In deze les zitten 31 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.
Onderdelen in deze les
B&L periode 3
De sportleider als lesgever
Leereenheid 10
Evaluatie
Slide 1 - Tekstslide
Inhoud
Evaluatie en plaats in het didactisch model
Evaluatievormen
Evaluatiemethoden en evaluatie-instrumenten
Evaluatie en het lesvoorbereidingsformulier
Beoordelen van het vaardigheidsniveau
Vragen
Slide 2 - Tekstslide
Evalueren?
Slide 3 - Woordweb
Evalueer jij je les/trainingen, zo ja hoe?
Slide 4 - Open vraag
Op welke momenten kun je evalueren?
Slide 5 - Open vraag
Evaluatie
Op verschillende manieren nagaan of de doelen bereikt zijn.
Het verzamelen en interpreteren van informatie met de bedoeling een oordeel te vormen over het resultaat en verloop van de les.
Slide 6 - Tekstslide
Evaluatie en plaats in didactisch model
Slide 7 - Tekstslide
Functies van evalueren
Verbeteren van de volgende les
Bijstellen doelstellingen
Beoordelen van het vaardigheidsniveau
Input voor begeleiding
Reflectie eigen functioneren
Verantwoording
Slide 8 - Tekstslide
Lesgeven, een continu proces
Slide 9 - Tekstslide
Waar staan de letters PDCA voor?
Slide 10 - Open vraag
Leg het PDCA cyclus uit met betrekking tot jouw trainingen op je stage.
Slide 11 - Open vraag
Momenten om te evalueren
Begin van de les (terugkomen op vorige les)
Aan het einde van de les
Na afloop van de les
Na een langere periode/serie lessen
?
Slide 12 - Tekstslide
Evaluatievormen
Het behaalde eindresultaat (het product) = productevaluatie
De manier waarop dit resultaat tot stand is gekomen (het proces) = procesevaluatie
Slide 13 - Tekstslide
Productevaluatie
Alleen naar het resultaat kijken = productevaluatie
Heb je de doelstelling bereikt? - Kwantitatieve productevaluatie (schaatsen/zwemmen) - Kwalitatieve productevaluatie (jurysporten, turnen)
Slide 14 - Tekstslide
Procesevaluatie
Je kijkt als lesgever naar de manier waarop het resultaat tot stand is gekomen.
Evaluatie van lesverloop, van de didactische componenten: - Beginsituatie - Lesopbouw - Organisatie - Bewegingsvormen - Didactische werkvormen
Slide 15 - Tekstslide
Juist of onjuist? Bij de service let je alleen op of de bal in of uit is. Dit is een voorbeeld van een proces evaluatie
A
Juist
B
Onjuist
Slide 16 - Quizvraag
Juist of onjuist? Bij de handstand let je op de techniek van de uitvoering. Dit is een voorbeeld van een proces evaluatie
A
Juist
B
Onjuist
Slide 17 - Quizvraag
Juist of onjuist? Bij zwemmen kijk je alleen naar of de tijd is gehaald. Dit is een voorbeeld van een product evaluatie
A
Juist
B
Onjuist
Slide 18 - Quizvraag
Juist of onjuist? Bij voetbal kijk je naar de techniek van uitvoering wreeftrap. Dit is een voorbeeld van een product evaluatie
A
Juist
B
Onjuist
Slide 19 - Quizvraag
Evaluatiemethoden
Voor productevaluatie:
Prestatieproeven
Circuit
Wedstrijd
Voor procesevaluatie:
Groepsgesprekken
Individuele gesprekken
Evaluatievormen
Slide 20 - Tekstslide
Evalueren heeft altijd een doel en een functie. Benoem de vijf belangrijkste doelen of functies van evalueren
Slide 21 - Open vraag
Evaluatie-instrumenten
Hulpmiddelen om te evalueren of meten van bepaalde effecten
Stopwatch, hartslagmeter, weegschaal
Testen (bijv. shuttlerun test)
Slide 22 - Tekstslide
Evaluatie is:
A
Een ontwikkeling van de lesgevers.
B
Een ontwikkeling van de lesgevers door middel van feedback door deelnemers en docent.
C
Het verzamelen en interpreteren van informatie met als bedoeling een oordeel te vormen over het resultaat en het verloop van de les
D
Het vaststellen en waarderen (beoordelen) van de kwaliteit van de les en het proces ervan.
Slide 23 - Quizvraag
Een turnster werkt haar oefening af en wacht op haar score. De jury waardeert haar turnoefening op de technische uitvoering. Van welke vorm van evalueren is hier sprake?
A
Kwantitatieve productevaluatie
B
Kwalitatieve procesevaluatie
C
Kwantitatieve proces evaluatie
D
Kwalitatieve productevaluatie
Slide 24 - Quizvraag
https:
Slide 25 - Link
Evaluatie en lesvoorbereidingsformulier
Slide 26 - Tekstslide
Beoordelen van het vaardigheidsniveau
Doel van beoordelen - Meten van voortgang - Effect meten van een bepaald trainingsprogramma - Selecteren van beste of meest talentvolle spelers - toekennen van een certificaat of diploma
Slide 27 - Tekstslide
Beoordelen en beoordelingsfouten
Criteria
betrouwbaarheid
validiteit
objectief
nauwkeurig, accuraat
onafhankelijk
Slide 28 - Tekstslide
Beoordelingsfouten
Onvolledig/selectief waarnemen
Subjectief beoordelen
Te zwaar laten tellen van eerste/laatste indruk
Contrasteffect
Halo-effect
Horn-effect
Slide 29 - Tekstslide
Beoordelingsinstrumenten
Vaardigheidstests
Kwantitatieve motorische test -afstand bij speerwerpen, hoogte bij hoogspringen
Kwalitatieve motorische test -uitvoering van de handstandoverslag
Vragenlijstmethoden - Meten van gevoelens d.m.v. vragen op te stellen