslide

8. De uitspraak


De rechter vertelt of je schuldig of onschuldig bent en welke straf hij wil geven. Meestal is de uitspraak of het vonnis pas later

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Tekstslide

Waarom Straffen we?
De doelen van straf:
- Wraak en vergelding
- Genoegdoening 
- Afschrikken dader en samenleving
- Beveiliging van de samenleving
- Voorkomen van eigenrichting
- Heropvoeding / resocialisatie van de dader.

voor eigen rechter spelen, dus zelf straffen.

Slide 14 - Tekstslide

Straffen vroeger
  • Tot de 11de eeuw waren er geen geschreven wetten. 
  • Slachtoffers of familie van slachtoffers straften daders/verdachte zelf uit wraak.
  • Rond de 12de eeuw kwamen er rechters. Het belangrijkste doel was afschrikking (voor dader en samenleving)

  • Pas in de 19de eeuw begon men democratie en mensenrechten belangrijk te vinden. De doodstraf en martelingen werden afgeschaft en gevangenisstraffen werden de norm.  Strafrecht werd gemoderniseerd. 
  • Na 1945 werd resocialisatie belangrijk: De daders moesten beter worden > Taakstraffen en behandelingen werden ingevoerd.

Slide 15 - Tekstslide

8.2 Soorten straffen....
Er wordt een onderscheid gemaakt tussen 3 soorten straffen:

1 Hoofdstraffen
2 Bijkomende straffen
3 Maatregelen

Slide 16 - Tekstslide

Hoofdstraffen
Rechters leggen in Nederland jaarlijks tussen de 100.000 en 200.000 straffen op.  

Er zijn hoofdstraffen: 
  • een geldboete > De rechter bepaalt dat je een boete moet betalen
  •  Celstraf: Je wordt opgesloten.
- Hechtenis > Bij een overtreding, max een jaar in huis van bewaring. 
  •  Gevangenisstraf: Bij een misdrijf, max levenslang in de gevangenis. 
  • een taakstraf 

Slide 17 - Tekstslide

Bijkomende straffen
Een straf die er bij komt en te maken heeft met wat je hebt gedaan.

Bijvoorbeeld:
- Je mag niet meer autorijden
- Je mag geen arts meer zijn
-Je mag niet met kinderen werken

Slide 18 - Tekstslide

 Maatregelen
Is niet bedoelt om te straffen maar om je te helpen of om de samenleving te  beschermen.

Bijvoorbeeld:
  • TBS
  • Ondertoezichtstelling

Slide 19 - Tekstslide

TBS  Ter Beschikking Stelling
Wanneer een persoon een psychische afwijking of stoornis heeft, dan kan de rechter besluiten deze persoon op te laten sluiten in een TBS-kliniek. 

Hier krijgt diegene hulp en ondersteuning om om te gaan met de stoornis. Iemand met TBS komt vaak pas na vele jaren vrij, als hij helemaal genezen is. Deze straf komt regelmatig voor bij aggressieve daders en (kinder)verkrachters.  Ofwel daders bij wie 

In een gevangenis is er meestal geen hulp, daarmee verschilt TBS van een gewone gevangenis.

Slide 20 - Tekstslide

Voorwaardelijke straf
Een rechter geeft vaak een voorwaardelijke straf. Bijvoorbeeld:
'8 weken voorwaardelijke gevangenisstraf met een proeftijd van 2 jaar'
Deze straf betekent dat je niet de cel in hoeft > Het is een waarschuwing

Als je binnen 2 jaar een soortgelijke fout maakt dan moet je die 8 weken wel zitten + een extra nieuwe straf.

Slide 21 - Tekstslide

8.3 Helpt straf?
Doelen van de les:
Na deze les kun jij...
- vertellen wat recidive is
- vertellen wat de reclassering doet.

Slide 22 - Tekstslide

Recidive
Iemand valt na een eerdere veroordeling opnieuw terug in crimineel gedrag.

50% van de ex-gevangenen pleegt nu binnen twee jaar opnieuw een misdaad. De reclassering helpt en begeleidt verdachten en veroordeelden om recidive te voorkomen.

Slide 23 - Tekstslide

De reclassering
De reclassering speelt een rol voor, tijdens en na het strafproces:
  1.  Zij geven  voorlichting over de verdachte en de omstandigheden het delict aan de OvJ.
  2. Zij geven ondersteuning tijdens detentie en houden toezicht op de uitvoering van taakstraffen.
  3. Zij begeleiden en houden toezicht op mensen na hun terugkeer in de maatschappij.

Slide 24 - Tekstslide

aan het werk
2018: 4, 7, 8, 9, 12 en 13
2019: 17, 24, 26, 28

in je boek blz: 96 97

Slide 25 - Tekstslide