Carnaval groep 5

Carnaval
1 / 24
volgende
Slide 1: Woordweb
HandvaardigheidBasisschoolGroep 5

In deze les zitten 24 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 15 min

Onderdelen in deze les

Carnaval

Slide 1 - Woordweb

Waarom wordt er Carnaval gevierd?
A
Het is leuk.
B
Het is belangrijk om af en toe te feesten.
C
Het begin van het vasten wordt gevierd.

Slide 2 - Quizvraag

Met welk ander feest is Carnaval verbonden?
A
Pasen
B
Hemelvaartsdag
C
Kerst
D
Koningsdag

Slide 3 - Quizvraag

Carnaval is de start van de vastentijd en duurt in totaal 40 dagen tot Pasen.
Dat de datum van Carnaval ieder jaar wisselt komt omdat het feest verbonden is met Pasen. Tijdens de 40 dagen voor Pasen wordt er traditioneel door katholieken gevast. De eerste vastendag wordt Aswoensdag genoemd. Om zich voor te bereiden op de vastentijd vieren katholieken de drie dagen voor Aswoensdag feest: Carnaval.

Slide 4 - Tekstslide

Hoe groet je iemand bij de Carnaval?
A
Hallo!
B
Ola!
C
Bonjour!
D
Alaaf!

Slide 5 - Quizvraag

In welke provincies in Nederland vieren ze VOORAL Carnaval?
A
Brabant, Gelderland en Limburg
B
Gelderland, Limburg en Utrecht
C
Brabant, Limburg en Zeeland
D
Brabant, Friesland en Limburg

Slide 6 - Quizvraag

Slide 7 - Video

Hoe heet 's-Heerenhoek bij de Carnaval?
A
Hanzehat
B
Kraaienist
C
De Pikpot
D
Paerehat

Slide 8 - Quizvraag

In andere landen wordt ook Carnaval gevierd.
A
Waar
B
Niet waar

Slide 9 - Quizvraag

Brazillië
Duitsland
Venetië (Italië)

Slide 10 - Sleepvraag

https://www.wearetravellers.nl/reistips/in-4-filmpjes-hoe-carnaval-wordt-gevierd-over-de-hele-wereld/
Carnaval wordt overal in de wereld gevierd, bijvoorbeeld in België, Duitsland, Italië en Brazilië. Beroemd zijn de maskers van het Venetiaanse carnaval in Italië en de optochten van het Braziliaanse carnaval.

Slide 11 - Tekstslide

Wat krijgt de prins van de burgemeester voor de Carnaval?
A
Boek
B
Sleutel
C
Een ketting

Slide 12 - Quizvraag

In verschillende plaatsen draagt de burgemeester, in de week voor carnaval, met een vrolijke officiële plechtigheid het bestuur van de stad over aan de Prins, waarbij de sleutel van de stad wordt overhandigd. 
Die sleutel kan een grote houten sleutel zijn, maar het is ook weleens een fietssleuteltje. De sleutel wordt na 
carnaval teruggebracht. Dit kan zijn op Aswoensdag, maar bijvoorbeeld ook op dinsdagavond om 23:11. 
Dit kan per vereniging of gemeente verschillen.

Slide 13 - Tekstslide

Bij de Carnaval hebben ze het vaak over het 'gekkengetal'. Maar welk getal is dit?
A
10
B
1
C
11
D
21

Slide 14 - Quizvraag

Vroeger hadden veel getallen een symbolische betekenis. Het getal 11 noemen wij het gekkengetal, omdat het alleen te delen is door zichzelf. En omdat 11 tussen 10 (het volmaakte getal) en 12 (het heilige getal) staat.
11 Is ook het getal van Carnaval. Carnaval begint op de 11de van de 11de. Er zitten 11 mensen in de 'Raad van elf'. En elke 11 jaar wordt er een jumbileum gevierd.

Slide 15 - Tekstslide

Ieder jaar heeft de Carnavalstichting een zin bedacht, net zoals dit jaar 'Me legge de looper uut'

Slide 16 - Tekstslide

Hoe noemen wij de zin op de vorige dia? Dat is...
A
De spreuk
B
Het motto

Slide 17 - Quizvraag



Wat heeft de prins op zijn hoofd?
A
Hoed
B
Steek
C
Scepter
D
Muts

Slide 18 - Quizvraag

Hoe heten de mannen naast de prins?
A
De mannen van 11
B
De narren van 11
C
De raad van 11

Slide 19 - Quizvraag

Volgend weekend ga ik:
Je kan 1 antwoord aankruisen.
(kies wat je het leukst vindt)
Ik doe mee met de optocht.
Ik doe mee met de playbackshow.
Heel het weekend carnavallen!
Ik ga niet carnavallen.
Ik ga kijken bij de optocht.
Ik ga op vakantie.

Slide 20 - Poll

Groep 5 gaat verkleed als:

Slide 21 - Woordweb

Dit vond ik van de LessonUp:
😒🙁😐🙂😃

Slide 22 - Poll

EN NU...KNUTSELEN!

Slide 23 - Tekstslide

Maskers maken:
- Bedenk wat je wilt maken. (denk aan hoe ga ik verkleed/wat vind ik leuk?)

- Kies uit: papieren bordje OF omtrek masker op papier.  (1 papieren bordje per kind) 
Eerst 1 masker maken, daarna mag je er altijd nog 1 maken.

- Dit mag je gebruiken: stiften, gekleurd papier, diamantjes, crepe papier, veertjes, glitters (alleen op de instructietafel bij de juf) & rietje/ijslolly stokje (om je masker vast te houden).
Nog iets anders nodig? Vraag het aan Juf Anouk of Juf Shirley.

- KLAAR? Leg je masker voor in de klas op de tafel en ruim eerst je knutselspullen op.
Kies uit: kleurplaat steek of zelf een tekening maken over de Carnaval.

Slide 24 - Tekstslide