De Gouden Eeuw

De Gouden Eeuw

1 / 16
volgende
Slide 1: Tekstslide
Mens & MaatschappijMiddelbare schoolvmbo bLeerjaar 2

In deze les zitten 16 slides, met tekstslides en 3 videos.

Onderdelen in deze les

De Gouden Eeuw

Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Tekstslide

Slide 3 - Tekstslide

De Gouden Eeuw
De 17e eeuw
Dat is dus van 1600-1700

Slide 4 - Tekstslide









In de Gouden Eeuw komt 
er meer bevolking in de Republiek

Slide 5 - Tekstslide

Slide 6 - Tekstslide

Slide 7 - Tekstslide

Meer bevolking betekent ook:
  • Meer ruimte nodig voor huizen, in bijvoorbeeld Amsterdam: uitbreiding met drie brede grachten met grote woonhuizen er langs

  • Meer voedsel nodig: inpolderen en droogmaken van meren, zoals de Beemster en de Wormer (zorgt ook voor minder overstromingen)

Slide 8 - Tekstslide

De molengang, uitgevonden door Simon Stevin.
Gebruikt door Jan Adriaanszoon Leeghwater voor het droogleggen van de Beemster

Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Video

Rijk...

  • Regenten (rijke bestuurders), kooplieden en handelaren

  • Woonden in grote grachtenpanden ('De Gouden Bocht') in Amsterdam of in grote buitenhuizen (aan de Vecht)

Slide 11 - Tekstslide

Video
De groei van de Grachtengordel

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Video

Slide 14 - Video

...en arm
  • Ambachtslieden en winkeliers: er hoefde maar iets te gebeuren, waardoor ze in de problemen kwamen. Bijvoorbeeld: stijging van broodprijzen

  • Meer dan de helft van de inwoners van Amsterdam hadden geen vast werk en/of inkomen

  • In het oosten en noorden van Nederland kwam er nog veel meer armoede voor: mensen leefden vooral als 'kleine' boer. Voor hen leverde de handel niet zo veel op. 

Slide 15 - Tekstslide

Armenzorg
  • Ongeveer 15% van de Amsterdamse bevolking leefde van de armenzorg

  • Armenzorg, via: kerk, gilde, de stad en soms rijken

  • Rasphuis: soort gevangenis waarin je tucht (=discipline en gehoorzaamheid) werd bijgebracht, door hard te werken

Slide 16 - Tekstslide