§3.4 Het onderwijs: een wondermiddel? 2023

§3.4
Het onderwijs een wondermiddel?
1 / 36
volgende
Slide 1: Tekstslide
MaatschappijleerMiddelbare schoolvwoLeerjaar 5

In deze les zitten 36 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

§3.4
Het onderwijs een wondermiddel?

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Leerdoelen
Je kunt het stelsel van sociale zekerheid schematisch weergeven en uitleggen hoe dit stelsel bijdraagt aan de verzorgings- en verzekeringsfunctie van de verzorgingsstaat.

Je kunt de historische achtergronden van het stelsel van sociale zekerheid beschrijven, de verschillende gehanteerde functies en uitgangspunten uitleggen en socialezekerheidsregelingen classificeren binnen de stelsels van Bismarck en Beveridge.

Je kunt dilemma’s rond (minimale) overheidszorg herkennen en daarin een onderbouwd standpunt bepalen

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Leerdoel
Je kunt de invoering van de leer- en kwalificatieplicht verklaren aan de hand van de theorie van De Swaan.

Je kunt drie tegenstellingen in de samenleving, die een beroep doen op de verbindende functie van de verzorgingsstaat, benoemen en een standpunt innemen over de wenselijkheid van overheidsbeleid daaromtrent.

Je kunt een standpunt innemen over de manier waarop de verheffende en verbindende functie van de verzorgingsstaat worden ingevuld door het onderwijs.

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat zijn de vier functies van de verzorgingsstaat?

Slide 4 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Sociaal minimum
De hoogte is moeilijk te bepalen. Gaat het hier alleen om eten, drinken en wonen of moeten ook ontspanning en
sociale participatie worden meegenomen?

1065,53 euro per maand alleenstaand 20  jaar
voor een alleenstaande van 21 jaar en ouder: 1378,98 euro per maand

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Dilemma sociaal minimum
Enerzijds moet het sociaal minimum laag genoeg zijn om mensen te motiveren om aan het werk te gaan
Anderzijds moet het hoog genoeg zijn om
van te kunnen leven en deel te kunnen nemen aan de samenleving

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Mensen maken misbruik van uitkeringen. Toch zijn uitkeringen noodzakelijk
Mensen maken misbruik van uitkeringen. Uitkeringen moeten sober gemaakt worden
Bijna niemand maakt misbruik van uitkeringen. Uitkeringen moeten hoger

Slide 7 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wet Werk en Bijstand
Heb je geen baan en geen recht op een andere uitkering dan is er dit vangnet van sociale zekerheid
Gebasseerd op het sociaal minimum (70% min.loon)

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Twee functies verzekering
Minimumbehoeftefunctie
bijv: aow. 
Solidariteitsbeginsel: mensen met een hoger inkomen betalen meer belasting/premie maar ontvangen niet meer uitkering
Loondervingsfunctie
WW (percentage van laatstverdiende loon 70%)
Equivalentiebeginsel: er is sprake van evenredigheid tussen de hoogte van de betaalde premie en de hoogte van de uitkering

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Draagkracht van de leefeenheid
Soms hangt de hoogte van de uitkering af van de samenstelling van het huishouden. 
De gedachte hierachter is dat het niet voordelig moet worden voor mensen om een uitkering te hebben t.o.v werken -> bijstandsuitkering
Bij de WW wordt er gekeken naar individuele rechten en plichten en telt de leefeenheid niet mee

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 11 - Video

Deze slide heeft geen instructies







Garanderen sociale en economische status
 doormiddel van premies









Garanderen van minimuminkomen
doormiddel van belastingen
Bismarckiaans
Beveridgiaans
Voordeel
je inkomen niet meteen drastisch minder wordt als je geen werk meer hebt

Dit is ook een voordeel voor de economie als geheel
Werknemersverzekeringen
Ontstaan eind 19e eeuw toen groepen arbeiders elke week geld bij elkaar legden. Als er dan eens iemand ziek werd dan werd hij uit deze pot doorbetaald. 
Volksverzekeringen
Na WOII kwam het besef dat alle mensen recht zouden moeten heben op sociale zekerheid

Deze verzekeringen, die meestal beginnen met 'algemene', zijn er voor iedereendie in Nederland woont of werkt (Aow: algemene ouderdomswet
AnW: algemente nabestaandenwet, Wlz: wet langdurige zorg)
Voordeel
Het biedt sociale zekerheid aan álle burgers

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Sociale verzekeringen
Volks- en werknemersverzekeringen samen

Werknemers en werkgevers betalen hier samen voor doormiddel van premies (inkomstenbelastingen)

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Sociale voorzieningen
Dit is er voor om ervoor te zorgen dat niemand onder het sociaal minimum zakt
 (Participatiewet, voorheen wet werk en bijstand)
Wordt betaald uit belastingen
Het sociale vangnet
voorbeelden
Participatiewet, Wajong, IOAW, IOW, IOAZ, TW

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Financiering sociale zekerheid
Omslagstelsel
Premies en belastingen die mensen nu betalen worden gebruikt voor uitkeringen die nu worden verstrekt
Dit is het systeem dat Nederland hanteert
Kapitaaldekkingsstelsel
Premies die mensen nu betalen worden gespaard voor de toekomst. De werkenden betalen dus voor hun eigen toekomstige uitkering

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Nederland vergrijst. Wat is de consequentie voor jou van het systeem van financiering?

Slide 17 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Ik vind naar school gaan leuk
A
helemaal mee eens
B
mee eens
C
mee oneens
D
helemaal mee oneens

Slide 18 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Waarom hebben we onderwijs?

Slide 19 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

burgerschapsonderwijs
basis- en middelbare scholen zijn verplicht om hun leerlingen 'burgerschap' bij te brengen. Maar wat dit precies is staat nauwelijks omschreven in de wet
Maatschappelijk vormende functie
(progressief en conservatieve opvatting)

Kwalificerende functie
Conservatief: gaat om socialiseren. De docent is de deskundige die de leerlingen vertelt wat ze moeten leren.
Progressief: individualiseren. De leerling helpen ontplooien tot de mens die zij/hij wil zijn.

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wanneer ben je volgens jou een 'goede burger'

Slide 21 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Ik vind dat ze school niet verplicht zouden moeten stellen
A
helemaal mee eens
B
mee eens
C
mee oneens
D
helemaal mee oneens

Slide 22 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Zonder startkwalificatie (diploma) zou je naar school moeten tot je 21e jaar
A
eens
B
oneens

Slide 23 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 24 - Link

alleen laten zien als er genoeg tijd is, anders volstaat wel tot min 6.10 krijg je het beeld van de discussie wel
ik ben het eens met het besluit van de rechter
A
ja
B
nee

Slide 25 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

hervorming van het onderwijs is noodzakelijk
A
eens
B
oneens

Slide 26 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

De Swaan
Door industrialisering kregen fabrieken meer behoefte aan geschoold personeel. Het werk werd namelijk ingewikkelder
 zodat lezen en schrijven een must werd.
(fordisme)


De verzorgingsstaat is volgens de theorie van De Swaan te verklaren vanuit zelfbehoud van de elite.
leerplicht
vanaf 1901 geldt in Nederland de leerplicht die stelt dat kinderen vanaf 6 jaar tot 12 onderwijs moeten volgen
zie ook de vorige lessonup voor een uitgebreidere behandeling van De Swaan. Onder andere: interdepententie, externe effecten en collectieve actieprobleem

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Functies verzorgingsstaat
1) verheffen (tegengaan sociale ongelijkheid door onderwijs)
2) verbinden (sociale cohesie)
verzorgen en verzekeren zijn ook functies van de verzorgingsstaat maar worden niet direct met onderwijs nagestreefd

Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Sociale tegenstellingen
ARM/ RIJK
JONG/OUD
MAN/VROUW
MIGRATIEACHTERGROND
JA/NEE

Slide 29 - Tekstslide

Sociale tegenstellingen zorgen voor sociale ongelijkheid en dat wordt duidelijk in de kansen die mensen krijgen binnen de samenleving

Slide 30 - Video

Deze slide heeft geen instructies

de verzorgingsstaat faalt als het verschil arm rijk nooit verdwijnt
A
eens
B
oneens

Slide 31 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 32 - Link

Deze slide heeft geen instructies

Slide 33 - Link

Deze slide heeft geen instructies

Heeft de verheffende functie van het onderwijs wel zin als je vervolgens geen baan krijgt?
A
ja
B
nee

Slide 34 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Functies verzorgingsstaat
1) verheffen (tegengaan sociale ongelijkheid)
2) verbinden (sociale cohesie)
3) verzorgen (zorg)
4) verzekeren (sociaal vanget)

Slide 35 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Maken
Zie planner

Slide 36 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies