Schrijfdossier klas 4v - opdracht 3 (v3) - schrijfplan zelfstandig

Schrijfportfolio 4v opdracht 3b
Deze les:
- (analyse) schrijfplan
- bronvermelding
- vragen
1 / 23
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolvwoLeerjaar 4

In deze les zitten 23 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Schrijfportfolio 4v opdracht 3b
Deze les:
- (analyse) schrijfplan
- bronvermelding
- vragen

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Artikel over Griekse vluchtelingenkampen
Je hebt nu twee nieuwsberichten gelezen over de Griekse vluchtelingenkampen. Als je verder gaat zoeken, zul je nog meer bronnen over dit onderwerp vinden. 

Opdracht 3:
Schrijf een informerend artikel over dit onderwerp met een eigen vraagstelling en een vaste tekststructuur. 
  • Je publiek bestaat uit jongeren tussen de zestien en achttien jaar oud;
  • De lengte van je artikel is ongeveer 400 woorden;
  • Naast de twee bronnen die je al hebt, zoek je er nog drie;
  • Lees al je bronnen en maak een selectie van de informatie die je met je lezers wilt delen en maak een bronnenlijst;
  • Je neemt minstens één citaat op in je tekst;
  • Om je te helpen een gestructureerd artikel te schrijven, ga je nu volgens de volgende slides een schrijfplan maken;
  • Tot slot voeg je een illustratief beeld toe aan je tekst;
  • Na de opdracht schrijf je een korte reflectie (zie Magister voor volledige toelichting);
  • Deadline: 2 juni 2020.

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Citeren?
Parafraseren: informatie in je eigen woorden zetten
Citeren: letterlijk de bron herhalen (je mag geen woorden aanpassen)

Hoe? Door aanhalingstekens te gebruiken en de bron te vermelden. Voorbeelden:
De minister zei met overtuiging: "Dit kunnen we niet toestaan!"
"Dit speelt al langer," zegt een inwoner uit Ter Apel. 
Volgens Truijens is "de respectvolle behandeling geen vanzelfsprekendheid".

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Schrijfplan maken
Je gaat nu het schrijfplan maken voor je artikel.
Je schrijft het artikel met de houvast van één van de vaste tekststructuren die je vindt op bladzijde 133-138 van je boek. Neem eerst deze theorie door!

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Onderdelen schrijfplan
Onderwerp: 
Publiek: (dit weet je al)
Vraagstelling: 
Schrijfdoel: (dit weet je als het goed is al)
Tekstsoort:
Tekststructuur:


Slide 5 - Tekstslide

- Wat is het onderwerp waar je over gaat schrijven?
- Voor wie ga je schrijven? Probeer zo nauwkeurig mogelijk je publiek te omschrijven. 
-Stel een goed afgebakende vraag die je gaat beantwoorden in je artikel 
- Welke structuur kies je? Iedere structuur heeft weer voor- en nadelen en bepaalt waar je wel en niet over gaat schrijven.
Analyse schrijfplan
Wat kan verbeterd worden? Aanwijzingen:

- kolom inhoud bij de inleiding      
- kolom inhoud oplossingen   
- kolom inhoud slot


Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Aandachtspunten
- de anekdote van de inleiding kan nog veel preciezer worden uitgewerkt;   
- er staat nu 'oorzaak probleem', maar niet wat die oorzaak is; 
- de uitwerking van oplossing 1 mag gedetailleerder;  
- bij oplossing 3 moet een bron vermeld worden;  
- bij het slot hoort geen afweging, want het is juist een uiteenzetting.

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 8 - Link

Deze slide heeft geen instructies

Hierna volgen open vragen om je te helpen bij de opzet van je schrijfplan
Neem je antwoorden over in het lege schrijfplan, dat je kan downloaden via Magister bij de les van 26 mei 2020. 

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is het onderwerp waar je over gaat schrijven?

Slide 10 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Voor wie ga je schrijven? Dus: wie is je publiek? Probeer zo nauwkeurig mogelijk te omschrijven.

Slide 11 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Stel een goed afgebakende vraag die je gaat beantwoorden in je artikel.

Slide 12 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Welke structuur kies je om je artikel te schrijven?

Slide 13 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Maak een brainstorm met ideeën voor de titel.

Slide 14 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Schrijfplan invullen (kladversie)
Inleiding: 
  • Hoe ga je de aandacht trekken en/of belangstelling van je publiek wekken?
  • Wat is je hoofdgedachte?
  • Welke vraag ga je beantwoorden in je artikel?
Over welk deelonderwerp gaat je eerste alinea? Denk aan de gekozen structuur.
Over welk deelonderwerp gaat je tweede alinea? Denk aan de gekozen structuur.
Over welk deelonderwerp gaat je derde alinea? Denk aan de gekozen structuur.
Slot: 
  • Vat de drie deelonderwerpen van je alinea's samen in een samenvattende zin of zinnen. 

Eerder dan timer klaar? Dan mag je op zoek naar bronnen, aan de netversie van je schrijfplan werken, etc. 
timer
15:00

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Schrijf een opzet voor je inleiding:
- introduceer je onderwerp
-noem de hoofdgedachte
-wek de belangstelling van je publiek

Slide 16 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Over welk deelonderwerp gaat je eerste alinea? Denk aan de structuur die je hebt gekozen.

Slide 17 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Over welk deelonderwerp gaat je tweede alinea? Denk aan de structuur die je hebt gekozen.

Slide 18 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Over welk deelonderwerp gaat je derde alinea? Denk aan de structuur die je hebt gekozen.

Slide 19 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Vat de drie deelonderwerpen van je alinea samen in één zin.

Slide 20 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Kies het illustratieve beeld dat je zou kunnen gebruiken bij je tekst (voor de definitieve versie mag je veranderen)

Slide 21 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Schrijven!
Je hebt je met je schrijfplan goed voorbereid en je maakt er nu één geheel van. 
Klaar? Loop de aandachtspunten nog eens langs:
  • Je past het juiste schrijfdoel toe (informeren); 
  • Je kunt een heldere structuur in je stuk aanbrengen door het gebruik van verbindings- en signaalwoorden;
  • Je kunt je tekst voorzien van functionele of illustratieve beelden;
  • Je kunt correct citeren en een citaat inbedden;
  • Je hebt een bronnenlijst gemaakt;
  • Je hebt gewerkt volgens één van de vaste structuren;
  • De tekst is geschikt voor je publiek.
  • Inleverdatum: 2 juni 2020. Lever je zowel nette schrijfplan als je artikel in. 

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Tevreden?
Lever je artikel uiterlijk 2 juni in, in Magister (ELO > Opdrachten).
Heel veel succes!

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies