22-3 grammar present perfect past simple

1 / 22
volgende
Slide 1: Tekstslide
EngelsMiddelbare schoolvmbo b, kLeerjaar 2

In deze les zitten 22 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Doornemen grammatica

Denk zelf aan aantekeningen !

Slide 2 - Tekstslide

Today:



I have washed the car. It is clean now. 
He has washed the car. It is clean now.

Slide 3 - Tekstslide

Present Perfect
Als iets in het verleden is begonnen en nu nog bezig is OF effect heeft.

have / has + voltooid deelwoord.

voltooid deelwoord regelmatige werkwoorden: ww+(e)d
voltooid deelwoord onregelmatige werkwoorden: 3e rijtje lijst

Slide 4 - Tekstslide

Present Perfect
1. James ______________ my apple.  (eat

- is 'eat' regelmatig of onregelmatig? 
- have of has?



Slide 5 - Tekstslide

Present Perfect
1. James ______________ my apple.  (eat

- is 'eat' regelmatig of onregelmatig?      onregelmatig (lijst, 3e)
- have of has?                                                      James = he = has


Someone has eaten my apple.

Slide 6 - Tekstslide

Present Perfect
2. Oh no ! I ______________ a window. (break)
 

- is 'break' regelmatig of onregelmatig? 
- have of has?



Slide 7 - Tekstslide

Present Perfect
2. Oh no ! I ______________ a window. (break)
 

- is 'break' regelmatig of onregelmatig?    onregelmatig (lijst,3e)
- have of has?                                                          I = have

Oh no ! I have broken a window. 


Slide 8 - Tekstslide

Present Perfect
Als iets in het verleden is begonnen en nu nog bezig is OF effect heeft.

have / has + voltooid deelwoord.

voltooid deelwoord regelmatige werkwoorden: ww+(e)d
voltooid deelwoord onregelmatige werkwoorden: 3e rijtje lijst

Slide 9 - Tekstslide

My sister ___ eaten my cakes.

A
have
B
has

Slide 10 - Quizvraag

Your friend ___ been happy all day.

A
have
B
has

Slide 11 - Quizvraag

Why ______ so much rice today ?

A
has you ate
B
have you eaten
C
has you eaten
D
have you ate

Slide 12 - Quizvraag

How much coffee ________ today ?

A
has you drank
B
has you drunk
C
have you drunk
D
have you drank

Slide 13 - Quizvraag

Who ____ my bike ?

A
has stolen
B
have stole
C
have stolen
D
has stole

Slide 14 - Quizvraag

My sister ____ a new job recently. (START)

Slide 15 - Open vraag

I _______ my English essay. (WRITE)

Slide 16 - Open vraag

Your girlfriend _________ .
(JUST PHONE)

Slide 17 - Open vraag

They ______ here for a long time. (LIVE)

Slide 18 - Open vraag

I _______ some new shoes and a hat. (BUY)

Slide 19 - Open vraag

Past Simple
PAST SIMPLE

Slide 20 - Tekstslide

Past simple
Wat
Past simple
Wanneer
Om aan te geven dat iets in het verleden is gebeurd.
Hoe
Met –ed OF een onregelmatige vorm.
Signaalwoorden
Yesterday, last week, last month, two days ago, four days ago, months ago, etc.
Voorbeelden
He walked her home last night.
I talked to him on the phone yesterday.
She tried to close her book but a fly got caught in between the pages.

Slide 21 - Tekstslide

Present Perfect
Als iets in het verleden is begonnen en nu nog bezig is OF effect heeft.

have / has + voltooid deelwoord.

voltooid deelwoord regelmatige werkwoorden: ww+(e)d
voltooid deelwoord onregelmatige werkwoorden: 3e rijtje lijst

Slide 22 - Tekstslide