Kippen

kippen 
1 / 31
volgende
Slide 1: Tekstslide
DierverzorgingMBOStudiejaar 1

In deze les zitten 31 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 8 videos.

time-iconLesduur is: 120 min

Onderdelen in deze les

kippen 

Slide 1 - Tekstslide

Heb jij ervaring met / kennis van kippen?
Ja
Nee
Een beetje

Slide 2 - Poll

Leerdoelen
1. Je legt uit hoe de dagelijkse en periodieke verzorgende werkzaamheden van kippen uitgevoerd moeten worden.
2. Je kan een kip de juiste hoeveelheid voer en water geven.
3. Je kan beoordelen of het voer geschikt is voor kippen.
4. Je kan een kip op de juiste wijze met oog voor dierenwelzijn hanteren en fixeren.
5. Je kan verschillende huisvestingssystemen van kippen benoemen.
6. Je kan aangeven welke voor- en nadelen bij de huisvestingssystemen er zijn.
7. Je kan de specifieke huisvestingsbehoeften van kippen benoemen.


Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Tekstslide

Kippen leven in groepen.
Hoe heet deze vorm van samenleven?
A
kudde
B
toom
C
school
D
zwerm

Slide 5 - Quizvraag

Kippen 
vrouw = hen
man = haan
jong = kuiken

toom = groep kippen
  • 1 haan                                                                                                                                                                      (verdedigt hennen en territorium, brengt hennen naar voedsel, zoekt veilige slaapplaats )
  • aantal hennen
  • kuikens

Pikorde 

Slide 6 - Tekstslide

Slide 7 - Video

Waarom worden kippen gefokt?

Slide 8 - Woordweb

Slide 9 - Video

Gebruiksdoel
  • vroeger voor hanengevechten
  • Legkippen
  • Vleeskuikens
  • Sierkippen


Slide 10 - Tekstslide

Wie is de belangrijkste voorouder van de gedomesticeerde kip?
A
bankivahoen
B
nederlandse sabelpoot kriel
C
sebright
D
zijdehoen

Slide 11 - Quizvraag

Waarom neemt een kip een zandbad?

Slide 12 - Open vraag

Voeding
  • opfokvoer 1 (kuikens tot +/- 6 weken oud)
  • opfokvoer 2 (6 weken tot +/- 6 maanden: dan gaan ze leggen)
  • legkorrel of pluimvee-meel (= basis voer)
  • graan en groenvoer (= bij voer)
  • kippengrit (extra kalk)
  • kiezel 

Altijd vers drinkwater (250ml per kip per dag).

Slide 13 - Tekstslide

  • Bankivahoen (voorouder)
  • Hollandse hoen
  • Leghorn
  • Lakenvelder
  • Orpington
  • Nederlandse sabelpoot kriel
  • Brahma
  • Cochin
  • Sebright
  • Wyandotte
  • Barnevelder
  • Zijdehoen
  • Rhode Island Red
  • Sussex

Slide 14 - Tekstslide

Wat kun je kippen als bijvoeding geven?
A
opfokvoer
B
legkorrel
C
pluimvee meel
D
graan

Slide 15 - Quizvraag

Waarom eet een kip steentje/schelpjes?

Slide 16 - Open vraag

Wanneer is normaal gesproken de ruiperiode van een kip?

A
voorjaar/begin zomer
B
late zomer/herfst
C
herfst/winter
D
winter/voorjaar

Slide 17 - Quizvraag

Slide 18 - Video

Periodieke verzorging
  • Stal volledig uitmesten en eventueel ontsmetten
  • Vaccineren
  • Ontwormen
  • Kortwieken

Slide 19 - Tekstslide

De rui
In de late zomer of de herfst.
Duurt 1 tot 2 maanden.

  • Legt geen eieren.
  • Kam en lellen worden kleiner.
  • Kop wordt bleek. 
  • Minder actief.



Slide 20 - Tekstslide

1

Slide 21 - Video

01:00
Leewieken is per 1 januari 2018 verboden!

Slide 22 - Tekstslide

Gezondheid

Tekenen inwendige parasieten:
  • vermagering
  • lusteloosheid
  • bol zitten (met opgezette veren)
  • diarree
  • groeivertraging
  • stoppen van de eiproductie 
  • het bleek worden van kam en lellen

Tekenen van uitwendige parasieten:
  • onrustig gedrag
  • slecht verenkleed (door krabben en pikken)
  •  vuilwitte, droge korsten tussen de schubben van de poten (kalkpoten)





Tekenen van ademhalingsproblemen:
  • niezen
  • rochelen
  • neusuitvloeiing
  • benauwdheid (met snavel open ademen)

Slide 23 - Tekstslide

Slide 24 - Video

Huisvestingsystemen
  • Legbatterij
sinds 2012 verboden in de EU
  • Scharrelkippen en biologische kippen
  • Rondeel 



Slide 25 - Tekstslide

Slide 26 - Tekstslide

Slide 27 - Video

Slide 28 - Video

Slide 29 - Video

Hanteren kip
• Ga een kippenhok in en bepaal welke kip je gaat hanteren.
• Loop er rustig achteraan met gespreide armen.
• Drijf de kip zo een hoek in en hurk er kalm voor.
• Pak de kip met twee handen om het lichaam.
• Druk met één hand de kip tegen je lichaam.
• Pak met je vrije hand de vleugels beet.
• Plaats je duim aan één kant onder een van de vleugels.
• Doe de vier vingers van dezelfde hand onder de andere vleugel.
• Laat de kip dan in je hand hangen als een handtasje.


Slide 30 - Tekstslide

Bedankt voor jullie aandacht

Slide 31 - Tekstslide