1MREc Goederen Les 6 3.4 tm 3.6 Opslag en hulpmiddelen

1MREc Goederenstroom
1 / 19
volgende
Slide 1: Tekstslide
RetailMBOStudiejaar 1,4

In deze les zitten 19 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

1MREc Goederenstroom

Slide 1 - Tekstslide

Goederenstroom is:

  • Goederenontvangst
  • Goederenopslag
  • Voorraad
  • Voorraadbeheer
  • Online verkopen
  • Derving
  • Informatiesystemen

Slide 2 - Tekstslide

Terugblik
  • Verschil tussen inkopen en bestellen: vaststellen van voorwaarden.
  • Informatiesysteem (!) bijhouden is enorm belangrijk, maar helpt daardoor ook met plannen.
  • Verpakkingen: voor de consument en voor transport. Verpakkingen: eenmalig of herbruikbaar (emballage). Emballage vereist vaak borg (statiegeld).
  • Geleidedocumenten: bewijsmateriaal en informatie voor controle. Wet goederenvervoer over de weg (Wgw).
  • Kwantitatieve en/of kwalitatieve controle, integrale of steekproef-controle. Afwijkingen noteren én communiceren.
  • MBTv-Lijst: Manco, Breuk, Te veel. Retourbon belangrijk, bewijsmateriaal.
  • Omgaan met afwijkingen: afspraken in leveringsvoorwaarden.
  • Magazijn kost geld, maar nee-verkoop ook. Balans vinden.
  • Magazijn indeling en plaats afhankelijk van type bedrijf, drukte, etc.
  • Distributiecentrum werkt als een centraal magazijn. 

Slide 3 - Tekstslide

Voorraadkosten: Je hebt per ongeluk 10 verpakkingen besteld, ipv 1.
Dit zorgt voor meer....
A
Rente kosten
B
Ruimte kosten
C
Risico kosten

Slide 4 - Quizvraag

Afspraken over meerdere inkopen staan in een....
A
Inkoopovereenkomst
B
Inkoopcontract
C
Raamovereenkomst
D
Verkoopovereenkomst

Slide 5 - Quizvraag

Op dit document staan de prijzen van de producten.
A
Pakbon
B
Factuur
C
Vrachtbrief

Slide 6 - Quizvraag

Deze vorm van controle is relatief duur.
A
Integrale controle
B
Steekproefcontrole
C
Validiteitscontrole

Slide 7 - Quizvraag

Een backorder bevat producten die...
A
Defect zijn
B
Niet geleverd zijn
C
Gevallen zijn
D
Over datum zijn

Slide 8 - Quizvraag

Les 6: Inhoud
  • Opslagmethoden.
  • Aandachtspunten opslag.
  • Transport- en hulpmiddelen (quiz).

Slide 9 - Tekstslide

Opslagmethoden

Slide 10 - Tekstslide

Opslagmiddelen
  • Magazijnstelling; hoogte gebruiken.
  • Pallet; zware artikelen of stapels dozen.
  • Koel- of vriescel; beperkt houdbare producten (koel 2-5 °C, vries -18°C)
  • Op de vloer; goedkoop, weinig bescherming.
  • Buitenopslag; rekening houden met weersomstandigheden, tijdelijk

Slide 11 - Tekstslide

Aandachtspunten opslag

Slide 12 - Tekstslide

Kans op schade verminderen

Slide 13 - Woordweb

Kans op schade verkleinen
  • De artikelen niet te hoog opstapelen.
  • De zware artikelen zo laag mogelijk opslaan.
  • De speciale opslagvoorschriften voor de artikelen opvolgen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan aparte opslag van gevaarlijke stoffen.
  • De artikelen overzichtelijk opslaan en bijvoorbeeld niet in blanco dozen, waardoor het onduidelijk is welke artikelen er in zitten.

Slide 14 - Tekstslide

Gevaarlijke stoffen

Slide 15 - Tekstslide

Transport en hulpmiddelen

  • Horizontaal bewegende transportmiddelen.
  • Verticaal bewegende transportmiddelen.
  • Combinatie van horizontaal en verticaal.

Slide 16 - Tekstslide

Quiz
  • Ga naar joinmyquiz.com.
  • Voer de code in die je zo op het scherm ziet.
  • Punten voor correct én snel antwoorden.
  • Vragen over transportmiddelen en wat eerdere stof. 

Slide 17 - Tekstslide

Les 6: Samenvatting
  • Kans op schade verminder; op goederen én personeel;
  • door geschikte hulpmiddelen te gebruiken en;
  • na te denken over de eigenschappen van de goederen.

Slide 18 - Tekstslide

Opdracht vóór de volgende keer:
  • Kijk bij opdrachten in het Team "(OND_1519) CE Goederenstroom 1MREc".




  • Lees Hoofdstuk 3.4 t/m 3.6 en maak bijbehorende opdrachten (10 tm 17).


Slide 19 - Tekstslide