1,1 Problemen in de kerk

hdst 1 Reformatie en opstand
.....bedenk waar dit hdst over gaat?
1 / 41
volgende
Slide 1: Tekstslide
GeschiedenisMiddelbare schoolhavoLeerjaar 2

In deze les zitten 41 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 50 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

hdst 1 Reformatie en opstand
.....bedenk waar dit hdst over gaat?

Slide 1 - Tekstslide

Spreekvaardigheid:
Beschrijf een schilderij 


1. Je krijgt anderhalve minuut de tijd om naar een schilderij te kijken. Je probeert zoveel mogelijk details (in je hoofd) te benoemen. Tijdens deze twee minuten is het helemaal stil. Je mag wel aantekeningen maken.
2. Na anderhalve minuut probeer je aan je buurman/buurvrouw uit te leggen waar dit schilderij over gaat.
3. Hoe pak je dit aan ????


Slide 2 - Tekstslide

timer
1:30

Slide 3 - Tekstslide

timer
1:30

Slide 4 - Tekstslide

1.1 Problemen in de Kerk
Lesdoelen
  • Je kunt uitleggen wat ketters zijn en hoe de kerk hen bestreed.
  • Je kunt uitleggen welke kritiek er rond 1500 op de kerk kwam.
  • Je kunt beschrijven hoe de christelijke kerk in de 16e eeuw uiteenviel en enkele gevolgen daarvan noemen.

Slide 5 - Tekstslide

Ketterijen
en inquisitie
99% van Europa was christen
Mensen uitten woede in ketterijen: meningen die niet mogen van de kerk
De kerkelijke rechtbank (inquisitie) moest dit oplossen
van het Latijn: <span style="font-style: italic">inquisitio = onderzoek</span>

Slide 6 - Tekstslide

Het verbranden van de voeten tot er geen vlees meer over is.
Iemand dwingen (te veel) water te drinken. Deze persoon zou kunnen verdrinken.
Iemand ophangen aan zijn armen achter zijn rug. Hierdoor schieten je schouders uit de kom en kan je moeilijk ademen.
De voorzitter van de inquisitie (op de stoel) met zijn hulpje (staand).
De secretaris die alle bekentenissen opschrijft.&nbsp;
De toezichthouder van de stad die kijkt of alles gaat zoals het hoort.
De beulen (mensen die martelen).

Slide 7 - Tekstslide

Hoofdklem: Het hoofd van de veroordeelde werd in de klem geplaatst. Nadien draaide de beul aan de schroef en werd er steeds meer en meer druk uitgeoefend op de schedel van het slachtoffer. Eerst sloegen de tanden stuk op de kaken en nadien sprongen de ogen uit de oogkassen. Als een slachtoffer levend vrijgelaten werd, liep deze vaak permanente schade op aan kaken, hersens of ogen.

Slide 8 - Tekstslide

Peer: Een peervormige ijzeren bal werd in de mond van het slachtoffer gestoken. Deze was verbonden met een ijzeren stang, waar aan gedraaid kon worden. Als dit gebeurde opende de peer zich in drie of vier delen. Hierdoor werd de mondholte tot het uiterste opengerekt en de kaakt verbrijzeld, waardoor het slachtoffer nooit meer duidelijk kon spreken.

Slide 9 - Tekstslide

Tongtang: Met een speciale tang werd de tong van het slachtoffer in een snelle beweging uitgerukt, waarna de persoon nooit meer kan praten of liegen.

Slide 10 - Tekstslide

Rektafel: Deze tafel was niet dodelijk, maar was een van de pijnlijkste martelmethoden. Het slachtoffer moest op een tafel gaan liggen en werd aan handen en voeten vastgemaakt. Met een rad werden armen en benen langzaam uit elkaar getrokken.

Slide 11 - Tekstslide

Duimschroef: Te vergelijken met een kleine bankschroef die gebruikt werd om vingers en tenen te breken. Soortgelijk apparaat werd ook voor medische doeleinden gebruikt. Namelijk het rechtzetten van vingers bij gewonde soldaten.

Slide 12 - Tekstslide

Katholieke kerk 
  • Christelijke kerk

  • Staat onder leiding van de Paus in Rome (vandaar ook wel: Rooms-Katholieke Kerk)

  • De mis (kerkdienst) en de Bijbel zijn in het Latijn

Slide 13 - Tekstslide

Katholieke kerk 
  • Er staan beelden in de kerk

  • Deze beelden (van bijvoorbeeld heiligen) worden soms ook vereerd

  • Ook relikwieen (overblijfselen van heiligen) worden vereerd

  • Er zijn magische handelingen en rituelen, zoals: wijn/bloed en brood/lichaam

Slide 14 - Tekstslide

Kritiek op de Kerk

Slide 15 - Tekstslide

Reformatie 
  • Belangrijkste hervormers: Maarten Luther en Johannes Calvijn

  • In 1517 komt Luther met 95 stellingen (vooral tegen aflaten)

  • Hij hoopt dat de Paus mee wil denken en de Kerk zal hervormen

  • Luther wordt echter door de Paus in de ban gedaan

Slide 16 - Tekstslide

Slide 17 - Video


Waarom heeft Luther succes?

  • Door de uitvinding van de boekdrukkunst kunnen de teksten van Luther snel worden gekopieerd en verspreid.
  • Luther wordt gesteund én beschermd door machtige Duitse vorsten.
  • De ideeën (van eenvoud en soberheid) spreken veel arme gelovigen aan.
  • Veel gelovigen zijn het niet eens met de aflaten: Luther durft er iets van te zeggen.

Slide 18 - Tekstslide


Slide 19 - Tekstslide

Maarten Luther (1483-1546)
Duitse monnink die grote moeite had met de aflaten en levensstijl van de geestelijken. 
Veel aanhangers in Duitsland.
Johannes Calvijn (1509-1564)
Zwitserse hervormer die vond dat beelden niet in de Kerk thuishoorden. 
Veel aanhangers in Nederland.

Slide 20 - Tekstslide

Protestantse (Christelijke) kerk

  • Er is geen duidelijke leider. Diensten worden geleid door een dominee

  • De mis (kerkdienst) en de Bijbel zijn in de volkstaal

  • Geen beelden en/of verering van heiligen en relieken (is afleiding)

  • Sobere handelingen

Slide 21 - Tekstslide

Karel V heerste van 1515 tot 1555 over Spanje, het Duitse Rijk en de Nederlanden

  • Karel V wilde dat iedereen katholiek was. Kritiek op de katholieke kerk werd streng bestraft.
  • Peerdemuile

Slide 22 - Tekstslide

De contrareformatie
  • De ideeën van Christus moesten weer belangrijk worden.
  • Leerboeken voor de gewone gelovigen
  • Priesters moesten beter geschoold worden
  • Handel in aflaten werd afgeschaft
  • Kloosters werden hervormd.

Dit noemen wij de contrareformatie 

Slide 23 - Tekstslide

AANT= Gevolgen van de hervorming
  • Luther en Calvijn willen de katholieke kerk verbeteren. De kerk wil dit niet           splitsing in de christelijke kerk = ontstaan van de protestantse kerken naast de katholieke Kerk
  • Protestantse kerk spreekt veel (arme) mensen in West-Europa aan.
  • Vervolging van protestanten (ketters)

Slide 24 - Tekstslide

Aan de slag
  • Lees 1.1
  • HW= leer en maak 1.1 (opdr 3 t/m 10)
  • Kijk op schooltv Histoclip Luther
  • bekijk de ontdekkingsplaten
timer
10:00

Slide 25 - Tekstslide

Welk woord hoort bij het plaatje?
A
Aflaat
B
Gilde
C
Inquisitie
D
Antisemitisme

Slide 26 - Quizvraag

Welk woord hoort bij het plaatje?
A
Aflaat
B
ketterij
C
Inquisitie
D
Calvinisten

Slide 27 - Quizvraag

Wie wezen de kerkelijke leer af?
A
Ketters
B
katholieken
C
Bedelordes
D
protestanten

Slide 28 - Quizvraag


Protestantse kerk of Katholieke kerk?

Verering van heiligen
A
Protestantse kerk
B
Katholieke kerk

Slide 29 - Quizvraag


Protestantse kerk of Katholieke kerk?

Sobere handelingen
A
Protestantse kerk
B
Katholieke kerk

Slide 30 - Quizvraag


Protestantse kerk of Katholieke kerk?

De Paus is de leider
A
Protestantse kerk
B
Katholieke kerk

Slide 31 - Quizvraag

Welke van de stellingen is juist?

1 Toen Luther zijn stellingen bedacht wilde hij een
nieuwe kerk beginnen.

2 De Paus wilde wel met Luther praten over zijn
ideeën.
A
Alleen 1 is juist
B
Alleen 2 is juist
C
Beide zijn juist
D
Beide zijn onjuist

Slide 32 - Quizvraag



Maarten Luther is het niet eens met de grote rijkdommen
van de Kerk en de geestelijken.

Op welke manier kwam de Kerk aan haar rijkdommen?
A
Mensen kochten hun zonden af met een aflaat.
B
Mensen handelden met de Kerk.
C
De Kerk veroverde rijke gebieden.
D
Mensen hadden medelijden met Kerk en gaven geld.

Slide 33 - Quizvraag

Citaat uit een historische bron
"Er is een gerucht dat mensen de leer van Johannes Calvijn aan het prediken zijn in het open veld en dat er veel mensen op af zijn gekomen. Het gewone volk staat nu eenmaal open voor nieuwe dingen waar vaak veel schade en verdriet uit voortkomen. Hopelijk wordt er snel een einde gemaakt aan deze ketterij."
Van wie is dit citaat afkomstig?
A
van een katholiek in 1566
B
van een protestant in 1566
C
van een hervormer in 1687
D
van een protestant in 1687

Slide 34 - Quizvraag

Wat is geen reden voor de snelle verspreiding van kritiek op de kerk in de 16e eeuw?
A
uitvinding boekdrukkunst
B
de kerk vroeg mensen om kritiek te geven
C
ideeën van humanisten
D
verkoop aflaatbrieven

Slide 35 - Quizvraag

Wat is een gevolg van de reformatie?
A
Katholieken worden vervolgd
B
De hervoming
C
Ontstaan van het protestantisme
D
De protestantse kerk sprak rijke mensen aan

Slide 36 - Quizvraag

Wat hoort NIET bij de contrareformatie?
A
De paus liet alle belangrijke regels vastleggen
B
Veel kloosters werden hervormd
C
bisschoppen en priesters opleiden aan universiteiten en seminaries
D
Het afschaffen van de kerkelijke inquisitie

Slide 37 - Quizvraag

LAATSTE OPDRACHT = Sleep de onderdelen naar de juiste plek
Protestant
Katholiek
Maarten Luther
De Paus
Aflaten
Bijbel in volkstaal
Latijnse kerkdienst
Sober
Beeldenverering
Reliekenverering
'Kale' kerk
Beelden in de kerk
'Magische' handelingen
Sobere handelingen

Slide 38 - Sleepvraag

Reformatiepuzzel
Combineer de tekst met het juiste plaatje
Als je tijd over hebt geef je een verklaring voor je keuze
Werk in groepjes van max 4
timer
10:00

Slide 39 - Tekstslide

Video
Histoclips: Luther en de Hervorming

Slide 40 - Tekstslide

Slide 41 - Video