3.3 Kruisingen

Verwachtingen vandaag!
  • KB: Mijn boek en schrift liggen open op: 3.2 blz 177 (huiswerk controle)
  • Ik heb alleen de benodigde spullen op tafel: Boek, etui en schrift
  • Als ik wat wil zeggen steek ik mijn hand op 
  • Als de docent praat ben ik stil
  • Ik respecteer een ander en zijn eigendommen
1 / 11
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieVoortgezet speciaal onderwijsLeerroute 1

In deze les zitten 11 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Verwachtingen vandaag!
  • KB: Mijn boek en schrift liggen open op: 3.2 blz 177 (huiswerk controle)
  • Ik heb alleen de benodigde spullen op tafel: Boek, etui en schrift
  • Als ik wat wil zeggen steek ik mijn hand op 
  • Als de docent praat ben ik stil
  • Ik respecteer een ander en zijn eigendommen

Slide 1 - Tekstslide

Herhalen leerdoelen
  • Je kunt omschrijven wat homozygoot, heterozygoot, dominant, recessief en intermediair fenotype betekenen.

Slide 2 - Tekstslide

3.3 Kruisingen
Thema 3 Erfelijkheid en evolutie

Slide 3 - Tekstslide

Leerdoelen 3.3
  • Je kunt een kruisingsschema opstellen.
  • Je kunt bij een gegeven kruising genotypen en fenotypen van ouders en/of nakomelingen afleiden.

Slide 4 - Tekstslide

Kruisingen
Op de afbeelding zie je een langharige cavia.
Fokkers hebben voor de lange haren gezorgd door steeds de cavia's met de langste haren met elkaar te laten paren.
De nakomelingen kregen ook weer lange
haren. Als je twee dieren met elkaar
nakomelingen laat krijgen, heet dat kruisen.

Slide 5 - Tekstslide

Generatie
  • Bij een kruising geef je de ouders aan met de letter P.
  • De eerste generatie nakomingen geef je aan met F¹.
  • Een generatie zijn alle organismen in één laag van een reeks voortplantingen.
  • F¹ plant zich ook weer voort. Hieruit ontstaat een tweede generatie nakomelingen: de F².

Slide 6 - Tekstslide

Een kruisingsschema maken
  • Een kruisingsschema is een tabel met alle mogelijke combinaties van allelen bij een kruising.
  • Met een kruisingsschema kun je voorspellen wat de kans is dat een nakomeling een bepaald fenotype krijgt.

Slide 7 - Tekstslide

Stappen kruisschema
Een kruisschema bestaat uit 4 stappen:
  1. (P): bedenk wat de fenotypen en genotypen van de ouders zijn.
  2. (geslachtscellen): bedenk welke allelen in de geslachtscellen van beide ouders kunnen voorkomen.
  3. (F¹): stel vast welk genotype en fenotype de nakomelingen kunnen hebben.
  4. stel vast welk genotype en fenotype de dieren in de F² kunnen hebben.

Slide 8 - Tekstslide

Pak boek erbij
Samen voorbeeld kruisschema doorlopen op blz 182 en 183

Slide 9 - Tekstslide

Aan het werk!
Maken opdrachten 3.3: 1, 2, 4 en 5
Klaar?
Laten checken bij docent, bij goedkeuring nakijken.
Klaar?  Werk laten zien aan docent.

 

timer
25:00

Slide 10 - Tekstslide

Leerdoelen herhalen
  • Je kunt een kruisingsschema opstellen.
  • Je kunt bij een gegeven kruising genotypen en fenotypen van ouders en/of nakomelingen afleiden.en.

Slide 11 - Tekstslide