DUURZAAMHEID - 3TO

MILIEUPROBLEMEN
Shari Van Coningsloo | Aardrijkskunde | HOGent
1 / 41
volgende
Slide 1: Tekstslide
AardrijkskundeSecundair onderwijs

In deze les zitten 41 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 120 min

Onderdelen in deze les

MILIEUPROBLEMEN
Shari Van Coningsloo | Aardrijkskunde | HOGent

Slide 1 - Tekstslide

Luchtvervuiling door energiebronnen

Slide 2 - Tekstslide

Littekens in het landschap door ontginning van grondstoffen

Slide 3 - Tekstslide

Bodem-, lucht- en watervervuiling door de landbouw

Slide 4 - Tekstslide

Bodem-, lucht- en watervervuiling door de landbouw

Slide 5 - Tekstslide

Milieudruk door de industrie

Slide 6 - Tekstslide

Milieudruk door de industrie

Slide 7 - Tekstslide

Milieurampen ten gevolge van het ontginnen en het grootschalig transport

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Tekstslide

Hoe wordt dit probleem genoemd?
A
Plastic Ocean
B
Plastic Soup
C
Plastic Fish
D
Clean the ocean

Slide 10 - Quizvraag

Wat is 'plastic soup'?

plasticsoupfoundation.org

Slide 11 - Tekstslide

Waarom is de 'plastic soup' een probleem?

Slide 12 - Tekstslide

Geef enkele afvalbronnen van de 'plastic soup'.

Slide 13 - Open vraag

Hoeveel ton plastic belandt jaarlijks in de oceaan?
A
1 miljoen ton
B
16 miljoen ton
C
8 miljoen ton
D
4 miljoen ton

Slide 14 - Quizvraag

Tegen welk jaar zal er meer plastiek in de oceaan te vinden zijn dan vissen?
A
2022
B
2050
C
2250
D
2150

Slide 15 - Quizvraag

Hoe kunnen we het oplossen?

Slide 16 - Tekstslide

The plastic soup starts in your own hands...

Slide 17 - Tekstslide

UPCYCLING

Slide 18 - Tekstslide

RECYCLING
UPCYCLING
Het product heeft na verwerking dezelfde of een betere kwaliteit
Een onbruikbaar product wordt verwerkt tot een nieuw product dat meer waarde heeft dan ervoor
Product dat als afval wordt beschouwd, wordt helemaal of deels verwerkt tot een nieuw product.
Voorwaarde: voorafgaand sorteren

Slide 19 - Sleepvraag

Upcycling
Bij upcycling gebruik je iets dat je niet meer nodig hebt (afval) om iets nieuws, iets anders te maken. Je herkent het oude vaak terug in het nieuwe product. 
Bij recycling wordt afval eerst terug gebracht tot de grondstoffen of hele kleine stukjes; glasscherven worden eerst gesmolten voor er nieuw glas van wordt gemaakt. Plastic wordt omgesmolten of er worden hele kleine korreltjes van gemaakt waarvan nieuwe producten geperst kunnen worden. 

Slide 20 - Tekstslide

DUURZAAMHEID
Shari Van Coningsloo | Aardrijkskunde | HOGent

Slide 21 - Tekstslide

Slide 22 - Video

Wat betekent duurzaam of duurzaamheid?

Slide 23 - Open vraag

DUURZAAMHEID IS DUS:
- Je gebruikt de aarde zodat de volgende generatie er ook nog gebruik van kan maken
- 'Genoeg voor iedereen voor altijd'
- Rekening houden met mensen, welvaart en de aarde bij alles wat je doet

Slide 24 - Tekstslide

Duurzame ontwikkelingsdoelen
- 17 doelen opgesteld door de Verenigde Naties
- Wereldwijd
- Verdeeld in 5 thema's
- 'Agenda 2030'

Slide 25 - Tekstslide

Slide 26 - Tekstslide

Ontwikkelingsdoelen
People = Mensen
Pleasure = Plezier
Prosperity = Welvaart
Peace = Vrede
Partnership = Samenwerking
Planet = Planeet

Slide 27 - Tekstslide

Welke doelen horen bij 'Planet'?

Slide 28 - Open vraag

Welke doelen horen bij 'People'?

Slide 29 - Open vraag

Welke doelen horen bij 'Prosperity'?

Slide 30 - Open vraag

Een burgeroorlog ondermijnt sinds jaren de economie, de levenskansen en de levenskwaliteit.
A
People
B
Planet
C
Peace
D
Pleasure

Slide 31 - Quizvraag

Door het verminderen van de sojateelt wordt een verdere ontbossing tegengegaan.
A
People
B
Planet
C
Peace
D
Prosperity

Slide 32 - Quizvraag

Via een intensieve samenwerking tussen westerse universiteiten worden maatregelen tegen bodemerosie mogelijk.
A
People
B
Peace
C
Prosperity
D
Partnership

Slide 33 - Quizvraag

Als een lokale gemeenschap zelf de opbrengst van teelten kan verhogen, bevordert dat de welvaart van het platteland.
A
Peace
B
Planet
C
Prosperity
D
Pleasure

Slide 34 - Quizvraag

Terranova p30
People
Planet
Partnership
Peace
Prosperity
Pleasure

Slide 35 - Tekstslide

ECOLOGISCHE VOETAFDRUK

Slide 36 - Tekstslide

Hoe omschrijf je de term 'ecologische voetafdruk' het beste?
A
het zegt iets over hoeveel jij van de aarde gebruikt
B
het gaat over hoeveel ruimte jij inneemt op aarde
C
het heeft enkel te maken met het gebruik van het landoppervlak
D
het zegt iets over de bevolkingsdichtheid in een land

Slide 37 - Quizvraag

Bereken hoe groot jouw ecologische voetafdruk is. Ga naar voetafdruktest.wwf.nl en doe de test.

Slide 38 - Open vraag

Bereken hoe groot jouw ecologische voetafdruk is. Ga naar voetafdruktest.wwf.nl en doe de test.

Slide 39 - Open vraag

Je hebt de opdracht gemaakt over jouw voetafdruk. Je weet dus nu hoeveel ruimte jij in beslag neemt. Dat weten we ook van mensen in andere landen.
Hoe groot is jouw voetafdruk?
Sleep het voetje naar de categorie waar je in valt.
Welk land komt het dichtste in de buurt?
Afghanen
0.5 ha
Colombianen
1.6 ha
Polen
3.9 ha
Zweden
5.7 ha
Nederlanders
6.3 ha
Amerikanen
8 ha
0 tot 1
hectare
1 tot 2
hectare
2 tot 3
hectare
3 tot 4
hectare
4 tot 5
hectare
5 tot 6
hectare
6 tot 7
hectare
7 tot 8
hectare
Huiswerk nog niet
gemaakt? Dan
moet je hier in de
hoek gaan staan..

Slide 40 - Sleepvraag

BEDANKT VOOR JULLIE AANDACHT

Shari Van Coningsloo | Aardrijkskunde | HOGent

Slide 41 - Tekstslide