5.2 hefbomen

5.2 Hefbomen
1 / 17
volgende
Slide 1: Tekstslide
Natuurkunde / ScheikundeMiddelbare schoolvmbo bLeerjaar 3

In deze les zitten 17 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

5.2 Hefbomen

Slide 1 - Tekstslide

Leervragen 5.2 
  • Waarom gebruiken we hefbomen?
  • Hoe werkt een hefboom?
  • Hoe werken katrollen?

Slide 2 - Tekstslide

Waarom gebruiken we hefbomen?
Een hefboom vergroot je kracht.







Slide 3 - Tekstslide

Hoe werkt een hefboom?
Onderdelen: hefboom heeft een arm, kracht en een draaipunt

Slide 4 - Tekstslide

Hoe krijg je een hefboom in evenwicht?
Hefboomregel:
Als de kracht groter is, dan moet de arm korter zijn.



Slide 5 - Tekstslide

Aan de slag
blz 234
opgave 1 t/m 17

Slide 6 - Tekstslide

Principe van een hefboom
  • Hoe verder weg jij van het draaipunt werkt, hoe makkelijker het wordt.
  • De meeste kracht zit kort bij het draaipunt.
  • Als de afstand tot het draaipunt 4x kleiner is, dan wordt de kracht 4x zo groot.

Slide 7 - Tekstslide

Hoe krijg je een hefboom in evenwicht?
Hefboomregel:
Als de kracht groter is, dan moet de arm korter zijn.

kracht x lengte = kracht x lengte





Slide 8 - Tekstslide

Hefboomprincipe 

Slide 9 - Tekstslide

Aan de slag
Bladzijde 239
Opgave 18 t/m 25

Slide 10 - Tekstslide

Wat is een katrol?
Een katrol is een schijf waar een kabel overheen loopt.

Vaste katrol -> Alleen de richting veranderen.
Losse katrol -> De kracht halveren

Slide 11 - Tekstslide

Vaste katrol
Bij een vaste katrol is de spierkracht gelijk aan de zwaartekracht.

Het voordeel is dat je omlaag kan trekken.

Haal je b.v. 3m touw in, dan gaat de last ook 3m omhoog. 

Slide 12 - Tekstslide

De losse katrol
-Een losse katrol maakt ons sterker 

 -De last wordt verdeeld over het aantal touwen waaraan de katrol hangt

Slide 13 - Tekstslide

Vaste katrol
Losse katrol
Het hele system van katrollen: takel.

Slide 14 - Tekstslide

Takel
Een takel heeft een vaste
en een losse katrol.

Haal je 3 m touw in, dan gaat de last de helft (1,5 m) omhoog.
Je benodigde spierkracht is maar de helft.

Slide 15 - Tekstslide

Katrollen en Takels
Losse katrol hangt aan 2 touwen, kracht wordt dus 2x zo klein en er moet 2x zoveel touw worden binnengehaald
Losse katrol hangt aan 3 touwen, kracht wordt dus 3x zo klein en er moet 3x zoveel touw worden binnengehaald
Losse katrol hangt aan 4 touwen, kracht wordt dus 4x zo klein en er moet 4x zoveel touw worden binnengehaald

Slide 16 - Tekstslide

Aan de slag
bladzijde 243
opgave 26 t/m 35

Slide 17 - Tekstslide