Rekenen Temperatuur

Week 15 - Rekenen Temperatuur
1 / 41
volgende
Slide 1: Tekstslide
WiskundeLager onderwijsBuitengewoon secundair onderwijsAlgemeen secundair onderwijs,Beroepssecundair onderwijsLeerjaar 2

In deze les zitten 41 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 45 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Week 15 - Rekenen Temperatuur

Slide 1 - Tekstslide

Wat weten jullie al
over temperatuur?

Slide 2 - Woordweb

Slide 3 - Tekstslide

Wat is dit?

Slide 4 - Open vraag

Wat meet je met dit meetinstrument?

Slide 5 - Open vraag

<span style="color:rgb(0, 0, 0)">warm</span>
<b style="color:rgb(0, 0, 0)">koud</b>

Slide 6 - Sleepvraag

Waar kan ik de temperatuur mee meten? 
<span style="color:rgb(0, 0, 0)">niet</span>
<b style="color:rgb(0, 0, 0)">wel</b>

Slide 7 - Sleepvraag

Waar kan ik de temperatuur mee meten? 
<span style="color:rgb(0, 0, 0)">niet</span>
<b style="color:rgb(0, 0, 0)">wel</b>

Slide 8 - Sleepvraag

Lichaamstemperatuur:

De normale lichaamstemperatuur van mensen ligt tussen 35 en 37,5°C. De perfecte lichaamstemperatuur is 37°C. 

Bekijk het filmpje en beantwoord 
daarna de vragen. 

Slide 9 - Tekstslide

Wat is de ideale temperatuur van je lichaam?
A
36,5 °C
B
37 °C
C
36 °C
D
35 °C

Slide 10 - Quizvraag

Hoe komt het dat je lichaam de temperatuur op 37 °C houdt door de buik?
A
daar is het vanzelf het warmst door de buikspieren
B
daar zit bij veel mensen een laagje vet
C
daar zitten alle belangrijke organen

Slide 11 - Quizvraag

In welke situatie is het wel goed dat je lichaam warmer wordt?
A
Tijdens inspanning
B
Als je warm eet
C
Als je pittig eet
D
Als je koorts hebt

Slide 12 - Quizvraag

Ik heb koorts. Mijn temperatuur is 2°C hoger dan de ideale lichaamstemperatuur. Hoe hoog is mijn koorts?

Slide 13 - Open vraag

De ideale lichaamstemperatuur ligt tussen 35 en 37,5°C.

Deze verschilt van persoon tot ............................ en
 wordt beïnvloed door tal van factoren, zoals:

- lichamelijke inspanningen zoals ………………,……………………,…………

- omgevingstemperatuur : …………………………………

- voeding vb drinken van ……………………………………………………….……

- bij vrouwen door de eisprong.

's Ochtends is de lichaamstemperatuur het ……….,
in de late namiddag …………………………...

Als je lichaamstemperatuur 40 °C is dan heb je ...............................
Sleep de woorden naar de juiste plek in de tekst
koorts
Warme soep of hete chocolademelk
Lopen
zeer warme dag
sporten
Fietsen 
Laagst
Hoogst
Persoon

Slide 14 - Sleepvraag

Slide 15 - Video

30°C
31°C
12°C

Slide 16 - Sleepvraag

30°C
32°C
31°C

Slide 17 - Sleepvraag

Sleep de temperaturen naar de juiste thermometer op de volgende slide. 

Slide 18 - Tekstslide

14°C
20 °C
11 °C
18 °C
26 °C

Slide 19 - Sleepvraag

Op welke dag van de week is de temperatuur het hoogst? Hoeveel graden?

Slide 20 - Open vraag

Welke dag is de koudste dag? Hoeveel graden?

Slide 21 - Open vraag

Hoeveel graden is het op de thermometer? .... °C

Slide 22 - Open vraag

Hoeveel graden is het op de thermometer? .... °C

Slide 23 - Open vraag

Hoeveel graden is het op de thermometer? .... °C

Slide 24 - Open vraag

Hoeveel graden is het op de thermometer? .... °C

Slide 25 - Open vraag

Hoeveel graden is het op de thermometer? .... °C

Slide 26 - Open vraag

Sleep naar de juiste temperatuur op de thermometer.


20 °C
10 °C
-10°C
0°C

Slide 27 - Sleepvraag

Vandaag is het 8° C. Morgen is het 2 graden warmer. Hoe warm is het morgen?

Slide 28 - Open vraag

In België is het 10°C.In Frankrijk is het 10 graden warmer.
Hoe warm is het in Frankrijk?

Slide 29 - Open vraag

Vandaag is het 19°C.Morgen is het 5 graden kouder.
Wat is de temperatuur voor morgen?

Slide 30 - Open vraag

Het zal warmer weer worden. Het zal 15 graden warmer zijn dan vandaag. Vandaag is het 5°C. Hoe warm zal het worden?

Slide 31 - Open vraag

Bekijk onderstaande filmpjes 
Filmpje 1                                                     filmpje 2

Slide 32 - Tekstslide

waar of niet waar
−5 °C is kouder dan −2 °C

A
Waar
B
Niet waar

Slide 33 - Quizvraag

Vandaag wijst de thermometer 4°C aan, gisteren was het – 2°C.

Het was gisteren dus …… °C kouder dan vandaag.

Slide 34 - Open vraag

Vandaag wijst de thermometer 6 °C aan, gisteren was het -3°C.

Het was gisteren dus …….… °C kouder dan vandaag.

Slide 35 - Open vraag


Waar is het het warmst?
a-b-c-d


A
A
B
B
C
C
D
D

Slide 36 - Quizvraag

Waar is het het koudste?
A-C-D-E

A
A
B
C
C
D
D
E

Slide 37 - Quizvraag

22°C 32°C -12°C -2°C -41°C
Welke temperatuur is het laagst?
A
32°C
B
-12°C
C
-41

Slide 38 - Quizvraag

22°C 32°C -12°C -2°C -41°C
Welke temperatuur is het laagst?
A
32°C
B
-12°C
C
-41°C
D
22°C

Slide 39 - Quizvraag

Ga via de volgende slide naar Junior Einstein en maak de opdracht behorende bij deze les. (weektaak week 15)

Slide 40 - Tekstslide

Slide 41 - Link