Woordenschat - Nieuwsbegrip (week 37)
Woordenschat - Nieuwsbegrip (week 37)
Deze slide heeft geen instructies
Lesdoel
Ik kan de doelwoorden begrijpen
Ik kan de doelwoorden gebruiken in een voorbeeldzin.
Deze slide heeft geen instructies
Welk doelwoord ken je al of heb je al eens gehoord?
meevallen
zwaar
beschermen
tijdens
het roofdier
de stroom
Gebruik de antwoorden om kort voorkennis te activeren. Vraag eventueel bij enkele woorden om een voorbeeld uit het dagelijks leven.
meevallen
Betekenis: beter zijn dan je had gedacht.
Voorbeeldzin:
De toets viel mee! Hij was niet zo moeilijk.
Noem kort dat 'zwaar' zowel letterlijk als figuurlijk gebruikt kan worden, maar houd op deze slide de nadruk op de letterlijke betekenis.
extra
Betekenis: meer dan normaal, meer dan eerst.
Voorbeeldzin:
Ik wil extra kaas op mijn hamburger.
Noem kort dat 'zwaar' zowel letterlijk als figuurlijk gebruikt kan worden, maar houd op deze slide de nadruk op de letterlijke betekenis.
zwaar
Betekenis: moeilijk
Voorbeeldzin:
40 kilometer hardlopen is erg zwaar.
Noem kort dat 'zwaar' zowel letterlijk als figuurlijk gebruikt kan worden, maar houd op deze slide de nadruk op de letterlijke betekenis.
beschermen
Betekenis: zorgen dat iemand of iets veilig is.
Voorbeeldzin: Een helm beschermt je als je valt.
Benadruk dat 'beschermen' vaak samen gaat met 'tegen': beschermen tegen regen, gevaar, zon of kou.
tijdens
Betekenis: in de tijd van.
Voorbeeldzin:
Tijdens de les schrijven de leerlingen in hun schrift.
Wijs erop dat 'tijdens' een voorzetsel is en vaak gevolgd wordt door een zelfstandig naamwoord, zoals 'tijdens de les' of 'tijdens de vakantie'.
het roofdier
Betekenis: een dier dat andere dieren vangt en opeet.
Voorbeeldzin: De leeuw vangt de zebra.
Maak eventueel het onderscheid met 'prooidier' mondeling, maar houd de slide eenvoudig en woordgericht.
de stroom
Betekenis: de elektriciteit, de kracht waardoor iets werkt
Voorbeeldzin: Door stroom stroom kan ik mijn telefoon opladen.
Noem kort dat 'stroom' twee veelgebruikte betekenissen heeft: water en elektriciteit. De voorbeeldzin gebruikt de betekenis van water.
Welk woord betekent: minder moeilijk dan je dacht?
extra
meevallen
zwaar
tijdens
Controleert de betekenis van meevallen. De andere opties zijn bekende doelwoorden en dus plausibele afleiders.
Welk woord past bij: meer dan normaal?
tijdens
extra
zwaar
meevallen
Controleert of leerlingen de betekenissen van de eerste woorden uit elkaar houden.
Welk woord gebruik je bij: in de tijd dat iets gebeurt?
beschermen
het roofdier
de stroom
tijdens
Laat leerlingen het tijdswoord onderscheiden van de zelfstandige naamwoorden en het werkwoord.
Maak een korte zin met stroom.
Mogelijke goede antwoorden noemen een eigen korte zin met één doelwoord, bijvoorbeeld: 'De tas is zwaar.' of 'Tijdens de les lees ik.' Bespreek mondeling; geen exact antwoord nodig.
Wat betekent het woord 'meevallen'?
kapot gaan
minder erg zijn dan gedacht
heel zwaar zijn
langer duren
Deze slide heeft geen instructies
Welk woord is een synoniem van 'zwaar'?
klein
moeilijk
licht
snel
Deze slide heeft geen instructies
Welk woord is een antoniem van 'extra'?
dubbel
meer
normaal
erbij
Deze slide heeft geen instructies
Wat betekent 'beschermen'?
vergeten
veilig houden
weggooien
openmaken
Deze slide heeft geen instructies
Welk woord lijkt het meest op 'tijdens'?
na
boven
in
voor
Deze slide heeft geen instructies
Wat is een roofdier?
dier in zee
dier dat vliegt
dier dat gras eet
dier dat dieren eet
Deze slide heeft geen instructies
Wat past het best bij het woord 'stroom'?
zon
telefoon
elektriciteit
computer
Deze slide heeft geen instructies
Welk woord is een synoniem van zwaar?
licht
klein
moeilijk
snel
Deze slide heeft geen instructies
Welk woord is een antoniem van zwaar?
licht
klein
makkelijk
snel
Deze slide heeft geen instructies
Vul de woorden in
De toets kan meevallen ,misschien is hij niet zo moeilijk.
Een berg beklimmen is zwaar.
Ik neem een extra broodje mee want ik heb honger.
Een helm kan je hoofd beschermen.
5. Tijdens de les luisteren we goed.
De leeuw is een roofdier.
Door stroom uitval kan ik mijn laptop niet opladen.
Alle zeven doelwoorden komen terug in een bekende, eenvoudige context uit de les.
Welke woorden heb je vandaag geleerd?
Doel is reflectie op leren. Laat leerlingen in eenvoudige taal zeggen welk woord ze nu kennen of begrijpen.
Welk woord was moeilijk voor jou?
Reflectie op moeilijkheid. Mogelijke antwoorden gaan over een lastig woord, betekenis, synoniem of antoniem.
Begrippenlijst
meevallen - beter zijn dan je had gedacht
zwaar - moeilijk
extra - meer dan normaal of meer dan eerst
beschermen - zorgen dat iemand of iets veilig blijft
tijdens - in de tijd dat iets gebeurt
het roofdier - een dier dat andere dieren vangt en opeet
de stroom - bewegend water in een rivier; ook: elektriciteit
Deze slide heeft geen instructies
Deze slide heeft geen instructies