Unit 3.2 New York (9 December)

   Unit 3
New York
1 / 29
volgende
Slide 1: Tekstslide
EngelsMiddelbare schoolvwoLeerjaar 1

In deze les zitten 29 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

Onderdelen in deze les

   Unit 3
New York

Slide 1 - Tekstslide

Homework

Slide 2 - Tekstslide

Today:
  • Welcome & lesson goals (5 minutes)




  • Paragraph 3.2: Listening
  • TASK

  • End of lesson (5 minutes

Slide 3 - Tekstslide

Lesson goals
Students:
  • know how to use comparisons




Slide 4 - Tekstslide

Slide 5 - Video

Job openings, page 98
Job openings, page 98

Slide 6 - Tekstslide

exercise 2, page 99
Exercise 2, page 99

Slide 7 - Tekstslide

Trappen van vergelijking

Slide 8 - Tekstslide

Wat zijn trappen van vergelijking?

Slide 9 - Woordweb

Vergrotende + overtreffende trap
klein - kleiner - kleinst(e)
small - smaller - smallest

groot - groter - grootst(e)
big - bigger - biggest

aardig - aardiger - aardigst(e)
nice - nicer - nicest

Comparative +

Superlative

Slide 10 - Tekstslide

Let op woorden die eindigen op een Y!

(medeklinker + y dan 'i' ipv 'y'

Slide 11 - Tekstslide

Let op!
goed - beter - best
good - better - best

slecht - slechter - slechtst(e)
bad - worse - worst

ver - verder - verst(e)
far - further - furthest




Slide 12 - Tekstslide

Vergrotende trap:
+ER

Vaak wordt het woord gevolgd door THAN

Frank is taller than Rob.

The boys are faster than us.


Overtreffende trap:
+EST

Vaak komt er voor het woord THE te staan

Rob is the tallest boy I know.

That is the fastest car ever.

Slide 13 - Tekstslide

Maar bij langere woorden...

Slide 14 - Tekstslide

Woorden van 2 of meer lettergrepen
krijgen GEEN -er of -est,
maar MORE of MOST ervoor!

I am smaller than Frank, but he is more intelligent than I am.

Jason is the sweetest baby I know, Jasmin is 
the most beautiful baby though.


Slide 15 - Tekstslide

Slide 16 - Tekstslide

Slide 17 - Video

TASK
Paragraph 3.2
  • Finish this lesson up: slide 20 t/m 28 (29 = extra grammar practise)


Finished?
Start with your homework:
Exercises: 3, 5 t/m 7, 9 t/m 11 (online)

Slide 18 - Tekstslide

Slide 19 - Tekstslide

My sister has a ___ room than I have.
A
big
B
bigger
C
biggest
D
more bigger

Slide 20 - Quizvraag

I drive ___ than my husband.
A
safe
B
safer
C
safest
D
most safe

Slide 21 - Quizvraag

That group is _____ than the other group.
A
more serious
B
most serious
C
seriouser
D
seriousest

Slide 22 - Quizvraag

The teacher likes to have the ___ talks.
A
dull
B
duller
C
dullest

Slide 23 - Quizvraag

It is _____ than ever to find good football players.
A
more difficult
B
difficulter
C
most difficult
D
difficultest

Slide 24 - Quizvraag

Michael Jackson was the
___ singer ever .
A
great
B
greater
C
greatest
D
most great

Slide 25 - Quizvraag

The weather today is even ___
than yesterday.
A
badder
B
baddest
C
worse
D
worst

Slide 26 - Quizvraag

My dad is the ___ dad ever!
A
good
B
goodest
C
better
D
best

Slide 27 - Quizvraag

I know how to use comparisons
😒🙁😐🙂😃

Slide 28 - Poll

Extra oefenen met 
trappen van vergelijking?



Slide 29 - Tekstslide