1.2 De bouw van organismen

1.2 De bouw van een organisme
1 / 27
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 3

In deze les zitten 27 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

Onderdelen in deze les

1.2 De bouw van een organisme

Slide 1 - Tekstslide

Planning:
Herhaling basisstof 1
Uitleg basisstof 2 : 
'De bouw van een organisme'

Zelf aan de slag

Slide 2 - Tekstslide

Wat zijn levenskenmerken?
A
hoe groot en zwaar een organisme is
B
kenmerken van een levend organisme
C
de ontwikkeling van een organisme
D
kenmerken van een dood organisme

Slide 3 - Quizvraag

wat is geen levenskenmerk?
A
groeien
B
voortplanten
C
praten
D
bewegen

Slide 4 - Quizvraag

Wat is geen levensfase?
A
Baby
B
Schoolkind
C
Tiener
D
Adolescent

Slide 5 - Quizvraag

Thema 1 Organen & Cellen
2 De bouw van een organisme

Slide 6 - Tekstslide

Leerdoel van deze les
Je kunt de organisatieniveaus binnen een organisme benoemen en beschrijven.

Slide 7 - Tekstslide

Aantekening. Pak je schrift

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Tekstslide

Slide 11 - Video

Slide 12 - Video

Aan de slag!
Pak je boek er bij en ga naar 1.2 


Na het lezen van de tekst maak je van 1.2:  1.2.4.5.6

Slide 13 - Tekstslide

De lever hoort bij het
A
Bloedvatenstelsel
B
Voortplantingstelsel vrouw
C
Zenuwstelsel
D
Verteringstelsel

Slide 14 - Quizvraag

Zet op volgorde van groot naar klein
Orgaanstelsel
Orgaan
Weefsel
Cel
Organisme

Slide 15 - Sleepvraag

De aorta hoort bij het
A
Ademhalingsstelsel
B
Spierstelsel
C
Zenuwstelsel
D
Bloedvatenstelsel

Slide 16 - Quizvraag

MOLECUUL
ATOOM
ORGAAN
ORGANISME
ORGAANSTELSEL
WEEFSEL
CEL

Slide 17 - Sleepvraag

Zet van klein naar groot
A
Weefsel, cel, orgaan
B
cel, weefsel, orgaan
C
orgaan, cel, weefsel
D
cel, orgaan, weefsel

Slide 18 - Quizvraag

Organisatieniveau van groot naar klein
A
orgaan -organisme -weefsel -cel -organenstelsel
B
organisme- organenstelsel- orgaan - weefsel - cel
C
weefsel - cel- orgaan - organisme- organenstelsel
D
organenstelsel- orgaan - organisme - weefsel- cel

Slide 19 - Quizvraag

Het skelet is een ...
A
organisme
B
orgaanstelsel
C
orgaan
D
cel

Slide 20 - Quizvraag

Welk orgaan is dit?
A
Maag
B
Long
C
Darmen
D
Lever

Slide 21 - Quizvraag

Wat is een weefsel
A
Cellen in verschillende organen met een vorm en functie
B
de cellen in een orgaan
C
Een groep cellen met dezelfde vorm en functie

Slide 22 - Quizvraag

Wat is tussencelstof?
A
materiaal dat zich tussen en rond cellen bevindt
B
materiaal dat zich tussen en buiten de cellen bevindt
C
cellen die zich tussen en rond de cellen bevinden
D
geen van deze antwoorden

Slide 23 - Quizvraag

Tussencelstof komt voor bij
A
kraakbeenweefsel
B
beenweefsel
C
beiden
D
geen van beiden

Slide 24 - Quizvraag

Wat voor weefsel is dit?
A
kraakbeenweefsel
B
huidweefsel
C
botweefsel
D
spierweefsel

Slide 25 - Quizvraag

Wat is een orgaan?
A
Een orgaan is een deel van een organisme met een of meer functies
B
Een orgaan is een deel van het menselijk lichaam met een of meer functies
C
Groep organen met dezelfde functie
D
Alle antwoorden zijn goed

Slide 26 - Quizvraag

Weet je het nu?
Kan je nu de organisatieniveaus binnen een organisme benoemen en beschrijven.

Slide 27 - Tekstslide