Paragraaf 1: Van Vorstendom tot kolonie

Hoofdstuk 1, paragraaf 1
Van vorstendommen tot kolonie
1 / 19
volgende
Slide 1: Tekstslide
GeschiedenisMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 3

In deze les zitten 19 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Hoofdstuk 1, paragraaf 1
Van vorstendommen tot kolonie

Slide 1 - Tekstslide

Wat gaan wij doen vandaag?
  • Terugblik
  • Lesdoel(en)
  • Instructie
  • Aantekening
  • Aan de slag!
  • Afsluiting
Bron 1: Cornelis de Houtman arriveert met zijn schepen voor het eerst in Indonesië (1596). Hier maakt hij contact met de lokale bevolking. 

Slide 2 - Tekstslide

Studiewijzer
d
Week 37
Lesdoel
Opdracht
11 -9 / 15 - 9
Paragraaf 1A: Je kunt culturele, economische, politieke en sociale kenmerken noemen van de Indische eilanden vóór de komst van de Nederlanders.

Paragraaf 1B: Je kunt beschrijven hoe de VOC handeldreef in Oost-Indië.

Paragraaf 1C: Je kunt uitleggen waarom Nederland zijn macht over Oost-Indië uitbreidde. 
Gelezen: 
Hoofdstuk 6, Paragraaf 1 A, B en C.

Gemaakt: Hoofdstuk 6, Paragraaf 1, opgave 1 t/m 14.

Slide 3 - Tekstslide

1A: De Indische eilanden vóór 1600
Culturele invloeden
Er woonden vele volken met verschillende culturen in Indonesië.

2e eeuw: Handel met Azië kwam op gang. Men namen allerlei zaken over. Sommigen schreven met het schrift uit India terwijl anderen gebruik maakten van Chinese munten.

De geloven verschilden ook van elkaar.
Bron 3: de Pura Lempuyang. Een van de oudste hindoestaanse tempels. 

Slide 4 - Tekstslide

Slide 5 - Tekstslide

1A: De Indische eilanden vóór 1600
Vorsten en sultans
Er waren ook veel verschillende staten die bestuurd werden door een vorst of een sultan, een islamitische heerser.

De heersers voerden oorlogen met elkaar, hieven belasting en schreven wetboeken. Edellieden en ambtenaren hielpen hen daarbij.

De meeste inwoners waren boeren. 
Bron 4: Een van de machtigste koninkrijken was het Islamitische Atjeh (groen gemarkeerd). Door handel wisten de sultans van dit land een groot en machtig rijk te stichten. 

Slide 6 - Tekstslide

1B: De VOC in Oost-Indië - Aantekening

Slide 7 - Tekstslide

Aan de slag!
Lees: Paragraaf 1A & Paragraaf 1B. 
Maak: Opgave 1 t/m 8. 
Klaar?
Lees: Paragraaf 1C
Maak: Opgave 9 t/m 12
Of...
Samenvatten Paragraaf 1A & Paragraaf 1B



timer
10:00

Slide 8 - Tekstslide

Afsluiting
Je krijgt zo van de docent een post-it.
Hier schrijf je het volgende op:

Wat heb je vandaag geleerd over de V.O.C.?

Als je klaar bent mag je de post-it op het bord plakken. Daarna ga je weer zitten zodat de opdracht kunnen nabespreken. 

Slide 9 - Tekstslide

Hoofdstuk 1, paragraaf 1
Van vorstendommen tot kolonie

Slide 10 - Tekstslide

Wat gaan wij doen vandaag?
  • Terugblik
  • Lesdoel(en)
  • Instructie
  • Verwerking
  • Aan de slag!
  • Afsluiting
Bron 1: Kaart omvang Nederlands-Indië in vergelijking met het Europa. 

Slide 11 - Tekstslide

Terugblik
Wat weet je nog over hoe de VOC handeldreef in Oost-Indië? 

Slide 12 - Tekstslide

Studiewijzer
d
Week 37
Lesdoel
Opdracht
11-9 / 15 - 9
Paragraaf 1A: Je kunt culturele, economische, politieke en sociale kenmerken noemen van de Indische eilanden vóór de komst van de Nederlanders.

Paragraaf 1B: Je kunt beschrijven hoe de VOC handeldreef in Oost-Indië.

Paragraaf 1C: Je kunt uitleggen waarom Nederland zijn macht over Oost-Indië uitbreidde. 
Gelezen: 
Hoofdstuk 6, Paragraaf 1 A, B en C.

Gemaakt: Hoofdstuk 6, Paragraaf 1, opgave 1 t/m 14.

Slide 13 - Tekstslide

1C: De VOC in Oost-Indië
1798: De VOC gaat failliet. De Nederlandse staat neemt alle bezittingen en schulden over.

Modern Imperialisme
Landen willen in de 19de eeuw zo veel mogelijk grondgebied in Azië en Afrika veroveren. 


Ontstaan Nederlands-Indië
Bron 2: Kaart van Afrika vóór en tijdens het modern imperialisme. Wat valt je op?

Slide 14 - Tekstslide

1C: De VOC in Oost-Indië
Oorzaken Modern imperialisme:
  1. Grondstoffen voor industrie
  2. Macht en aanzien
  3. Europeanen voelde zich beter

Nederland wilde ook een groot koloniaal rijk.

Nederland richtte hierom het Koninklijk Nederlands-Indisch leger (KNIL) op. 


Bron 2: Het KNIL bestond met name uit inheemse bewoners. De Nederlanders waren officieren in het leger. 

Slide 15 - Tekstslide

1C: De VOC in Oost-Indië
De veroveringen van de Indische eilanden werd door de Nederlandse overheid pacificatie genoemd. 

1873: Atjeh. 

Na de veroveringen voerden de Nederlanders een indirect bestuur in. Inheemse bestuurders bleven op hun plaats, maar moesten luisteren naar de Nederlanders. 


Bron 3: de heer van Starkenborgh Stachouwer. Hij was de laatste gouverneur generaal. De hoogte bestuurder in Nederlands-Indië

Slide 16 - Tekstslide

Verwerking
Klassikaal opgave 9 maken 
Verwerking
Stap 1:

In stilte vraag paragraaf 1C, vraag 9a, 9b en 9c maken (bladzijde 15). 

Je mag niet overleggen. 

Stap 2:

Klassikaal de vraag beantwoorden. 

timer
3:30

Slide 17 - Tekstslide

Aan de slag!
Lees: Paragraaf 1A,1B en 1C
Maak: Opgave 1 t/m 12

Klaar?
Samenvatten Paragraaf 1A,Paragraaf 1B of Paragraaf 1C.

Begrippen leren paragraaf 1. 



timer
10:00

Slide 18 - Tekstslide

Afsluiting
Stiftenopdracht
Je krijgt met je klas 2 minuten de tijd om op het bord zo veel mogelijk op de schrijven over:
Wat heb je vandaag geleerd?

Je mag stiften doorgeven, maar niet gooien. 

Als je klaar bent ga je zitten.
Op het einde bespreken we de opdracht. 


timer
2:00

Slide 19 - Tekstslide