Koolstofchemie: Herhaling

Koolstofchemie Herhaling
1 / 26
volgende
Slide 1: Tekstslide
ScheikundeMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4,5

In deze les zitten 26 slides, met interactieve quizzen en tekstslide.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Koolstofchemie Herhaling

Slide 1 - Tekstslide

Een koolwaterstof heeft de molecuulformule C18H38. Wat voor soort koolwaterstof is dit?
A
Alkaan
B
Alkeen
C
Geen van beide
D
Alkyn

Slide 2 - Quizvraag

Wat is de juiste naam?
A
dimethylhexaan
B
2,4-dimethylhexaan
C
3,5-dimethylhexaan
D
dimethylhexeen

Slide 3 - Quizvraag

Wat is de juiste naam?
A
but-1-een
B
buteen
C
butaan
D
but-1-aan

Slide 4 - Quizvraag

Wat is de juiste naam?
A
hexanol
B
hexaan-5-ol
C
hexaan-1-ol
D
hexaan-2-ol

Slide 5 - Quizvraag

Wat is de juiste naam?
A
propaantriol
B
propaan-1,2,3-triol
C
propeen-1,2,3-triol
D
propaantrizuur

Slide 6 - Quizvraag

Lost deze stof goed op in water?
A
Ja
B
Nee

Slide 7 - Quizvraag

Wat is de
juiste naam?
A
4-methylpenta-1,3-dieen
B
2-methylpenta-1,3-dieen
C
2-methylpenta-2,4-dieen
D
methylpentadieen

Slide 8 - Quizvraag

Wat is de juiste naam?
A
ethaanzuur
B
propanol
C
hydroxypropaan
D
propaanzuur

Slide 9 - Quizvraag

Wat is de juiste naam?
A
propaandizuur
B
methaandizuur
C
1,3-propaandiol
D
propaan-1,3-diol

Slide 10 - Quizvraag

Wat is de juiste naam?
A
3-hydroxypropaanzuur
B
2-hydroxybutaanzuur
C
2-hydroxypropaanzuur
D
3-hydroxybutaanzuur

Slide 11 - Quizvraag

Wat is de juiste naam?
A
2-hydroxyethaanzuur
B
2-aminoethaanzuur
C
2-aminoethanol
D
2-aminocarbonzuur

Slide 12 - Quizvraag

Uit welke 2 stoffen
is deze ester
gemaakt?
zuur en alcohol?
zuur was C=O-OH, alcohol was -OH, H2O splitst af...
A
propaan-1-ol en ethaanzuur
B
ethanol en propaanzuur
C
ethanol en ethaanzuur
D
methanol en methaanzuur

Slide 13 - Quizvraag

Wat is de naam
van deze ester?
zuur en alcohol?
zuur was C=O-OH, alcohol was -OH, H2O splitst af...
A
ethylpropanoaat
B
propylethanoaat

Slide 14 - Quizvraag

Uit welke 2 stoffen
is deze triglyceride
gemaakt?
A
glycerol en palmitinezuur
B
glycerol en stearinezuur
C
glycerol en oliezuur
D
glycerol en linolzuur

Slide 15 - Quizvraag

Zet de monomeren in de juiste volgorde van dit polyester.
Wie reageert met wie en in welke volgorde?
polymeer

Slide 16 - Sleepvraag

Uit wat voor ketens bestaan thermoplasten?
A
Lange losse ketens
B
Lange ketens met dwarsverbindingen
C
Korte losse ketens
D
Korte verstrengelde ketens

Slide 17 - Quizvraag

Dit polymeer is een thermoplast ->
A
Juist
B
Onjuist

Slide 18 - Quizvraag

Welke van de volgende aminozuren is een essentiëel aminozuur?
A
Alanine
B
Leucine
C
Serine
D
Glutamine

Slide 19 - Quizvraag


Eiwitten bestaan uit ketens aminozuren. Welke functionele groep(en) zit(ten) altijd in aminozuren?
A
Alleen NH₂ ——
B
NH₂ —— en COOH ——
C
Alleen COOH ——
D
Geen een van beide

Slide 20 - Quizvraag

Hoe wordt de binding tussen aminozuren genoemd?
A
peptidebinding
B
esterbinding
C
aminozuurbinding
D
condensatiebinding

Slide 21 - Quizvraag

een vet of olie met dit vetzuur is...?
A
vloeibaar
B
vast
C
een olie
D
een vet

Slide 22 - Quizvraag

Dit polymeer is
gemaakt uit ...
A
methyletheen
B
but-1-een
C
propeen
D
but-2-een

Slide 23 - Quizvraag

Dit polymeer is
gemaakt met ...
A
additiepolymerisatie
B
condensatiepolymerisatie

Slide 24 - Quizvraag

Dit polymeer is
gemaakt uit .....
A
2-hydroxypropeenzuur
B
3-hydroxypropeenzuur
C
2-hydroxypropaanzuur
D
3-hydroxypropaanzuur

Slide 25 - Quizvraag

Dit polymeer is
gemaakt met .....
A
additiepolymerisatie
B
condensatiepolymerisatie

Slide 26 - Quizvraag